Er is een belangrijk juridisch verschil tussen gewoon samenwonen en wettelijk samenwonen. Wettelijk samenwonen betekent dat twee partners een verklaring afleggen op het gemeentehuis van de gemeenschappelijke woonplaats. Partners die feitelijk samenwonen, kunnen we het best omschrijven als samenwonende partners die niet gehuwd zijn en geen verklaring van wettelijk samenwonen hebben afgelegd.

Beperkt erfrecht voor wettelijk samenwoners

Wettelijk samenwonenden hebben slechts een beperkt erfrecht, in tegenstelling tot gehuwden. Zij erven immers slechts automatisch het vruchtgebruik op de gezinswoning en de huisraad van elkaar. Houd er rekening mee dat dit wettelijke erfrecht voor je partner dus beperkt is tot het vruchtgebruik op je aandeel in de gezinswoning en de inboedel. De blote eigendom en ook de andere bezittingen gaan dan naar je andere erfgenamen, bijvoorbeeld je kinderen. Uiteraard mag je dit beperkte erfrecht wel uitbreiden door toch een testament op te maken.

Let wel, dit erfrecht voor wettelijk samenwonenden is geen reservatair erfrecht. Concreet betekent dit dat de ene partner een testament maakt waarin hij zijn volledige erfenis - met inbegrip van de gezinswoning - aan iemand anders geeft. Wettelijk samenwonende partners kunnen elkaar dus onterven. Houd er verder ook rekening mee dat dit erfrecht verdwijnt vanaf het moment waarop de samenwoning stopt.

Geen erfrecht voor feitelijke samenwoners

De feitelijk samenwonenden erven nooit automatisch van elkaar! Zij moeten dus nog altijd een testament opmaken om iets te erven van elkaar. Dat laatste wordt heel vaak vergeten, wat tot absurde situaties leidt als één van de partners plots overlijdt. Kortom, samenwoners stellen best vanaf het begin een testament op waarin ze bijvoorbeeld de gezinswoning nalaten aan hun partner. Dat kan via een notarieel testament maar een testament dat (1) eigenhandig geschreven is, (2) gedagtekend en (3) ondertekend is volstaat.