Een bijkomend pensioen opbouwen kan op verschillende manieren. Je hebt alvast de keuze tussen een tak21- en een tak23-levensverzekering. Een tak21 biedt je een vast en gegarandeerd rendement en eventueel een winstbonus van de verzekeraar. Bij een tak23 is je return niet vooraf gekend, want die is afhankelijk van een onderliggend beleggingsfonds.

Omdat je met een tak23 via zo'n fonds onrechtstreeks op de beurs belegt, is het potentiële rendement ervan hoger dan dat van een tak21. Maar er is ook een hoger risico: wanneer de financiële markten sputteren, bestaat de kans dat je een gedeelte van je opgebouwd kapitaal verliest en dus aankijkt tegen een negatief rendement.

Betere bescherming voor tak21

Kies je voor een tak21, dan geniet je een kapitaalgarantie. Dat betekent dat je je gestorte premies in elk geval terugkrijgt op het einde van de rit. Verlies kan je in principe dus nooit maken (al worden er wel kosten aangerekend). Bovendien moet de verzekeraar zich houden aan solvabiliteitsregels: hij dient voldoende geld opzij te zetten om de afkoopwaarden van zijn levensverzekeringen te kunnen dekken.

Daarnaast vallen tak21-producten ook nog eens onder de bescherming van het BijzonderBeschermingsfonds (www.bijzonderbeschermingsfonds.be). Daardoor zijn de gestorte premies verzekerd tot een bedrag van 100.000 euro. De verzekeraar is verplicht om daartoe een jaarlijkse bijdrage te storten van 0,15 procent van de inventarisreserves van alle levensverzekeringscontracten.

Wat betekent dit concreet?

Gaat je verzekeraar om één of andere reden failliet, dan is je opgebouwde pensioenspaarpot binnen een tak21-contract beschermd tot een bedrag van 100.000 euro. Deze bescherming geldt per persoon en per verzekeraar. Heb je dus contracten lopen bij verschillende verzekeraars, dan zijn je centen bij elk van hen verzekerd tot 100.000 euro.

Kies je voor een tak23, dan geniet je geen kapitaalgarantie. Bovendien zijn de gestorte premies niet beschermd door het Bijzonder Beschermingsfonds. Hoewel verzekeraars in ons land streng gecontroleerd worden door de FSMA (de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten) en de Nationale Bank, is het financiële risico hier dus veel groter.

Een bijkomend pensioen opbouwen kan op verschillende manieren. Je hebt alvast de keuze tussen een tak21- en een tak23-levensverzekering. Een tak21 biedt je een vast en gegarandeerd rendement en eventueel een winstbonus van de verzekeraar. Bij een tak23 is je return niet vooraf gekend, want die is afhankelijk van een onderliggend beleggingsfonds. Omdat je met een tak23 via zo'n fonds onrechtstreeks op de beurs belegt, is het potentiële rendement ervan hoger dan dat van een tak21. Maar er is ook een hoger risico: wanneer de financiële markten sputteren, bestaat de kans dat je een gedeelte van je opgebouwd kapitaal verliest en dus aankijkt tegen een negatief rendement. Kies je voor een tak21, dan geniet je een kapitaalgarantie. Dat betekent dat je je gestorte premies in elk geval terugkrijgt op het einde van de rit. Verlies kan je in principe dus nooit maken (al worden er wel kosten aangerekend). Bovendien moet de verzekeraar zich houden aan solvabiliteitsregels: hij dient voldoende geld opzij te zetten om de afkoopwaarden van zijn levensverzekeringen te kunnen dekken. Daarnaast vallen tak21-producten ook nog eens onder de bescherming van het BijzonderBeschermingsfonds (www.bijzonderbeschermingsfonds.be). Daardoor zijn de gestorte premies verzekerd tot een bedrag van 100.000 euro. De verzekeraar is verplicht om daartoe een jaarlijkse bijdrage te storten van 0,15 procent van de inventarisreserves van alle levensverzekeringscontracten. Gaat je verzekeraar om één of andere reden failliet, dan is je opgebouwde pensioenspaarpot binnen een tak21-contract beschermd tot een bedrag van 100.000 euro. Deze bescherming geldt per persoon en per verzekeraar. Heb je dus contracten lopen bij verschillende verzekeraars, dan zijn je centen bij elk van hen verzekerd tot 100.000 euro. Kies je voor een tak23, dan geniet je geen kapitaalgarantie. Bovendien zijn de gestorte premies niet beschermd door het Bijzonder Beschermingsfonds. Hoewel verzekeraars in ons land streng gecontroleerd worden door de FSMA (de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten) en de Nationale Bank, is het financiële risico hier dus veel groter.