Gaan millennials anders met geld om dan babyboomers? We laten de jongelui graag zelf aan het woord. Anneleen Vanlommel inspireert organisaties over customerexperience, employee-engagement en productiviteit.
...

Vorige week vertrok ik op vakantie. Niet wetend hoe ik aan mijn bagage moest beginnen, nam ik er een weerapp bij. Malaga: stralende zon, heldere hemel, dag in dag uit, negen dagen lang. Met een gemiddelde temperatuur van 29 graden. Heerlijk! Nog voor ik het goed en wel doorhad, was ik opnieuw geswitcht naar het weekoverzicht voor mijn eigen woonplaats. Beauvechain: regen met pijpenstelen, grijze hemel, dag in dag uit, negen dagen lang. Ai, ai, ai. Maar eigenlijk ook weer niet. Want tot mijn scha en schande maakte ik intern een kleine vreugdesprong bij die vaststelling. Schadenfreude heet dat in het Duits. Plezier halen uit de tegenslag van een ander. Die term is enkel van toepassing wanneer je zelf niets te maken hebt met die tegenslag. Anders valt de vreugde in een iets minder onschuldige categorie onder te brengen.Ik ben niet bijzonder trots op die reactie. Maar ik ben niet de enige die zo reageert. Het is een menselijk gegeven: we laten ons geluk wel vaker afhangen van de vergelijking met een ander. Denk je even de volgende situaties in: 1) Je netto maandelijkse loon bedraagt 3000 euro en je naaste collega's verdienen om en bij de 2500 euro netto. 2) Je netto maandelijkse verloning bedraagt 3500 euro en je naaste collega's verdienen om en bij de 4000 euro netto. Kies nu de situatie waarin jij je het liefst bevindt. Ik geef het je op een blaadje: de meerderheid verkiest de eerste situatie. Nochtans zou de Italiaanse econoom Vilfredo Pareto situatie 2 als de optimale naar voren schuiven. Hij is de grondlegger van de welvaartstheorie en introduceerde het Pareto-optimum. Een Pareto-optimale situatie is een toestand waar niemand in een groep erop vooruit kan gaan zonder dat iemand anders erop achteruit gaat. In situatie 2 verdien je maandelijks zo'n 500 euro meer en je collega's zijn opeens ook een pak kapitaalkrachtiger. Geen verliezers, alleen winnaars. Pareto-op timaal dus. Dat de meerderheid kiest voor een lager loon dat wel hoger is dan het loon van de collega's, gaat verder dan enkel mijn buikgevoel. Menig onderzoeker heeft zich daar de voorbije dertig jaar over gebogen. Een leesbaar onderzoek dat er dieper op ingaat, is Is more always better? A survey on positional concerns van Sara J. Solnick en David Hemenway, dat in 1997 verscheen in The Journal of Economic Behavior & Organization. De conclusie: het relatieve inkomensniveau heeft een impact op ons geluksniveau, niet het absolute inkomensniveau. Kortom: hoeveel geld iemand verdient, zegt niks over zijn tevredenheid. Wat wel een invloed heeft op iemands geluksniveau, is hoeveel hij of zij verdient in vergelijking met zijn of haar vrienden en collega's. De standaardvraag die recruiters keer op keer stellen over de loonsverwachtingen van potentiële nieuwe medewerkers, is bij deze overbodig geworden. Het antwoord is al bekend: "een tikkeltje meer dan mijn collega's". Dat we als mens vaak kuddegedrag vertonen, is al langer duidelijk. We vergelijken ons constant met de rest van de kudde en laten ons geluk afhangen van dat referentiepunt. En dat referentiepunt is geen vast gegeven. Ieder van ons maakt deel uit van een andere kudde. En bovendien blijft die kudde niet steeds dezelfde. Al een geluk, want anders zouden we niet groeien. Wees tevreden met wat je hebt, wordt weleens gezegd. Maar dat is een kunst. En dan nog een die onze groei eigenlijk ferm in de weg staat. We groeien met onze omgeving mee. Een nieuwe vriendengroep? Verhuizen naar een chiquere buurt? Nieuwe collega's? Dan verandert je referentiepunt en dat heeft een impact op je geluksgevoel. Dat verklaart ook waarom mensen die meer verdienen niet per se gelukkiger zijn. Versta me niet verkeerd. Niet enkel de vergelijking met de ander is van belang. Hoeveel je absoluut verdient, heeft ook een impact op je geluksniveau. Maar steeds meer inkomen leidt niet tot steeds meer geluk. En als we al enig geluk puren uit materiële rijkdom, dan is dat van korte duur. Professor Lieven Annemans (UGent) concludeert in een onderzoek dat de gemiddelde levenstevredenheid stijgt met het inkomen, maar opnieuw daalt bij de hoogste inkomens. Er is dus een kantelpunt en vanaf dat inkomen gaat het bergaf. Het Nationale Geluksonderzoek is op zoek gegaan naar dat kantelpunt. Hier komt het: 4000 euro. Zodra je meer verdient, begint je levenstevredenheid te dalen. Als we in gedachten houden dat medewerkers hun geluk laten afhangen van de vergelijking van hun loon met dat van hun collega's, wat is dan het effect van een algemene opslag op het geluksgevoel van alle medewerkers? Is iedereen daar blij mee? Zorgt dat voor een stijging van het geluksniveau bij iedereen, en dat op lange termijn? Of geldt dat enkel voor die medewerker die als enige in zijn team een opslag binnenhaalt? En stel dat medewerkers opslag krijgen, maar een deel van hen krijgt een hogere opslag dan de rest. Is dat dan geen verloren moeite? Want een loonsverhoging zou volgens die theorie een medewerker in principe niet gelukkiger maken, als directe collega's een grotere loonsverhoging krijgen. Waardering, daar draait het om. Mensen hunkeren naar waardering, in hun organisatie en in hun relatie. Professioneel linken we waardering vaak aan financiële bonussen of spectaculaire extra's. Zo bieden Apple en Facebook hun vrouwelijke medewerkers zelfs aan gratis eicellen in te vriezen. Door een tikkeltje meer te verdienen dan collega's voelen medewerkers zich gewaardeerd. En dat heeft een serieus effect op hun productiviteit. Maar, en nu komt het: waardering hoeft in principe niets financieels in te houden. Je kunt dat uiten op andere manieren. Een sterk erkenningsbeleid vergt wel tijd. Tijd om in interactie te gaan met je medewerkers, want er is geen one-size-fits-allstrategie. Het besef dat we ons geluk laten afhangen van ons relatieve inkomen, en niet van het absolute, doet grotere vragen rijzen dan het verloningsbeleid. Mijn vriendin verdient een pak meer dan ik. En we wonen in het kleinste huis van de straat. Gelukkig is er nog een rist andere factoren die een impact hebben op geluk.