De Fed blijft op zijn hoede

De daling van de euro tegenover de dollar wordt hoofdzakelijk gelieerd aan een verschillend muntbeleid. Enerzijds heeft de ECB zijn kwantitatief versoepelingsprogramma (60 miljard per maand) opgestart. Anderzijds heeft de Fed geleidelijk aan zijn eigen versoepelingsprogramma stop gezet en is zij een eerste rentevoetverhoging aan het voorbereiden sinds 2006.

Tijdens haar vorige vergadering liet de Fed verstaan extreem voorzichtig te blijven met het verhogen van de rentevoeten aangezien de economische indicatoren grotendeels ontgoochelend zijn sinds het begin van het jaar en de analisten tijdens het eerste semester voor de S&P500-bedrijven een winstdaling verwachten van bijna 5 procent.

Minimumpeil bereikt mits uitblijven van een ramp

Een tijdelijke verdere daling van de euro tegenover de dollar blijft natuurlijk mogelijk. De meeste waarnemers gaan ervan uit dat een pariteit tussen die twee munten kortstondig mogelijk is. Het belang dat door de Fed gehecht wordt aan een sterke dollar lijkt echter het scenario uit te sluiten dat de euro zijn historisch laag peil van rond de 0,85 dollar opnieuw zou bereiken.

Behalve in een extreem scenario waarbij de economie van de eurozone een grote terugval zou vertonen of het geloof in het uiteenvallen van de eenheidsmunt weer de kop zou opsteken. Belangrijk om hierbij op te merken is dat de euro structureel ondersteund wordt door de exporteurstatus van de eurozone.

Gelijkschakeling van de wereldbeurzen

Op de beurs zou dit geleidelijk aan het einde moeten betekenen van het verschil tussen Wall Street, dat sinds ongeveer midden december stagneert, en de Europese markten, met een Eurostoxx die een bond van bijna 20% vertoont over dezelfde periode. (CB)