De maximale temperaturen waarbij een werkgever maatregelen moet nemen om het werk draaglijk te houden, liggen vast in een koninklijk besluit. Ze bedragen 29 graden voor zeer licht of licht werk, 26 graden voor halfzwaar werk, 22 graden voor zwaar werk en 18 graden voor zeer zwaar werk. De temperatuur moet daarbij wel met een nattebolthermometer worden bepaald. Die houdt niet alleen rekening met de temperatuur, maar ook met luchtstromen en met de vochtigheid. De meting met een nattebolthermometer ligt doorgaans lager dan met een klassieke thermometer. Het moet dus al een pakje warmer zijn dan 29 graden vooraleer er voor licht of zeer licht werk maatregelen genomen moeten worden. Als je rechtstreeks blootgesteld wordt aan de zon, moet je werkgever zorgen voor beschermingsmiddelen zoals een zonnebril, zonnecrème en een hoofddeksel. Werk je binnen, dan moet hij in zonnewering aan de ramen voorzien. Je werkgever moet ook voldoende water of ongesuikerde, niet-koolzuurhoudende dranken voorzien. Die worden best aangeboden op een temperatuur van 10 tot 15 graden. Te koud water zorgt voor maagstoornissen. De dranken moeten gratis worden aangeboden. Daarnaast moet de werkgever binnen de 48 uur kunstmatige verluchting op de werkplek voorzien. Kan hij dat niet, dat moeten er rusttijden worden ingepland. Voor zwaar werk geldt dan vanaf 23 graden op de nattebolthermomter (hoger met een klassieke thermometer) een regime van 45 minuten werken en 15 minuten rusten. Vanaf 24,5 graden wordt dat dertig minuten werken en 30 minuten rusten. (Belga)

De maximale temperaturen waarbij een werkgever maatregelen moet nemen om het werk draaglijk te houden, liggen vast in een koninklijk besluit. Ze bedragen 29 graden voor zeer licht of licht werk, 26 graden voor halfzwaar werk, 22 graden voor zwaar werk en 18 graden voor zeer zwaar werk. De temperatuur moet daarbij wel met een nattebolthermometer worden bepaald. Die houdt niet alleen rekening met de temperatuur, maar ook met luchtstromen en met de vochtigheid. De meting met een nattebolthermometer ligt doorgaans lager dan met een klassieke thermometer. Het moet dus al een pakje warmer zijn dan 29 graden vooraleer er voor licht of zeer licht werk maatregelen genomen moeten worden. Als je rechtstreeks blootgesteld wordt aan de zon, moet je werkgever zorgen voor beschermingsmiddelen zoals een zonnebril, zonnecrème en een hoofddeksel. Werk je binnen, dan moet hij in zonnewering aan de ramen voorzien. Je werkgever moet ook voldoende water of ongesuikerde, niet-koolzuurhoudende dranken voorzien. Die worden best aangeboden op een temperatuur van 10 tot 15 graden. Te koud water zorgt voor maagstoornissen. De dranken moeten gratis worden aangeboden. Daarnaast moet de werkgever binnen de 48 uur kunstmatige verluchting op de werkplek voorzien. Kan hij dat niet, dat moeten er rusttijden worden ingepland. Voor zwaar werk geldt dan vanaf 23 graden op de nattebolthermomter (hoger met een klassieke thermometer) een regime van 45 minuten werken en 15 minuten rusten. Vanaf 24,5 graden wordt dat dertig minuten werken en 30 minuten rusten. (Belga)