De onderhoudsplicht geldt voor gas- en stookolieketels met een vermogen vanaf 20 kW. Ze bestaat uit het reinigen van de schoorsteen en de ketel met een controle van de brander en de rookgassen. Voor ketels met vaste branstoffen zoals hout, houtpellets en kolen geldt de onderhoudsplicht zelfs voor alle ketels, ongeacht het vermogen. Het onderhoud moet gebeuren door een erkend technicus. Die levert na elke onderhoudsbeurt een reinigings-en verbrandingsattest af. Ook nieuwe ketels moeten overigens worden gekeurd vooraleer ze in gebruik worden genomen. Het al dan niet gekeurd zijn van de verwarmingsinstallaties heeft geen invloed op het al dan niet tussenkomen van de verzekeraar bij brand. Een regelmatig onderhoud draagt wel bij aan het rendement van uw installatie. Het is bovendien goed voor het milieu. (DLA)

De onderhoudsplicht geldt voor gas- en stookolieketels met een vermogen vanaf 20 kW. Ze bestaat uit het reinigen van de schoorsteen en de ketel met een controle van de brander en de rookgassen. Voor ketels met vaste branstoffen zoals hout, houtpellets en kolen geldt de onderhoudsplicht zelfs voor alle ketels, ongeacht het vermogen. Het onderhoud moet gebeuren door een erkend technicus. Die levert na elke onderhoudsbeurt een reinigings-en verbrandingsattest af. Ook nieuwe ketels moeten overigens worden gekeurd vooraleer ze in gebruik worden genomen. Het al dan niet gekeurd zijn van de verwarmingsinstallaties heeft geen invloed op het al dan niet tussenkomen van de verzekeraar bij brand. Een regelmatig onderhoud draagt wel bij aan het rendement van uw installatie. Het is bovendien goed voor het milieu. (DLA)