Wie begin 2022 de volle 990 euro voor pensioensparen stortte, waarvan u via een belastingvermindering 297 euro kunt terugkrijgen bij de afrekening van de personenbelasting van volgend jaar, houdt daar op het einde van 2022 nog maar gemiddeld 836,55 euro van over. Dat is de consequentie van een negatief jaarrendement van 15,5 procent. We moeten terug naar 2008 voor een slechtere prestatie: toen verloor het gemiddelde Belgische pensioenspaarfonds 24 procent van zijn waarde.
...

Wie begin 2022 de volle 990 euro voor pensioensparen stortte, waarvan u via een belastingvermindering 297 euro kunt terugkrijgen bij de afrekening van de personenbelasting van volgend jaar, houdt daar op het einde van 2022 nog maar gemiddeld 836,55 euro van over. Dat is de consequentie van een negatief jaarrendement van 15,5 procent. We moeten terug naar 2008 voor een slechtere prestatie: toen verloor het gemiddelde Belgische pensioenspaarfonds 24 procent van zijn waarde.Daar stopt het slechte nieuws niet. Ook de stortingen die de doorsnee pensioenspaarder begin 2021 of begin 2020 deed, staan nog onder water, want de gemiddelde rendementen op twee jaar (-2,6%) en op drie jaar (-1,3%) van de pensioenspaarfondsen zijn negatief. Op vijf jaar en op tien jaar is er wel geld verdiend en uiteindelijk gaat het om de lange termijn bij een product zoals pensioensparen. Het is bij voorkeur geld dat u opzij zet van zodra u begint te werken en belastingen betaalt tot u met pensioen gaat, want anders geeft u een groot cadeau aan de Belgische fiscus met een belasting die kan oplopen tot meer dan 33 procent.Storten aan het begin van het jaar valt doorgaans aan te raden, behalve wanneer u zestig jaar wordt, dan wacht u beter tot na uw verjaardag met storten. Daar zijn twee redenen voor. Ten eerste eindigen de beurzen het jaar vaker met winst dan met verlies. Sinds de start in december 1990 zijn er twintig positieve versus twaalf negatieve jaren gepasseerd voor de Bel-20, de index die de prestaties van belangrijke Belgische aandelen weerspiegelt. Als u een glazen bol heeft, dan kunt u natuurlijk in de negatieve jaren beter aan het einde van het jaar storten. Maar de markten perfect timen is voor gewone stervelingen niet mogelijk en dus vertrouwt u beter op historische statistieken. Ten tweede kan het effect van de samengestelde intrest, rente op rente op rente, sneller beginnen spelen naarmate u sneller stort. Dat is zeker zo bij pensioenspaarverzekeringen die een vaste rente garanderen. Wie pas aan het einde van het jaar stort, mist namelijk een jaar rente.Daarnaast is er nog een belastingtechnisch dingetje. In ruil voor alle belastingverminderingen komt de fiscus op uw zestigste verjaardag langs om belasting uit uw pensioenspaarvarken te halen. Het belastingtarief is 8 procent, maar het kapitaal dat wordt belast, is niet het werkelijk bijeen gespaarde kapitaal. Bij tak21-pensioenspaarverzekeringen worden pensioenspaarders belast op de gegarandeerde rente die ze over de looptijd van het contract hebben geïnd. Eventuele winstdeelnames zijn belastingvrij. Bij pensioenspaarfondsen houdt de fiscus rekening met een fictief forfaitair jaarlijks rendement van 4,75 procent als basis voor de berekening van de belasting die u op uw zestigste moet betalen. Haalt uw fonds gemiddeld meer jaarrendement, dan is dat extra rendement belastingvrij. Maar als u pas aan het einde van het jaar stort, heeft u voor dat jaar geen rendement (niet positief of niet negatief).De oorlog in Oekraïne zorgde voor een slecht begin van 2022, maar meer nog speelden de renteverhogingen van de centrale banken de pensioenspaarders in 2022 parten. Sinds de start van het pensioensparen zoals we het vandaag kennen is de Belgische tienjaarsrente eigenlijk alleen maar gedaald, zelfs tot onder nul in 2020. In 2021 heeft de rente wat verder gekabbeld, maar in 2022 is ze sterk beginnen te stijgen tot een eindje boven 3 procent vandaag. Het is geleden van 2012 dat de Belgische overheid nog zoveel rente moest betalen op haar obligaties om grote beleggers te overtuigen die obligaties te kopen. Het ziet ernaar uit dat de centrale banken het tempo van hun renteverhogingen wat zullen vertragen, maar nog lang niet klaar zijn met renteverhogingen. Die tegenwind zullen pensioenspaarders in 2023 zeker nog voelen. Voorspellingen voor het beursjaar 2023 laten we graag aan onze collega Danny Reweghs van Inside Beleggen over. Het beursjaar 2023 zal gemaakt of gekraakt worden in het voorjaar. Daarom is het vooral uitkijken naar de bedrijfsresultaten over het vierde kwartaal van 2022 en het eerste kwartaal van 2023. Als er na een rente- en inflatieschok ook een resultatenschok volgt, dan zullen beleggers afhaken, volgens Danny Reweghs. Het zijn de meevallende bedrijfsresultaten die ervoor gezorgd hebben dat 2022 een slecht, maar geen rampjaar op de beurzen is geworden.