Stel, je sloot in 2009 een woonkrediet van 200.000 euro af met een looptijd van 20 jaar. Je koos voor een formule met constante mensualiteiten. De vaste rentevoet bedraagt 4%. Daardoor betaal je maandelijks 1.204,44 euro aan interesten en kapitaal terug.

Vandaag, zes jaar later, heb je een spaarpot van 30.000 euro bij elkaar gespaard. Dat bedrag plaats je op een spaarrekening die momenteel 0,6% interest op jaarbasis opbrengt. Als we - voor de eenvoud - ervan uitgaan dat de rente ongewijzigd blijft, dan groeit je kapitaal gedurende de resterende 14 jaar uit tot 32.620,68 euro.

Vervroegde terugbetaling

Gebruik je de 30.000 euro liever om een gedeelte van je woonkrediet vervroegd terug te betalen? In dat geval daalt de maandelijkse aflossing (tegen dezelfde voorwaarden van het oude krediet) met 232,44 euro tot 972 euro. Over de resterende looptijd van 14 jaar bespaar je zo maar liefst 39.050,12 euro.

Wanneer je het bespaarde bedrag van 232,44 euro bovendien elke maand op een spaarboekje plaatst, dan heb je - bij een vaste rentevoet van 0,6% - na 14 jaar zelfs 40.742,10 euro bij elkaar gespaard. Dat is 8.121,42 euro méér dan in het scenario waarbij je je lening niet vervroegd zou terugbetalen.

Weet wel dat je, bij de omzetting van een oude lening in een nieuwe, je een wederbeleggingsvergoeding moet betalen. Die komt overeen met drie maanden interest op het vervroegd terugbetaalde gedeelte (dus 30.000 euro): goed voor 294,64 euro. De uiteindelijke winst bij een vervroegde terugbetaling bedraagt dan 7.826,78 euro.

Welk scenario kies je?

Betekent dit nu dat het altijd voordeliger is om een woonkrediet vervroegd af te betalen met je spaargeld? Neen. De situatie kan namelijk verschillen naargelang (de evolutie van) de rentevoeten van het krediet en het spaarboekje, het nog af te lossen bedrag, het spaarvolume, de resterende looptijd en de fiscaliteit.

De werkelijkheid is dus iets complexer dan weergegeven in bovenstaand voorbeeld. Toch is de berekening een goede denkoefening die iedereen met een lopend krediet en een spaarboekje regelmatig moet maken. Vraag daarom aan je bankier om een simulatie te maken die ook rekening houdt met je persoonlijke situatie.

Stel, je sloot in 2009 een woonkrediet van 200.000 euro af met een looptijd van 20 jaar. Je koos voor een formule met constante mensualiteiten. De vaste rentevoet bedraagt 4%. Daardoor betaal je maandelijks 1.204,44 euro aan interesten en kapitaal terug. Vandaag, zes jaar later, heb je een spaarpot van 30.000 euro bij elkaar gespaard. Dat bedrag plaats je op een spaarrekening die momenteel 0,6% interest op jaarbasis opbrengt. Als we - voor de eenvoud - ervan uitgaan dat de rente ongewijzigd blijft, dan groeit je kapitaal gedurende de resterende 14 jaar uit tot 32.620,68 euro. Gebruik je de 30.000 euro liever om een gedeelte van je woonkrediet vervroegd terug te betalen? In dat geval daalt de maandelijkse aflossing (tegen dezelfde voorwaarden van het oude krediet) met 232,44 euro tot 972 euro. Over de resterende looptijd van 14 jaar bespaar je zo maar liefst 39.050,12 euro. Wanneer je het bespaarde bedrag van 232,44 euro bovendien elke maand op een spaarboekje plaatst, dan heb je - bij een vaste rentevoet van 0,6% - na 14 jaar zelfs 40.742,10 euro bij elkaar gespaard. Dat is 8.121,42 euro méér dan in het scenario waarbij je je lening niet vervroegd zou terugbetalen. Weet wel dat je, bij de omzetting van een oude lening in een nieuwe, je een wederbeleggingsvergoeding moet betalen. Die komt overeen met drie maanden interest op het vervroegd terugbetaalde gedeelte (dus 30.000 euro): goed voor 294,64 euro. De uiteindelijke winst bij een vervroegde terugbetaling bedraagt dan 7.826,78 euro. Betekent dit nu dat het altijd voordeliger is om een woonkrediet vervroegd af te betalen met je spaargeld? Neen. De situatie kan namelijk verschillen naargelang (de evolutie van) de rentevoeten van het krediet en het spaarboekje, het nog af te lossen bedrag, het spaarvolume, de resterende looptijd en de fiscaliteit. De werkelijkheid is dus iets complexer dan weergegeven in bovenstaand voorbeeld. Toch is de berekening een goede denkoefening die iedereen met een lopend krediet en een spaarboekje regelmatig moet maken. Vraag daarom aan je bankier om een simulatie te maken die ook rekening houdt met je persoonlijke situatie.