Vastgoed schenken is interessant geworden na een verlaging van de schenkbelasting voor vastgoed. Vlaanderen verlaagde de taks al naar 3 procent in 2015. Wallonië en Brussel volgden in 2018.

Tijdens de eerste coronagolf zakte het aantal schenkingen van vastgoed spectaculair. In april was er tegenover vorig jaar een daling met 56 procent in Vlaanderen en zelfs meer dan 70 procent in Brussel en Wallonië.

Sinds juni zit het aantal schenkingen weer in de lift. 'Belgen zijn ook steeds meer in de weer met successieplanning', zegt woordvoerder Bart van Opstal. 'Ze willen weten wat er met hun bezittingen gebeurt op de dag dat ze er niet meer zullen zijn. De coronacrisis is zo confronterend dat ze hier meer over nadenken en tot actie overgaan. Bijvoorbeeld door al vastgoed te schenken aan de kinderen.'

In de periode van 1 januari tot en met 30 november 2020 bleef het aantal schenkingen van vastgoed uiteindelijk zo goed als stabiel in vergelijking met dezelfde periode in 2019 (+ 0,3 procent). In Vlaanderen waren er 0,2 procent meer, in Brussel en Wallonië waren er stijgingen van respectievelijk 7,7 en 6,5 procent.

Vastgoed schenken is interessant geworden na een verlaging van de schenkbelasting voor vastgoed. Vlaanderen verlaagde de taks al naar 3 procent in 2015. Wallonië en Brussel volgden in 2018. Tijdens de eerste coronagolf zakte het aantal schenkingen van vastgoed spectaculair. In april was er tegenover vorig jaar een daling met 56 procent in Vlaanderen en zelfs meer dan 70 procent in Brussel en Wallonië. Sinds juni zit het aantal schenkingen weer in de lift. 'Belgen zijn ook steeds meer in de weer met successieplanning', zegt woordvoerder Bart van Opstal. 'Ze willen weten wat er met hun bezittingen gebeurt op de dag dat ze er niet meer zullen zijn. De coronacrisis is zo confronterend dat ze hier meer over nadenken en tot actie overgaan. Bijvoorbeeld door al vastgoed te schenken aan de kinderen.' In de periode van 1 januari tot en met 30 november 2020 bleef het aantal schenkingen van vastgoed uiteindelijk zo goed als stabiel in vergelijking met dezelfde periode in 2019 (+ 0,3 procent). In Vlaanderen waren er 0,2 procent meer, in Brussel en Wallonië waren er stijgingen van respectievelijk 7,7 en 6,5 procent.