In regeringskringen is nu te horen dat de volkslening waarschijnlijk pas op 1 januari van start gaat. De ministerraad moet nog beslissen over enkele uitvoeringsbesluiten. Een van de belangrijkste zaken die nog moeten worden afgerond, is de definitieve lijst met projecten die in aanmerking komen voor financiering via de volkslening. In eerste instantie werd gedacht aan de financiering van scholen, ziekenhuizen en rusthuizen, maar evengoed werd geopperd om ook nieuwe voetbalstadions via de volkslening te financieren. Een andere kwestie is het openstellen van de volksleningen voor verzekeringsmaatschappijen. Volgens het oorspronkelijke wetsontwerp kunnen enkel kredietinstellingen de volksleningen aanbieden. Verzekeringsmaatschappijen hebben echter ook interesse in het product. Om dat mogelijk te maken, moet er echter ook een apart uitvoeringsbesluit worden opgesteld met de voorwaarden voor de verzekeringssector. De volkslening moet een looptijd van minimum 5 jaar hebben. De rente geniet een gunsttarief van slechts 15 procent roerende voorheffing tegenover de gangbare 25 procent. De terugbetaling en het product worden door de banken gegarandeerd. (Belga)