De toename is vooral toe te schrijven aan de toegenomen waarde van de financiële activa (+45,3 miljard euro). Het gaat om participaties in beleggingsfondsen (+23,8 miljard euro), beursgenoteerde aandelen (+16,2 miljard euro) en niet-beursgenoteerde aandelen en overige deelnemingen (+5,4 miljard euro).

Bovendien investeerden particulieren in 2021 voor in totaal 32,1 miljard euro in financiële activa. Die stegen zo van 1.456,9 tot een recordbedrag van 1.534,3 miljard euro eind 2021. De toename is vooral te verklaringen door nieuwe investeringen in beleggingsfondsen (+20,9 miljard euro), in zichtdeposito's (+8,7 miljard euro) en spaardeposito's (+7,9 miljard euro).

Tegelijk namen ook de financiële verplichtingen toe van particulieren, van 315,4 miljard euro eind 2020 tot 330,4 miljard euro eind 2021. De stijging was voornamelijk toe te schrijven aan de hypothecaire leningen (+14,3 miljard euro).

Het netto financieel vermogen stijgt zo op tien jaar met 43,5 procent. Eind 2011 ging het om 839,1 miljard euro, 10 jaar later om 1.203,9 miljard euro. Bij de financiële activa nam het relatieve belang van participaties in beleggingsfondsen in die periode toe van 9,8 naar 18 procent. Bij de financiële verplichtingen groeide het aandeel hypothecaire leningen van 78,3 procent in 2011 naar 83,3 procent in 2021.

De toename is vooral toe te schrijven aan de toegenomen waarde van de financiële activa (+45,3 miljard euro). Het gaat om participaties in beleggingsfondsen (+23,8 miljard euro), beursgenoteerde aandelen (+16,2 miljard euro) en niet-beursgenoteerde aandelen en overige deelnemingen (+5,4 miljard euro). Bovendien investeerden particulieren in 2021 voor in totaal 32,1 miljard euro in financiële activa. Die stegen zo van 1.456,9 tot een recordbedrag van 1.534,3 miljard euro eind 2021. De toename is vooral te verklaringen door nieuwe investeringen in beleggingsfondsen (+20,9 miljard euro), in zichtdeposito's (+8,7 miljard euro) en spaardeposito's (+7,9 miljard euro). Tegelijk namen ook de financiële verplichtingen toe van particulieren, van 315,4 miljard euro eind 2020 tot 330,4 miljard euro eind 2021. De stijging was voornamelijk toe te schrijven aan de hypothecaire leningen (+14,3 miljard euro). Het netto financieel vermogen stijgt zo op tien jaar met 43,5 procent. Eind 2011 ging het om 839,1 miljard euro, 10 jaar later om 1.203,9 miljard euro. Bij de financiële activa nam het relatieve belang van participaties in beleggingsfondsen in die periode toe van 9,8 naar 18 procent. Bij de financiële verplichtingen groeide het aandeel hypothecaire leningen van 78,3 procent in 2011 naar 83,3 procent in 2021.