Door het nucleair akkoord tussen Iran en de zes grootmachten van de VN mag het land opnieuw de wereldwijde oliemarkt betreden. Uit cijfers van het kwartaaloverzicht van de Wereldbank blijkt dat het aantal vaten olie op de wereldmarkt daardoor zal toenemen met 1 miljoen. Dat schrijft De Standaard.

De terugkeer van Iran naar de oliemarkt is goed nieuws voor de economie, maar slecht nieuws voor de producenten. Door het grotere aanbod zien zij hun prijzen verder dalen. 'We voorspellen lagere exportinkomsten voor andere olie-exporteurs in de regio, zoals de Golfstaten en Libië', schrijft de Wereldbank.

Oliekraan blijft openstaan

De olieproducenten moeten al een tijdje het hoofd bieden aan lage verkoopprijzen. Zo is de Brent-olieprijs sinds juni met 25 procent gezakt. Vandaag gaat een vat olie over de toonbank voor ongeveer 50 dollar. Vorige week werd er nog een daling genoteerd van 6,9 procent, de zesde weekdaling op rij. Een stijging is dus nog niet in zicht.

Niet alleen de opheffing van de maatregelen tegen Iran houden de olieprijzen laag. De Opec-landen en de Verenigde Staten hebben momenteel geen plannen om de oliekraan dicht te draaien. Zo telt de VS momenteel 90 miljoen vaten meer in voorraad dan gemiddeld. Bovendien winnen de Amerikaanse voorstanders voor het toelaten van de export van ruwe olie almaar aan belang. Vooralsnog is dat verboden. Dat schrijft Koen De Leus in een analyse. Hij vreest ook dat de verdere vertraging van de Chinese economie op de vraag gaat wegen.

Dieselchauffeurs

De verdere daling van de olieprijzen is goed nieuws voor de dieselchauffeurs. In mei betaalden zij nog 1,32 euro voor een liter, nu is dat 1,20 euro. Ook voor wie zijn huis met stookolie verwarmt, kan profiteren van de prijsdaling. In mei kostte een liter 0,67 euro, nu nog 0,55 euro. Dat blijkt uit gegevens van van de Belgische Petroleumfederatie.

Wie met een benzinewagen rijdt, heeft minder geluk. Zij tellen nu 1,49 euro neer per liter. Dat is nauwelijks lager dan in mei. Dat komt omdat de benzineprijs anders reageert dan die van diesel. Daarnaast is de dynamiek van vraag en aanbod anders voor verschillende brandstoffen.

De regering wil met de aangekondigde dieselaccijnzen het prijsverschil tussen benzine en diesel verkleinen. (NS)

Door het nucleair akkoord tussen Iran en de zes grootmachten van de VN mag het land opnieuw de wereldwijde oliemarkt betreden. Uit cijfers van het kwartaaloverzicht van de Wereldbank blijkt dat het aantal vaten olie op de wereldmarkt daardoor zal toenemen met 1 miljoen. Dat schrijft De Standaard. De terugkeer van Iran naar de oliemarkt is goed nieuws voor de economie, maar slecht nieuws voor de producenten. Door het grotere aanbod zien zij hun prijzen verder dalen. 'We voorspellen lagere exportinkomsten voor andere olie-exporteurs in de regio, zoals de Golfstaten en Libië', schrijft de Wereldbank.De olieproducenten moeten al een tijdje het hoofd bieden aan lage verkoopprijzen. Zo is de Brent-olieprijs sinds juni met 25 procent gezakt. Vandaag gaat een vat olie over de toonbank voor ongeveer 50 dollar. Vorige week werd er nog een daling genoteerd van 6,9 procent, de zesde weekdaling op rij. Een stijging is dus nog niet in zicht. Niet alleen de opheffing van de maatregelen tegen Iran houden de olieprijzen laag. De Opec-landen en de Verenigde Staten hebben momenteel geen plannen om de oliekraan dicht te draaien. Zo telt de VS momenteel 90 miljoen vaten meer in voorraad dan gemiddeld. Bovendien winnen de Amerikaanse voorstanders voor het toelaten van de export van ruwe olie almaar aan belang. Vooralsnog is dat verboden. Dat schrijft Koen De Leus in een analyse. Hij vreest ook dat de verdere vertraging van de Chinese economie op de vraag gaat wegen. De verdere daling van de olieprijzen is goed nieuws voor de dieselchauffeurs. In mei betaalden zij nog 1,32 euro voor een liter, nu is dat 1,20 euro. Ook voor wie zijn huis met stookolie verwarmt, kan profiteren van de prijsdaling. In mei kostte een liter 0,67 euro, nu nog 0,55 euro. Dat blijkt uit gegevens van van de Belgische Petroleumfederatie. Wie met een benzinewagen rijdt, heeft minder geluk. Zij tellen nu 1,49 euro neer per liter. Dat is nauwelijks lager dan in mei. Dat komt omdat de benzineprijs anders reageert dan die van diesel. Daarnaast is de dynamiek van vraag en aanbod anders voor verschillende brandstoffen. De regering wil met de aangekondigde dieselaccijnzen het prijsverschil tussen benzine en diesel verkleinen. (NS)