Spaarders hebben het de afgelopen jaren niet makkelijk gehad. De ene rentedaling volgde de andere op, waardoor ze hun opbrengsten jaar na jaar zagen afnemen. In België hebben ze de keuze uit een negentigtal spaarrekeningen. Een derde biedt momenteel een intrest van amper 0,11 procent, waarvan 0,10 procent afkomstig is van de getrouwheidspremie. Staat je geld dus minder lang dan een jaar op de rekening, dan moet je het stellen met 0,01 procent.

Toch slagen sommige financiële instellingen erin een hogere vergoeding op spaargeld te geven. Op dit moment kun je bij drie banken zelfs terecht voor een rente van meer dan 1 procent: Beobank (1,20%), ING (1,20%) en Deutsche Bank (1,50%). Ze leggen wel voorwaarden op: de maandelijkse maximuminlagen zijn beperkt tot 500 of 750 euro.

Het grootste voordeel van een spaarboekje is de permanente beschikbaarheid van je geld. Bovendien is de eerste intrestenschijf van 1880 euro vrijgesteld van roerende voorheffing. Dat fiscale voordeel geldt per persoon: een gezamenlijke spaarrekening op naam van twee partners geniet dus een vrijstelling van 3760 euro. Zelfs bij een uitzonderlijke rente van 1,50 procent betekent dit dat 250.000 euro op je spaarrekening onbelast blijft.

Termijnrekening

Wie zijn spaargeld een tijdlang kan missen, kan ook een termijnrekening in overweging nemen. Je geld staat dan gedurende een vooraf afgesproken looptijd vast: in die periode kun je het normaal gesproken dus niet meer opvragen. De meeste banken geven de keuze tussen termijnen van een maand tot meer dan tien jaar. In principe geldt: hoe langer de looptijd, hoe hoger de rente.

Net zoals spaarrekeningen gingen de rentes op termijnrekeningen er de afgelopen jaren flink op achteruit. Maar daar lijkt nu verandering in te komen. Sinds de Amerikaanse presidentsverkiezingen zitten de langetermijnrentes in de lift. Dat heeft ook gevolgen voor termijnrekeningen. Crelan verhoogde gisteren de rentes voor looptijden vanaf vier jaar. Dat was geleden van april 2011.

Wie zijn geld twee of drie jaar toevertrouwt aan Crelan, krijgt nog altijd respectievelijk 0,10 en 0,15 procent bruto. Voor termijnrekeningen met een looptijd van vier jaar is de rente echter met vijf basispunten gestegen tot 0,25 procent. Voor langere termijnen is de vergoeding met tien basispunten opgetrokken. Wie zijn spaargeld er vandaag voor tien jaar vastzet, mag rekenen op een vaste rente van 0,90 procent.

Alternatieven

Opvallend is dat Nagelmackers de vergoedingen voor termijnrekeningen al in september verhoogde, en dat vorige week opnieuw deed voor de meeste looptijden. De rentes variëren er tussen 0,25 en 1,20 procent bruto voor termijnen tot en met vier jaar. Wie zijn spaargeld gedurende vijf jaar of langer vastzet, geniet van een jaarlijkse intrest van 1,50 procent.

Er is één speler die nog beter doet: Izola Bank, een Maltese bank die in handen is van de West-Vlaamse ondernemersfamilie Van Marcke. Daar liggen de brutorentes op termijnrekeningen tussen 1,05 procent (drie maanden) en 2,50 procent (vijf jaar). Izola Bank is dan ook de enige die momenteel een aanvaarbare vergoeding geeft in ruil voor het vastzetten van je spaarcenten.

Weet wel dat alle intresten op termijnrekeningen steeds onderworpen zijn aan roerende voorheffing. Momenteel bedraagt die nog 27 procent, maar (vermoedelijk) vanaf 1 januari stijgt die naar 30 procent. Daardoor zal van een brutorente van 2,50 procent nog slechts 1,75 procent netto overblijven.