Dat meldt Vlaams minister van Energie Zuhal Demir.

Volgens de N-VA-minister heeft de sector geen goedkeuring gekregen om de prijs van stookolie op te trekken ter compensatie van de kosten. De sector moet eerst de eigen reserves gebruiken.

Minister Demir roept de sector op om het fonds snel operationeel te maken zodat gedupeerden een vergoeding kunnen vragen.

Lekkende tanks

Het dossier is niet nieuw en de discussie sleept al langer aan. Vlaanderen alleen telt tussen de 6.000 en 9.500 lekkende stookolietanks bij particulieren. Het saneren van die verontreinigde bodems is een dure zaak.

Om een oplossing te vinden, zijn er al jaren gesprekken over de oprichting van een bodemsaneringsfonds. Afgelopen zomer heeft de vzw Promaz, met daarin de vertegenwoordigers van de oliesector, een erkenningsaanvraag ingediend. Sinds begin december is het fonds officieel erkend.

'Jarenlang was het, tot ergernis van zowat iedereen, wachten op een officiële erkenningsaanvraag door de stookoliesector. Wat onmogelijk leek, is nu eindelijk realiteit', zegt Vlaams minister van Omgeving Zuhal Demir.

De N-VA-minister vraagt nu aan de sector om het fonds echt uit de startblokken te laten schieten. 'Dit betekent dat mensen die geconfronteerd werden met dergelijke verontreiniging zich snel bij de vzw Promaz moeten kunnen aanmelden', aldus Demir.

'Geen financiële bijdrage van burger'

Eerder had de sector aangekondigd dat stookolie duurder zou worden om het fonds te kunnen spijzen, maar daar was Vlaanderen het niet mee eens. Volgens Demir moet de sector eerst de eigen reserves aanboren. Zo zit er volgens Demir nog een overschot van zo'n 120 miljoen euro in het soortgelijke fonds voor verontreiniging door tankstations (BOFAS).

'Er wordt van de burger dus op dit moment geen financiële bijdrage gevraagd bij aankoop van stookolie', klinkt het.

Dat meldt Vlaams minister van Energie Zuhal Demir.Volgens de N-VA-minister heeft de sector geen goedkeuring gekregen om de prijs van stookolie op te trekken ter compensatie van de kosten. De sector moet eerst de eigen reserves gebruiken. Minister Demir roept de sector op om het fonds snel operationeel te maken zodat gedupeerden een vergoeding kunnen vragen.Het dossier is niet nieuw en de discussie sleept al langer aan. Vlaanderen alleen telt tussen de 6.000 en 9.500 lekkende stookolietanks bij particulieren. Het saneren van die verontreinigde bodems is een dure zaak. Om een oplossing te vinden, zijn er al jaren gesprekken over de oprichting van een bodemsaneringsfonds. Afgelopen zomer heeft de vzw Promaz, met daarin de vertegenwoordigers van de oliesector, een erkenningsaanvraag ingediend. Sinds begin december is het fonds officieel erkend.'Jarenlang was het, tot ergernis van zowat iedereen, wachten op een officiële erkenningsaanvraag door de stookoliesector. Wat onmogelijk leek, is nu eindelijk realiteit', zegt Vlaams minister van Omgeving Zuhal Demir. De N-VA-minister vraagt nu aan de sector om het fonds echt uit de startblokken te laten schieten. 'Dit betekent dat mensen die geconfronteerd werden met dergelijke verontreiniging zich snel bij de vzw Promaz moeten kunnen aanmelden', aldus Demir. Eerder had de sector aangekondigd dat stookolie duurder zou worden om het fonds te kunnen spijzen, maar daar was Vlaanderen het niet mee eens. Volgens Demir moet de sector eerst de eigen reserves aanboren. Zo zit er volgens Demir nog een overschot van zo'n 120 miljoen euro in het soortgelijke fonds voor verontreiniging door tankstations (BOFAS). 'Er wordt van de burger dus op dit moment geen financiële bijdrage gevraagd bij aankoop van stookolie', klinkt het.