Op 1 januari 2019 treedt het nieuwe huurdecreet in werking. Dat decreet is de bundeling van spelregels tussen huurders en verhuurders. Sinds de zesde staatshervorming is die bevoegdheid naar de gewesten overgeheveld. Het nieuwe decreet moet de belangen van huurders en verhuurders verzoenen.

Een van de meest besproken elementen uit de nieuwe regels is het optrekken van de huurwaarborg van twee naar drie maanden. Ter compensatie zouden huurders bij het Vlaams Woningfonds een anonieme en renteloze huurwaarborglening kunnen vragen. Maar daar knelt het schoentje. 'Op de website van het Vlaams Woningfonds, die de huurwaarborgleningen moet verstrekken, is over die huurwaarborglening nog steeds geen woord terug te vinden', zegt Joy Verstichele, woordvoerder van de huurdersbonden.

Een huurwaarborglening kan op twee manieren aangevraagd worden. Ofwel door op voorhand een principiële goedkeuring te vragen die drie maanden geldig blijft ofwel door de lening aan te vragen op het moment dat je een huurwoning hebt gevonden. Verstichele: 'We naderen nu al december en er zijn nog steeds geen aanvragen tot principiële goedkeuring mogelijk. Het zou logisch zijn om de huurwaarborg pas op te trekken ten vroegste drie maanden na de inwerkingtreding van de huurwaarborglening. Die timing kan nu al onmogelijk gehaald worden.'

Uitstel

De huurdersbonden vrezen dat de huurwaarborglening ook begin 2019 nog niet operationeel zal zijn en vragen om het optrekken van de huurwaarborg uit te stellen.

'Het verhogen van de huurwaarborg zorgt hoe dan ook voor een nog moeilijkere toegang tot de huurmarkt. Als nu ook nog eens blijkt dat de huurwaarborglening niet tijdig klaar is, dan moet de Vlaamse regering het optrekken van de huurwaarborg uitstellen. Meer nog, ze moet zichzelf opnieuw de vraag durven stellen of het optrekken van de huurwaarborg wel opportuun is tijdens deze wooncrisis', besluit Verstichele.