Zelfstandigen die hun beroep uitoefenen onder de vorm van een eenmanszaak, kunnen hun hoofdverblijfplaats onder bepaalde voorwaarden onvatbaar voor beslag laten verklaren. Dit betekent concreet dat schuldeisers geen aanspraak kunnen maken op de woning om hun schuldvorderingen te innen.

Deze bescherming geldt alleen maar voor beroepsschulden - bijvoorbeeld uit hoofde van de professionele aansprakelijkheid, contractuele schulden tegenover leveranciers, schulden bij banken, schulden aan de RSZ of btw,... - en niet voor privéschulden of schulden van gemengde aard (gemengd professioneel en privé).

Voor welke woning?

De beschermingsregeling geldt niet voor alle woningen, bouwgronden en/of appartementen die de zelfstandige heeft. Ze geldt enkel voor de hoofdverblijfplaats. Dit is meer bepaald het onroerend goed waar de zelfstandige met zijn gezin (of als alleenstaande) het grootste deel van het jaar daadwerkelijk verblijft. Het is dus niet noodzakelijk de woning waar hij gedomicilieerd is (de zogenaamde wettelijke woonplaats), maar meestal vallen deze wel samen.

Verklaring voor notaris

Om zijn privé-woning te beschermen tegen schuldeisers, moet de zelfstandige een verklaring van onbeslagbaarheid afleggen bij een notaris naar zijn keuze. Deze verklaring moet een gedetailleerde beschrijving geven van de woning en van de rechten die de zelfstandige op de woning bezit.

Deze verklaring wordt vervolgens ingeschreven in het daartoe bestemde register op het hypotheekkantoor van het arrondissement waar de woning is gelegen. Aan de notaris moet een ereloon van 500 euro worden betaald voor de opstelling van de verklaring.

Als de zelfstandige getrouwd is, kan de notaris de verklaring enkel verlijden nadat hij de instemming van de partner van de zelfstandige heeft gekregen.

Zodra de verklaring is afgelegd kunnen schuldeisers geen beslag meer leggen op de woning. Een zelfstandige kan zijn privé-woning dus niet beschermen tegen schuldeisers waarvan de vordering dateert van vóór de inschrijving van de verklaring in het register.

Verkoop woning

Ook als de woning waarop de bescherming slaat wordt verkocht, blijft de bescherming gelden. In dat geval wordt de ontvangen verkoopsom onbeslagbaar, althans wanneer de zelfstandige deze som binnen één jaar herbelegt in een nieuwe hoofdverblijfplaats. Deze termijn van één jaar begint te lopen vanaf de datum van de authentieke verkoopakte.

Einde van bescherming

De bescherming eindigt wanneer de zelfstandige vrijwillig bij zijn notaris afstand doet van zijn verklaring van onbeslagbaarheid. De bescherming wordt dan geacht nooit te hebben bestaan en de opzegging geldt ten aanzien van alle schuldeisers.

Als de zelfstandige van statuut verandert en werknemer of ambtenaar wordt, verliest hij eveneens de bescherming van zijn privé-woning tegen schulden aangegaan na de verandering van statuut. Als de zelfstandige overlijdt, dan wordt de beschermde privé-woning terug een 'gewone' woning. (JS)

Zelfstandigen die hun beroep uitoefenen onder de vorm van een eenmanszaak, kunnen hun hoofdverblijfplaats onder bepaalde voorwaarden onvatbaar voor beslag laten verklaren. Dit betekent concreet dat schuldeisers geen aanspraak kunnen maken op de woning om hun schuldvorderingen te innen. Deze bescherming geldt alleen maar voor beroepsschulden - bijvoorbeeld uit hoofde van de professionele aansprakelijkheid, contractuele schulden tegenover leveranciers, schulden bij banken, schulden aan de RSZ of btw,... - en niet voor privéschulden of schulden van gemengde aard (gemengd professioneel en privé).De beschermingsregeling geldt niet voor alle woningen, bouwgronden en/of appartementen die de zelfstandige heeft. Ze geldt enkel voor de hoofdverblijfplaats. Dit is meer bepaald het onroerend goed waar de zelfstandige met zijn gezin (of als alleenstaande) het grootste deel van het jaar daadwerkelijk verblijft. Het is dus niet noodzakelijk de woning waar hij gedomicilieerd is (de zogenaamde wettelijke woonplaats), maar meestal vallen deze wel samen. Om zijn privé-woning te beschermen tegen schuldeisers, moet de zelfstandige een verklaring van onbeslagbaarheid afleggen bij een notaris naar zijn keuze. Deze verklaring moet een gedetailleerde beschrijving geven van de woning en van de rechten die de zelfstandige op de woning bezit. Deze verklaring wordt vervolgens ingeschreven in het daartoe bestemde register op het hypotheekkantoor van het arrondissement waar de woning is gelegen. Aan de notaris moet een ereloon van 500 euro worden betaald voor de opstelling van de verklaring. Als de zelfstandige getrouwd is, kan de notaris de verklaring enkel verlijden nadat hij de instemming van de partner van de zelfstandige heeft gekregen. Zodra de verklaring is afgelegd kunnen schuldeisers geen beslag meer leggen op de woning. Een zelfstandige kan zijn privé-woning dus niet beschermen tegen schuldeisers waarvan de vordering dateert van vóór de inschrijving van de verklaring in het register. Ook als de woning waarop de bescherming slaat wordt verkocht, blijft de bescherming gelden. In dat geval wordt de ontvangen verkoopsom onbeslagbaar, althans wanneer de zelfstandige deze som binnen één jaar herbelegt in een nieuwe hoofdverblijfplaats. Deze termijn van één jaar begint te lopen vanaf de datum van de authentieke verkoopakte. De bescherming eindigt wanneer de zelfstandige vrijwillig bij zijn notaris afstand doet van zijn verklaring van onbeslagbaarheid. De bescherming wordt dan geacht nooit te hebben bestaan en de opzegging geldt ten aanzien van alle schuldeisers. Als de zelfstandige van statuut verandert en werknemer of ambtenaar wordt, verliest hij eveneens de bescherming van zijn privé-woning tegen schulden aangegaan na de verandering van statuut. Als de zelfstandige overlijdt, dan wordt de beschermde privé-woning terug een 'gewone' woning. (JS)