Een groepsverzekering wordt doorgaans gevoed door bijdragen van de werkgever en door bijdragen van de werknemer. Beide bijdragen zijn fiscaal aftrekbaar. Op die manier leiden ze tot een belastingbesparing. De keerzijde is wel dat de uitkeringen op de uitbetalingsdatum dan belastbaar worden. Er gelden verschillende tarieven naargelang het gaat om de belasting van het kapitaal dat is gevormd met stortingen van de werkgever en het kapitaal dat is bijeengespaard met bijdragen van de werknemer. Voor het deel van het kapitaal dat gevormd wordt met bijdragen van de werkgever veranderen de tarieven op 1 juli 2013. Tot nog toe was er een eenparig tarief van 16,5 procent. Dat stijgt nu tot 20 procent voor wie al op 60 jaar zijn groepsverzekering incasseert. Voor wie wacht tot 61 jaar wordt het 18 procent. Op 62, 63 en 64 jaar blijft het 16,5 procent. En op 65 jaar wordt dat 10 procent. Dit laatste wel op voorwaarde dat men de laatste drie jaar voor zijn 65ste effectief heeft gewerkt. Met die maatregel wil de regering-Di Rupo de arbeiders en bedienen aanmoedigen langer te blijven werken. Een verslechtering is er dus voor mensen die een groepsverzekering hebben die al voor 62 jaar in de uitbetaling van een kapitaal voorziet. Wie in dergelijk geval is, kan zijn verzekeraar vragen om het contract te verlengen. Eventueel zal dat tegen een lagere rente moeten gebeuren omdat de rentevoeten vandaag veel lager liggen dan in het verleden. Voor het deel van het kapitaal dat is opgebouwd met persoonlijke bijdragen verandert niets. Dat blijft belast tegen 16,5 procent voor de stortingen van voor 1 januari 1993 en van 10 procent voor latere stortingen. Naast de directe belasting wordt bij de uitbetaling van een groepsverzekering ook een solidariteitsbijdrage van 0 procent tot 2 procent en een rsz-bijdrage van 3,55 procent ingehouden. (Belga)

Een groepsverzekering wordt doorgaans gevoed door bijdragen van de werkgever en door bijdragen van de werknemer. Beide bijdragen zijn fiscaal aftrekbaar. Op die manier leiden ze tot een belastingbesparing. De keerzijde is wel dat de uitkeringen op de uitbetalingsdatum dan belastbaar worden. Er gelden verschillende tarieven naargelang het gaat om de belasting van het kapitaal dat is gevormd met stortingen van de werkgever en het kapitaal dat is bijeengespaard met bijdragen van de werknemer. Voor het deel van het kapitaal dat gevormd wordt met bijdragen van de werkgever veranderen de tarieven op 1 juli 2013. Tot nog toe was er een eenparig tarief van 16,5 procent. Dat stijgt nu tot 20 procent voor wie al op 60 jaar zijn groepsverzekering incasseert. Voor wie wacht tot 61 jaar wordt het 18 procent. Op 62, 63 en 64 jaar blijft het 16,5 procent. En op 65 jaar wordt dat 10 procent. Dit laatste wel op voorwaarde dat men de laatste drie jaar voor zijn 65ste effectief heeft gewerkt. Met die maatregel wil de regering-Di Rupo de arbeiders en bedienen aanmoedigen langer te blijven werken. Een verslechtering is er dus voor mensen die een groepsverzekering hebben die al voor 62 jaar in de uitbetaling van een kapitaal voorziet. Wie in dergelijk geval is, kan zijn verzekeraar vragen om het contract te verlengen. Eventueel zal dat tegen een lagere rente moeten gebeuren omdat de rentevoeten vandaag veel lager liggen dan in het verleden. Voor het deel van het kapitaal dat is opgebouwd met persoonlijke bijdragen verandert niets. Dat blijft belast tegen 16,5 procent voor de stortingen van voor 1 januari 1993 en van 10 procent voor latere stortingen. Naast de directe belasting wordt bij de uitbetaling van een groepsverzekering ook een solidariteitsbijdrage van 0 procent tot 2 procent en een rsz-bijdrage van 3,55 procent ingehouden. (Belga)