De financiële crisis heeft de sector van het vermogensbeheer helemaal door elkaar geschud. Nu het grote publiek zijn vertrouwen in de grootbanken heeft verloren, winnen de private bankers aan belang. Ook het aantal financiële planners - die niet allemaal even goede bedoelingen hebben - is sterk toegenomen. De aanslepende eurocrisis en de instorting van de aandelenmarkt hebben roet in het eten gegooid, maar een goede adviseur is goud waard. Dat beseft de belegger vandaag meer dan ooit.

Uit de Global Private Banking &Wealth Management Survey 2011 van PwC blijkt dat consumenten voorzichtiger, beter geïnformeerd en minder trouw aan hun financiële instelling zijn dan vroeger. Wie vandaag geen resultaten boekt, dreigt uit de boot te vallen. De vermogensbeheerders worden verplicht om fors te investeren in hun cliëntenrelaties. Bovendien begeleiden ze steeds meer het vermogen van hun cliënten vanaf de wieg tot het graf. Daarbij doen ze vandaag ook aan successieplanning.

Meer transparantie

De Europese Commissie dringt de laatste jaren aan op meer transparantie in de financiële sector. Ook die evolutie zet de private bankers onder druk. Sinds 1 november 2007 is de MiFID-richtlijn van kracht. Die harmoniseert de handel in financiële instrumenten - zoals aandelen, kasbons, obligaties en fondsen - in de Europese Unie. De spelregels moeten de markt efficiënter maken en de consument beter beschermen. Zo wordt van iedere klant die in een financieel product wil beleggen vooraf een bepaald profiel opgesteld. De kosten die aan beleggingsproducten zijn verbonden, staan nu vermeld in een aparte fiche. Jammer genoeg krijgen weinig spaarders die informatie tijdig in handen. En het blijft voor hen heel moeilijk om het reële rendement van hun investering te berekenen. Wie kan door de bomen - de tientallen soorten kosten - het bos nog zien?

„Transparantie is de kern van goed vermogensbeheer", zegt Denis Caprasse, associate partner van Risk Dynamics. „De informatie die de private bankers aan hun klanten verstrekken, kan beter, maar dat is geen typisch Belgisch probleem. Nergens in de Europese Unie wordt het cliëntenprofiel met voldoende zorg opgesteld. Bovendien controleren de investeringsmaatschappijen de gegevens niet die cliënten hen verstrekken." Zo worden heel wat beleggers opgezadeld met financiële producten die niet bij hun profiel passen en die ze niet begrijpen.

Lokmiddelen Caprasse is ook verbaasd door het gebrek aan informatie over de vergoedingen die de vermogensbeheerders krijgen van derde partijen voor de plaatsing van bepaalde producten aan hun cliënteel - de zogenoemde inducements of lokmiddelen. Caprasse: „Geen enkele vermogensbeheerder past de MiID-regels voor honderd procent toe. Van Lanschot maakt die provisies wel over aan zijn cliënten, maar houdt daarop wel 15 % administratiekosten in. Over het algemeen steken de private bankers de retrocessies van externe fondsen in eigen zak. De meeste dakfondsen storten die vergoedingen wel terug in het fonds."

„Ook de uitwisseling van informatie laat te wensen over", aldus Caprasse. „BNP Paribas Fortis stelt gedetailleerde gegevens over de provisies enkel ter beschikking via de ombudsdienst, om belangenconflicten te vermijden. De rest doet alsof zijn neus bloedt, behalve als de cliënt er expliciet om vraagt. Nochtans stelt de handleiding voor goede praktijken die de Europese toezichthouder ESMA in 2010 heeft uitgevaardigd, dat het belang van de consument moet primeren."

Daarom heeft de Europese Commissie het voorstel gelanceerd om de MiFID-richtlijn aan te passen. Caprasse: „Door die wijziging krijgt het vermogensbeheer strengere regels opgelegd. Verscheidene lidstaten anticiperen al op die evolutie. Zo verbiedt Nederland vanaf 2013 al het gebruik van retrocessies. De Nederlandse toezichthouder AFM werkt ook aan een algemene vergoeding (fee) voor financiële dienstverlening. Dat zal een hele omwenteling in het businessmodel van de vermogensbeheerders teweegbrengen."

„Ons land loopt op dat gebied nog wat achter", stelt Caprasse vast. „Na de uitbreiding van haar bevoegdheden door de wet van 2 juli 2010 (Twin Peaks) zou de FSMA het gebruik van lokmiddelen wel inspecteren, maar door de val van de regering en de bankencrisis is daarmee nog altijd geen begin gemaakt. Er staan wel richtlijnen tegen misleidende reclame in de financiële sector op stapel."

Druk op de marges

Door de recessie neemt ook de druk op de marges van de private bankers toe. Caprasse: „Het is nu een survival of the fittest geworden. De klassieke vermogensbeheerders die al van oudsher actief zijn in ons land - zoals Delen, Degroof en Petercam - houden goed stand. Maar ik vrees dat de kleine spelers zich op een niche zullen moeten richten. Anders dreigen ze de huidige concurrentiestrijd niet te overleven. Het verwondert me niet dat velen dit jaar niet hebben deelgenomen aan de MoneyTalk Private Banking Award. Ik verwacht een consolidatie in de sector. Kijk maar naar Merit Capital, dat na PDM Securities nu ook Horatius overneemt. Ook Citibank België is onlangs overgenomen door Crédit Professionnel, een onderdeel van Crédit Mutuel, dat in België actief is via Banque Transatlantique, Fortuneo en Procapital."

De slechte tijden op de beurs hebben ook een verschuiving van discretionair beheer naar beleggingsadvies op gang gebracht. Daardoor moeten de vermogensbeheerders meer tijd investeren in de opvolging van hun cliënteel. Caprasse: „Dat brengt extra kosten met zich mee. Daarnaast moeten de private bankers duidelijker scheidslijnen in het investeringsproces trekken. Nu zijn de banden tussen assetmanagement, dat eigen fondsen verkoopt, en wealthmanagement, dat het moet hebben van onafhankelijk advies, in bepaalde instellingen nog te groot."

Discretionair beheer Om op de kosten te besparen, doen de vermogensbeheerders steeds meer een beroep op externe bedrijven (outsourcing). Zo maakt Petercam tegenwoordig gebruik van het platform van Lombard Odier. Die evolutie speelt in het voordeel van de grote beheerders. Caprasse: „Ook andere groepen bundelen hun krachten om het hoofd boven water te houden. Zo zijn Dresdner Van Moer Courtens (een voormalig filiaal van Commerzbank) en Puilaetco Dewaay voortaan ondergebracht bij Crédit Agricole en Precision Capital uit Qatar, terwijl Dexia Asset Management te koop staat."

Ten slotte duiken nieuwe spelers op: Banque du Luxembourg, Treetop Asset Management en Optima, dat Ethias Bank opslokte. Caprasse: „Voorlopig hebben financiële planners zoals Optima nog geen erkend statuut. Maar persoonlijk denk ik niet dat ze aan de strenge Europese normen van Europa kunnen voldoen. De toekomst van de private banking ligt bij sterke spelers met veel ervaring en een uitgebreid netwerk of bij gespecialiseerde beheerders die zich toeleggen op een niche."

Eric Pompen

De financiële crisis heeft de sector van het vermogensbeheer helemaal door elkaar geschud. Nu het grote publiek zijn vertrouwen in de grootbanken heeft verloren, winnen de private bankers aan belang. Ook het aantal financiële planners - die niet allemaal even goede bedoelingen hebben - is sterk toegenomen. De aanslepende eurocrisis en de instorting van de aandelenmarkt hebben roet in het eten gegooid, maar een goede adviseur is goud waard. Dat beseft de belegger vandaag meer dan ooit. Uit de Global Private Banking &Wealth Management Survey 2011 van PwC blijkt dat consumenten voorzichtiger, beter geïnformeerd en minder trouw aan hun financiële instelling zijn dan vroeger. Wie vandaag geen resultaten boekt, dreigt uit de boot te vallen. De vermogensbeheerders worden verplicht om fors te investeren in hun cliëntenrelaties. Bovendien begeleiden ze steeds meer het vermogen van hun cliënten vanaf de wieg tot het graf. Daarbij doen ze vandaag ook aan successieplanning. Meer transparantie De Europese Commissie dringt de laatste jaren aan op meer transparantie in de financiële sector. Ook die evolutie zet de private bankers onder druk. Sinds 1 november 2007 is de MiFID-richtlijn van kracht. Die harmoniseert de handel in financiële instrumenten - zoals aandelen, kasbons, obligaties en fondsen - in de Europese Unie. De spelregels moeten de markt efficiënter maken en de consument beter beschermen. Zo wordt van iedere klant die in een financieel product wil beleggen vooraf een bepaald profiel opgesteld. De kosten die aan beleggingsproducten zijn verbonden, staan nu vermeld in een aparte fiche. Jammer genoeg krijgen weinig spaarders die informatie tijdig in handen. En het blijft voor hen heel moeilijk om het reële rendement van hun investering te berekenen. Wie kan door de bomen - de tientallen soorten kosten - het bos nog zien? „Transparantie is de kern van goed vermogensbeheer", zegt Denis Caprasse, associate partner van Risk Dynamics. „De informatie die de private bankers aan hun klanten verstrekken, kan beter, maar dat is geen typisch Belgisch probleem. Nergens in de Europese Unie wordt het cliëntenprofiel met voldoende zorg opgesteld. Bovendien controleren de investeringsmaatschappijen de gegevens niet die cliënten hen verstrekken." Zo worden heel wat beleggers opgezadeld met financiële producten die niet bij hun profiel passen en die ze niet begrijpen. Lokmiddelen Caprasse is ook verbaasd door het gebrek aan informatie over de vergoedingen die de vermogensbeheerders krijgen van derde partijen voor de plaatsing van bepaalde producten aan hun cliënteel - de zogenoemde inducements of lokmiddelen. Caprasse: „Geen enkele vermogensbeheerder past de MiID-regels voor honderd procent toe. Van Lanschot maakt die provisies wel over aan zijn cliënten, maar houdt daarop wel 15 % administratiekosten in. Over het algemeen steken de private bankers de retrocessies van externe fondsen in eigen zak. De meeste dakfondsen storten die vergoedingen wel terug in het fonds." „Ook de uitwisseling van informatie laat te wensen over", aldus Caprasse. „BNP Paribas Fortis stelt gedetailleerde gegevens over de provisies enkel ter beschikking via de ombudsdienst, om belangenconflicten te vermijden. De rest doet alsof zijn neus bloedt, behalve als de cliënt er expliciet om vraagt. Nochtans stelt de handleiding voor goede praktijken die de Europese toezichthouder ESMA in 2010 heeft uitgevaardigd, dat het belang van de consument moet primeren." Daarom heeft de Europese Commissie het voorstel gelanceerd om de MiFID-richtlijn aan te passen. Caprasse: „Door die wijziging krijgt het vermogensbeheer strengere regels opgelegd. Verscheidene lidstaten anticiperen al op die evolutie. Zo verbiedt Nederland vanaf 2013 al het gebruik van retrocessies. De Nederlandse toezichthouder AFM werkt ook aan een algemene vergoeding (fee) voor financiële dienstverlening. Dat zal een hele omwenteling in het businessmodel van de vermogensbeheerders teweegbrengen." „Ons land loopt op dat gebied nog wat achter", stelt Caprasse vast. „Na de uitbreiding van haar bevoegdheden door de wet van 2 juli 2010 (Twin Peaks) zou de FSMA het gebruik van lokmiddelen wel inspecteren, maar door de val van de regering en de bankencrisis is daarmee nog altijd geen begin gemaakt. Er staan wel richtlijnen tegen misleidende reclame in de financiële sector op stapel." Druk op de marges Door de recessie neemt ook de druk op de marges van de private bankers toe. Caprasse: „Het is nu een survival of the fittest geworden. De klassieke vermogensbeheerders die al van oudsher actief zijn in ons land - zoals Delen, Degroof en Petercam - houden goed stand. Maar ik vrees dat de kleine spelers zich op een niche zullen moeten richten. Anders dreigen ze de huidige concurrentiestrijd niet te overleven. Het verwondert me niet dat velen dit jaar niet hebben deelgenomen aan de MoneyTalk Private Banking Award. Ik verwacht een consolidatie in de sector. Kijk maar naar Merit Capital, dat na PDM Securities nu ook Horatius overneemt. Ook Citibank België is onlangs overgenomen door Crédit Professionnel, een onderdeel van Crédit Mutuel, dat in België actief is via Banque Transatlantique, Fortuneo en Procapital." De slechte tijden op de beurs hebben ook een verschuiving van discretionair beheer naar beleggingsadvies op gang gebracht. Daardoor moeten de vermogensbeheerders meer tijd investeren in de opvolging van hun cliënteel. Caprasse: „Dat brengt extra kosten met zich mee. Daarnaast moeten de private bankers duidelijker scheidslijnen in het investeringsproces trekken. Nu zijn de banden tussen assetmanagement, dat eigen fondsen verkoopt, en wealthmanagement, dat het moet hebben van onafhankelijk advies, in bepaalde instellingen nog te groot." Discretionair beheer Om op de kosten te besparen, doen de vermogensbeheerders steeds meer een beroep op externe bedrijven (outsourcing). Zo maakt Petercam tegenwoordig gebruik van het platform van Lombard Odier. Die evolutie speelt in het voordeel van de grote beheerders. Caprasse: „Ook andere groepen bundelen hun krachten om het hoofd boven water te houden. Zo zijn Dresdner Van Moer Courtens (een voormalig filiaal van Commerzbank) en Puilaetco Dewaay voortaan ondergebracht bij Crédit Agricole en Precision Capital uit Qatar, terwijl Dexia Asset Management te koop staat." Ten slotte duiken nieuwe spelers op: Banque du Luxembourg, Treetop Asset Management en Optima, dat Ethias Bank opslokte. Caprasse: „Voorlopig hebben financiële planners zoals Optima nog geen erkend statuut. Maar persoonlijk denk ik niet dat ze aan de strenge Europese normen van Europa kunnen voldoen. De toekomst van de private banking ligt bij sterke spelers met veel ervaring en een uitgebreid netwerk of bij gespecialiseerde beheerders die zich toeleggen op een niche." Eric Pompen