Een levensverzekering is voor de ene een instrument voor successieplanning en voor de andere een manier om te sparen of te beleggen zonder al te veel belastingen te betalen. Soms kunnen we de voordelen van de levensverzekering niet negeren. Maar soms kunnen we ons doel even goed of zelfs beter bereiken zonder een levensverzekering.

Een nadeel van levensverzekeringen zijn de commissies die bij de tussenpersonen blijven plakken. De verzekeringspremie die u betaalt, staat niet altijd in verhouding tot de schadevergoeding. En wie begint te sparen met een levensverzekering, beseft maar beter dat zijn geld voor minstens acht jaar is geblokkeerd. Wanneer heeft het zin een levensverzekering af te sluiten?

1. Schulden doen verdwijnen na overlijden

Met een schuldsaldoverzekering vermijdt u dat uw erfgenamen worden beladen met uw schulden. Wanneer een kredietnemer sterft voor een krediet is terugbetaald, betaalt die verzekering geheel of gedeeltelijk het resterende bedrag. "Afhankelijk van het type krediet kan zo'n verzekering nut hebben", vindt Yves Evenepoel, specialist verzekeringen bij Test-Aankoop.

Kortlopende kredieten

Een studie van de financieel toezichthouder FSMA leert dat de schuldsaldoverzekeringen die bij consumentenkredieten worden verkocht te duur zijn voor de dekking die ze bieden. Een lening voor de aankoop van een wagen, huishoudtoestellen of elektronica loopt slechts enkele maanden tot enkele jaren en de kans op een overlijden voor de lening is afbetaald, is kleiner dan bij een langlopend woonkrediet.

Een studie van de financieel toezichthouder FSMA leert dat de schuldsaldoverzekeringen die bij consumentenkredieten worden verkocht te duur zijn voor de dekking die ze bieden

De FSMA analyseerde de schadevallen van 2011 tot 2015 en kwam tot de constatatie dat de verzekeraars slechts in 0,24 procent van de contracten een schadevergoeding moesten uitkeren. Meer dan de helft van de premies die de verzekeraars incasseerden, ging naar kosten en commissielonen. "De hoogte van de premies voor schuldsaldoverzekeringen bij consumentenkredieten heeft duidelijk niets te maken met actuariële simulaties of kansberekeningen van de verzekeraars", merkt Evenepoel op.

Langlopende kredieten

Het grote publiek kent de schuldsaldoverzekering vooral als bijproduct bij een woonkrediet. Wie wil lenen voor de aankoop van een huis of een appartement wordt bijna verplicht een verzekering af te sluiten die een deel van de terugbetaling van het woonkrediet dekt.

Er zijn minder uitwassen bij die schuldsaldoverzekeringen. "Toch zijn ze soms ook te duur", waarschuwt Evenepoel. "De premies die grote maatschappijen zoals AG Insurance vragen, bedragen in sommige gevallen het dubbele van de premies bij kleinere maatschappijen zoals Afi Esca."

'De meeste banken houden in hun simulaties van de kosten geen rekening met de verzekeringspremies die u daadwerkelijk zal betalen'

Evenepoel waarschuwt dat het onvoldoende is de jaarlijkse kostenpercentages (JKP) van woonkredieten te vergelijken. Het JKP werd ingevoerd om de aanbiedingen van banken gemakkelijk te kunnen vergelijken. In het JKP moet ook de premie van een verplichte brand- of schuldsaldoverzekering worden meegerekend.

"De meeste banken houden in hun simulaties van de kosten geen rekening met de verzekeringspremies die u daadwerkelijk zal betalen. Een 52-jarige enquêteur die door Test-Aankoop op pad werd gestuurd, kreeg een simulatie met een premie voor een 25-jarige. Dat is niet eerlijk, want hoe ouder u bent, hoe duurder de schuldsaldoverzekering. Ook voor de woningverzekering nemen de banken vaak het voorbeeld van een kleinere woning dan de uwe."

2. Inkomen vervangen na overlijden

Kunnen uw nabestaanden rondkomen zonder uw inkomen? Een alleenstaande die niemand moet onderhouden, zal niet wakker liggen van die vraag. In een gezin met jonge kinderen of een koppel met slechts één kostwinner speelt de kwestie des te meer. Niet alleen de lasten van de hypothecaire lening komen op een paar schouders minder terecht, maar ook alle andere kosten en belastingen.

U kan een tijdelijke overlijdensverzekering afsluiten, die bijvoorbeeld loopt tot de kinderen afstuderen. Wanneer u vroegtijdig overlijdt, krijgen de begunstigden een vast kapitaal of een rente uitbetaald. Als u nog jong en gezond bent, kunt u vanaf 120 euro per jaar een tijdelijke overlijdensverzekering afsluiten. In hoe meer kapitaal u wilt voorzien voor uw familie, hoe langer de looptijd. Hoe ouder u bent, hoe hoger de premie. Evenepoel raadt levenslange overlijdensverzekeringen af.

Hoe hoog het kapitaal of de rente moet zijn, hangt af van uw situatie

Hoe hoog het kapitaal of de rente moet zijn, hangt af van uw situatie. Hoe hoog is het inkomen dat moet worden vervangen? Hoeveel geld staat opzij? Hoeveel bedragen de maandelijkse uitgaven? Kijk ook na of u bij andere levensverzekeringen misschien al een bijkomende overlijdensdekking hebt lopen. In veel groepsverzekeringen zit een overlijdensdekking inbegrepen.

Het is vaak ook mogelijk een bijkomende overlijdensdekking toe te voegen aan een spaar- of beleggingsverzekering. Bij een spaarverzekering (tak21) moet er zelfs geen roerende voorheffing worden betaald op contracten met een overlijdensdekking van 130 procent van het oorspronkelijk belegde kapitaal. Evenepoel waarschuwt wel dat die dekkingen vaak duur zijn. Bij tak21-contracten zonder overlijdensdekking valt de roerende voorheffing op de inkomsten pas weg als het geld minstens acht jaar opzij staat.

3. Opbouw aanvullend pensioen

Voor Colette de Dessus les Moustier van de consultant AON hoort een aanvullend pensioen onontbeerlijk bij een aantrekkelijk salarispakket. De werkgevers kunnen voor hun werknemers een groepsverzekering afsluiten bij een verzekeraar of een pensioenfonds oprichten. De kosten bij een pensioenfonds zijn doorgaans lager dan bij een groepsverzekering.

"Voor een klein bedrijf is het niet haalbaar een pensioenfonds op te richten", werpt De Dessus les Moustier op. "Er komen meer verantwoordelijkheden voor de werkgevers en de werknemers bij kijken dan bij een groepsverzekering." De verzekeraar neemt een deel van de administratie over en beheert de middelen. De Dessus les Moustier wijst erop dat bedrijven ook altijd kunnen aansluiten bij een bestaand pensioenfonds dat verschillende werkgevers groepeert, zoals AON in 2014 oprichtte, om schaalvoordelen te creëren.

'Voor een klein bedrijf is het niet haalbaar een pensioenfonds op te richten'

De pensioenfondsen kunnen op lange termijn een hoger rendement halen dan de groepsverzekeringen, omdat ze het geld beleggen met meer risico. De Dessus les Moustier kent enkele bedrijven die om het hogere potentiële rendement voor een tak23-contract kozen in plaats van het klassieke tak21-contract voor de groepsverzekering. "Met een tak23-levensverzekering kunnen ze hopen op een hoger rendement op de lange termijn, maar er is natuurlijk geen enkele garantie op rendement of kapitaalbehoud. De overgrote meerderheid van de groepsverzekeringen zijn gewone tak21-levensverzekeringen."

De Dessus les Moustier wijst erop dat er verzekeraars zijn die voor tak21-verzekeringen geen rendement meer beloven, maar enkel nog kapitaalbehoud. Dat is een probleem voor werkgevers, want zij moeten ervoor zorgen dat de werknemers met een groepsverzekering of een pensioenfonds aan het einde van de rit een gemiddeld jaarlijks rendement van 1,75 procent op de stortingen krijgen. "Dat zet een rem op de invoering van nieuwe pensioenplannen."

4. Sparen voor uw oude dag

Er zijn verschillende mogelijkheden om te sparen voor uw oude dag. Voor langetermijnsparen met een levensverzekering is er een belastingvermindering van 30 procent. Het individuele pensioensparen met een fonds of een levensverzekering levert 30 of 25 procent belastingvermindering op.

"Wij raden voor pensioensparen of langetermijnsparen tak44-verzekeringen aan", zegt Evenepoel. "Het zijn contracten die een tak21-verzekering met een gewaarborgd rendement combineren met een tak23-verzekering waarvan het rendement afhangt van de onderliggende beleggingen. De tak23-producten halen soms betere rendementen omdat ze niet in het strakke keurslijf van de pensioenspaarfondsen zitten. De verzekeraar mag bijvoorbeeld alles in aandelen beleggen. Een pensioenspaarfonds mag nooit meer dan 75 procent in aandelen investeren." Evenepoel heeft een boon voor een tak44-verzekering van Allianz met AL Strategy dynamic, neutral, balanced als tak23-fondsen, en een verzekering van AXA met Pension Plan R Valor als tak23-fonds.

Voor langetermijnsparen met een levensverzekering is er een belastingvermindering van 30 procent. Het individuele pensioensparen met een fonds of een levensverzekering levert 30 of 25 procent belastingvermindering op.

Evenepoel vindt het ook een troef dat de pensioenspaarder op eender welk moment kan beslissen dat hij geen risico meer wil lopen. "Mensen die de pensioenleeftijd naderen, kunnen vaak zonder kosten al hun geld transfereren naar de tak21-verzekering met een door de verzekeraar gewaarborgd rendement én een door de overheid gewaarborgde depositobescherming tot 100.000 euro."

Er bestaan wel defensieve pensioenspaarfondsen, die het geld wat voorzichtiger beleggen. Het is vaak ook mogelijk bij dezelfde bank kosteloos van pensioenspaarfonds te veranderen. Maar zelfs die defensieve fondsen zijn verplicht een deel van het geld in aandelen te stoppen en slagen er in beursjaren zoals 2018 tot nu toe niet in verliezen te vermijden.

Evenepoel geeft toe dat u bij de levensverzekeringen meer moet letten op de kosten dan bij de fondsen. "Laat u niet wijsmaken dat u meer dan 1 procent instapkosten moet betalen. Er zijn makelaars die tot 6 procent durven aan te rekenen op levensverzekeringen. Dat scheelt een stevige slok op de borrel, want die kosten worden elk jaar op elke premie aangerekend. Vergelijk ook nooit brutorendementen van levensverzekeringen, want die houden geen rekening met de kosten."

5. Vermogen overdragen

"In de perceptie vormen levensverzekeringen en successieplanning een moeilijk huwelijk", denkt Olivier De Keukelare van het advocatenkantoor Cazimir. "Het is verbrand door spelers als Optima die onder het mom van successieplanning voornamelijk beleggingsverzekeringen verkochten." Bovendien zaaiden enkele controversiële standpunten van de Vlaamse Belastingdienst (Vlabel) twijfels over de fiscale behandeling van bepaalde technieken met levensverzekeringen die werden gebruikt in het kader van successieplanning.

'In de perceptie vormen levensverzekeringen en successieplanning een moeilijk huwelijk'

"Vlabel wil vooral nagaan of er wel echt is geschonken", legt De Keukelaere uit. "Als de schenker te veel controle wilt behouden na de schenking of nog te veel inkomsten uit de geschonken goederen wil puren, kan Vlabel beslissen dat er bij het overlijden toch nog erfbelasting moet worden betaald. Maar de standpunten van Vlabel zijn veel genuanceerder dan sommige adviseurs doen uitschijnen. Ik heb de indruk dat de juridische adviseurs uit schrik voor de eigen aansprakelijkheid bepaalde technieken vermijden, omdat de standpunten van Vlabel nog geen duidelijke lijn hebben."

Toch denkt De Keukelaere dat er toekomst zit in levensverzekeringen in het kader van successieplanning. "De burgerlijke maatschap ligt vandaag moeilijker bij sommige cliënten, omdat elke maatschap en de begunstigden in een publiek toegankelijke database zullen terechtkomen." De burgerlijke maatschap is een populair vehikel om de volgende generatie te betrekken bij het beheer van het familievermogen, zonder de controle te verliezen.

"Ik vermoed dat op maat gemaakte tak23-levensverzekeringen populairder worden." De Keukelaere heeft het over de fonds dédiés die vanuit Luxemburg komen aanwaaien. "Een bestaande beleggingsportefeuille kan daarin worden ondergebracht. De grote verzekeringsmaatschappijen bieden dat niet aan, maar kleinere zoals Private Insurer en Lombard Odier wel."