De rente is een belangrijke drijfveer voor spaarders. Maar sparen is meer dan alleen geld opzijzetten en wachten tot de intresten worden uitbetaald. Het betekent ook continu nadenken over wat u uitgeeft en wat niet. "Hoewel we in principe allemaal rationele wezens zijn, laten we zulke beslissingen beïnvloeden door onze emoties", weet Dan Ariely, een hoogleraar gedragspsychologie aan de Amerikaanse Duke University. Hij bestudeert al jarenlang het irrationele gedrag van consumenten.

Dat u minder een homo economicus bent dan u zelf denkt, uit zich bijvoorbeeld in het feit dat u niet altijd dezelfde waarde toekent aan geld. "We denken doorgaans niet in absolute termen", legt Ariely uit. "Om 20 euro op een paar sportschoenen van 60 euro te besparen, rijden we soms kilometers om. Maar die moeite doen we niet om een tuinset van 1060 euro voor 1040 euro te kunnen kopen. De ene 20 euro is blijkbaar de andere niet. Ons brein ziet iets altijd in relatie tot iets anders."

Maak geld zichtbaar

Wie meer wil sparen, doet er volgens Ariely goed aan het geld op de een of andere manier zichtbaar te maken. Hij baseert zich daarvoor op een experiment waar hij spaarders in Kenia een goudkleurige munt met vakjes gaf. Er werd hen gevraagd die munt op een goed zichtbare plek in hun woning op te hangen en bij elk gespaard bedrag een vakje op te vullen. Aan het einde van de rit hadden zij twee keer meer gespaard dan degenen die geen visuele weergave van hun spaargeld hadden.

Tegenwoordig betaalt u overal met een eenvoudige klik op de knop, zowel in de supermarkt als op het internet. Dan Ariely raadt bewuste spaarders af virtueel geld te gebruiken. "Geld uitgeven moet pijn doen", stelt hij. "Bij een contactloze transactie of een betaling met je creditcard merk je daar niets meer van. Wanneer je contant betaalt, moet je fysieke briefjes en munten neerleggen, je wisselgeld natellen en alles weer in je portemonnee stoppen. Dan voel je pas echt dat je geld uitgeeft."

Trap niet in de val

In zijn boek Geld en gedrag wijst Ariely ook op enkele typische valkuilen. "Wie in een eettent kan kiezen uit hamburgers van 200, 250 of 300 gram, kiest die van 250 gram", illustreert hij. "Gaat het om hamburgers van 250, 300 en 350 gram, dan komt die van 300 gram op het bord. We houden nu eenmaal niet van extremen. Het midden lijkt dus de beste optie, al is dat niet altijd zo." Dat is ook de reden waarom restaurants vaak zowel een goedkope als een heel dure fles wijn op de kaart zetten.

Dan Ariely waarschuwt ook voor zogezegde koopjes. "Het Amerikaanse warenhuis JCPenney besliste ooit haar artikelen voortaan eerlijk en transparant te prijzen", zegt hij. "De klanten waren daar niet blij mee: ze wilden geen hemd voor 60 dollar, maar een hemd van 100 dollar dat was afgeprijsd naar 60 dollar. JCPenney draaide al snel verlies. Door de oude kortingen en aanbiedingen opnieuw in te voeren, kwam ook de klanten terug. Zij vonden 'koopjes' belangrijker dan transparantie."