In het zogenaamde veldwetboek staat een bepaling die aangeeft op welke afstand bomen van de perceelgrens moeten staan. Er wordt een onderscheid tussen zogenaamde hoogstammige en laagstammige bomen

Welke afstand?

Hoogstammige bomen moeten minstens op twee meter van de perceel grens staan. Bomen die laagstammig zijn mogen op een halve meter van de scheiding worden aangeplant. Deze afstanden gelden evenwel enkel als er in de buurt waar u woont geen andere gebruiken zijn. Of dit het geval is kan je vernemen op de griffie van het vredegerecht waaronder je valt.

Bovendien kan je de regel van de afstanden niet meer inroepen als de bomen er al dertig jaar staan. Je buurman zou zich namelijk in dat geval op de verjaring kunnen beroepen. Overigens kan een boomexpert perfect de leeftijd van een boom bepalen aan de hand van het aantal ringen.

Hoog- of laagstammige boom?

Het probleem is echter dat de wetgever niet bepaald heeft wat als een hoogstammige boom dient beschouwd te worden. Bij discussie is het de vrederechter die zal uitmaken of een boom hoog- dan wel laagstammig is.

Hij zal daarbij rekening houden met de soort of het ras van de boom, met de eventuele schade die de bomen aan het naburige erf kunnen berokkenen, en dit niet alleen door hun schaduw, maar ook door hun wortels, hun gronduitputting, de normaal te verwachten ontwikkeling, de schade in de toekomst en dergelijk meer.

Overmatige burenhinder

Los van de regel uit het veldwetboek, kan je je verder ook beroepen op de theorie van de overmatige burenhinder, zelfs als de bomen op de wettelijke afstand van twee meter of meer staan.

Indien de bomen namelijk een grotere hinder veroorzaken dan wat je redelijkerwijze als buur moet dulden, kan je eveneens stappen ondernemen tegen je buur. Dit zou bijvoorbeeld. het geval kunnen zijn als een groot deel van het zonlicht in je tuin wordt tegengehouden door de bomen.

Concreet bestaat de meest aangewezen weg (als je buur niet bereid is minnelijk een oplossing te vinden) erin je buur eerst op te roepen in verzoening voor de vrederechter. Komt daar geen regeling tot stand, dan kan je overwegen je buur te dagvaarden om de bomen te rooien. Voor een dergelijke procedure doe je best een beroep op de diensten van een advocaat.(JS)

In het zogenaamde veldwetboek staat een bepaling die aangeeft op welke afstand bomen van de perceelgrens moeten staan. Er wordt een onderscheid tussen zogenaamde hoogstammige en laagstammige bomenHoogstammige bomen moeten minstens op twee meter van de perceel grens staan. Bomen die laagstammig zijn mogen op een halve meter van de scheiding worden aangeplant. Deze afstanden gelden evenwel enkel als er in de buurt waar u woont geen andere gebruiken zijn. Of dit het geval is kan je vernemen op de griffie van het vredegerecht waaronder je valt. Bovendien kan je de regel van de afstanden niet meer inroepen als de bomen er al dertig jaar staan. Je buurman zou zich namelijk in dat geval op de verjaring kunnen beroepen. Overigens kan een boomexpert perfect de leeftijd van een boom bepalen aan de hand van het aantal ringen. Het probleem is echter dat de wetgever niet bepaald heeft wat als een hoogstammige boom dient beschouwd te worden. Bij discussie is het de vrederechter die zal uitmaken of een boom hoog- dan wel laagstammig is. Hij zal daarbij rekening houden met de soort of het ras van de boom, met de eventuele schade die de bomen aan het naburige erf kunnen berokkenen, en dit niet alleen door hun schaduw, maar ook door hun wortels, hun gronduitputting, de normaal te verwachten ontwikkeling, de schade in de toekomst en dergelijk meer.Los van de regel uit het veldwetboek, kan je je verder ook beroepen op de theorie van de overmatige burenhinder, zelfs als de bomen op de wettelijke afstand van twee meter of meer staan. Indien de bomen namelijk een grotere hinder veroorzaken dan wat je redelijkerwijze als buur moet dulden, kan je eveneens stappen ondernemen tegen je buur. Dit zou bijvoorbeeld. het geval kunnen zijn als een groot deel van het zonlicht in je tuin wordt tegengehouden door de bomen. Concreet bestaat de meest aangewezen weg (als je buur niet bereid is minnelijk een oplossing te vinden) erin je buur eerst op te roepen in verzoening voor de vrederechter. Komt daar geen regeling tot stand, dan kan je overwegen je buur te dagvaarden om de bomen te rooien. Voor een dergelijke procedure doe je best een beroep op de diensten van een advocaat.(JS)