Een daling van de energieprijzen duwde het inflatieniveau in België gevoelig naar beneden. Energie werd vorig jaar 6 procent goedkoper. In 2013 waren de energieprijzen ook al met 4,6 procent gezakt. In onze buurlanden was die daling minder uitgesproken. Zo zagen de Duitsers vorig jaar het bedrag op hun energiefactuur dalen met 2 procent en onze noorderburen met 1,5 procent.

Daarnaast had de daling van de olieprijzen een invloed op het Belgische inflatieniveau. Motorbrandstoffen en huisbrandolie kenden in 2014 een gemiddelde prijsdaling van respectievelijk 3,7 en 7,1 procent. De stabiliteit van de euro ten opzichte van de dollar werkte de dalingen nog meer in hand.

Ook de prijzen van groenten (-7,4%) en fruit (-4,5%) zakten gevoelig in 2014. Door de Russische boycot en de weeromstandigheden was er een overaanbod. Vooral de prijzen van prei (-31,1%) en aardappelen (-22,6%) kelderden.

Prijsstijgingen

Niet alle producten volgden die dalende tendens. Diensten bijvoorbeeld werden duurder. Bovendien was de prijsstijging voor diensten (+2,3%) in 2014 groter dan in 2013 (+1,9%).

Vooral huisvestingsdiensten stegen in prijs, bijvoorbeeld huisvuilophaling (+18,5%) of de diensten van een elektricien (+4,3%). Ter vergelijking: in onze voornaamste buurlanden steeg de diensteninflatie met 1,6 procent.

Ook de prijzen van alcoholische dranken zoals trappistenbier (+5,8%) en een fles jenever (+ 6,5%) gingen omhoog. Een pakje sigaretten werd 9,2 procent duurder.

Effect QE

De Europese Centrale Bank hoopt de inflatie op te krikken door zeker tot september 2016 elke maand 60 miljard euro in de economie van de Europese lidstaten te pompen. ECB-voorzitter Mario Draghi mikt op een Europese inflatie van 1,5 procent in 2016. Eerder was dat 1,3 procent.

Het opkoopprogramma van de ECB moet ook de Europese economie een duwtje in de rug geven. Daar is het doel een economische groei van 1,9 procent. (NS)