'Wie al heeft, krijgt nog meer', zegt het Mattheüs-effect. En het blijkt anno 2018 ook te kloppen voor allerhande soorten woonsubsidies, stelt Steunpunt Wonen vast. Die onderzoeksgroep heeft verschillende woonsubsidies van de Vlaamse overheid onder de loep genomen, gaande van sociale huur via huurpremies en de woonbonus tot renovatie- en verbeteringspremies, en evalueerde naar welke groepen die subsidies in 2018 gegaan zijn. Daarnaast heeft de groep ook de evolutie van de subsidies sinds 2008 onderzocht.

Vooral fiscale voordelen leiden tot het Mattheüs-effect: 70 procent van dergelijke voordelen belandt namelijk bij 40 procent van de hoogste inkomens. Van het volledige totaalbedrag aan woonsubsidies gaat iets meer dan de helft, 53 procent, ook naar de 40 procent hoogste inkomens. Verwacht wordt dat de afschaffing van de woonbonus er wel voor zal zorgen dat de scheeftrekking op middellange termijn wordt tenietgedaan.

Subsidies voor sociale huisvesting zijn sinds 2013 met 9 procent toegenomen. De gemiddelde huurprijs voor sociale huisvesting is in de periode 2013-2018 ongeveer gelijk gebleven, terwijl de markthuurwaarde wel gestegen is, en waarschijnlijk ook zal blijven toenemen, door de impact van nieuwbouw en renovatie in deze sector.

De gemiddelde huursubsidie in 2018 blijkt dan weer 16 procent lager te liggen dan in 2013. Die daling is bovendien het meest uitgesproken bij de groep van alleenstaanden en jongeren. Het gevolg is dat de gemiddelde nettohuur met 23 procent gestegen tussen 2013 en 2018, en dat kan de betaalbaarheid van de huur natuurlijk in het gedrang brengen.

'Wie al heeft, krijgt nog meer', zegt het Mattheüs-effect. En het blijkt anno 2018 ook te kloppen voor allerhande soorten woonsubsidies, stelt Steunpunt Wonen vast. Die onderzoeksgroep heeft verschillende woonsubsidies van de Vlaamse overheid onder de loep genomen, gaande van sociale huur via huurpremies en de woonbonus tot renovatie- en verbeteringspremies, en evalueerde naar welke groepen die subsidies in 2018 gegaan zijn. Daarnaast heeft de groep ook de evolutie van de subsidies sinds 2008 onderzocht.Vooral fiscale voordelen leiden tot het Mattheüs-effect: 70 procent van dergelijke voordelen belandt namelijk bij 40 procent van de hoogste inkomens. Van het volledige totaalbedrag aan woonsubsidies gaat iets meer dan de helft, 53 procent, ook naar de 40 procent hoogste inkomens. Verwacht wordt dat de afschaffing van de woonbonus er wel voor zal zorgen dat de scheeftrekking op middellange termijn wordt tenietgedaan.Subsidies voor sociale huisvesting zijn sinds 2013 met 9 procent toegenomen. De gemiddelde huurprijs voor sociale huisvesting is in de periode 2013-2018 ongeveer gelijk gebleven, terwijl de markthuurwaarde wel gestegen is, en waarschijnlijk ook zal blijven toenemen, door de impact van nieuwbouw en renovatie in deze sector.De gemiddelde huursubsidie in 2018 blijkt dan weer 16 procent lager te liggen dan in 2013. Die daling is bovendien het meest uitgesproken bij de groep van alleenstaanden en jongeren. Het gevolg is dat de gemiddelde nettohuur met 23 procent gestegen tussen 2013 en 2018, en dat kan de betaalbaarheid van de huur natuurlijk in het gedrang brengen.