Veel economen en politici zijn ervan overtuigd dat deflatie altijd gepaard gaat met een economische crisis. Dat klopt niet, schrijft De Standaard. De krant baseert zich op een onderzoek van de Bank voor Internationale Betalingen (BIB). Daaruit blijkt dat deflatie en economische groei hand in hand kunnen gaan.

De onderzoekers hebben groei- en deflatiecijfers sinds 1870 verzameld over 38 economieën. Opvallend: voor de start van de tweede oorlog was deflatie geen uitzondering. Integendeel: in totaal vonden ze 534 gevallen waar de prijzen in één land één jaar lang daalden tussen 1870 en 1938. Vooral tussen 1920 en 1940 kregen veel landen te kampen met deflatie. Onder andere Nederland, Zwitserland en Zweden kregen veel met prijsdalingen te maken. Sinds WO II komt deflatie minder vaak voor. In België vierde deflatie hoogtij tussen 1930 en 1940.

BIB
© BIB

De onderzoekers kwamen tot de conclusie dat deflatie niet altijd gepaard ging met een zwakke economische groei. "Deflatie kan zowel in combinatie met een negatieve als een positieve groei voorkomen", zeggen de onderzoekers. Bovendien onderstrepen ze dat de groei niet veel groter is in een periode met prijsstijgingen dan in een periode met prijsdalingen. In de naoorlogse periode kenden de landen met deflatie zelfs een sterkere economische groei (3,2%) dan die met een inflatie (2,7%).

The Great Depression

De negatieve emotie die veel economische experts koppelen aan deflatie is te wijten aan de 'de Grote Depressie' van de jaren '30. De werkloosheid piekte, bedrijven gingen over de kop en de economische groei viel volledig stil. Dat alles viel samen met prijsdalingen. Toch mogen we geen verband leggen tussen beide gebeurtenissen, oordelen de onderzoekers. "Andere factoren hebben daarbij een rol gespeeld." Daarbij verwijzen ze naar de vastgoedmarkt- en de beurscrash die het gevolg waren van de zeepbellen die in de jaren 20 waren opgebouwd.

"Politici moeten meer aandacht geven aan het opblazen en uiteenspatten van zeepbellen op de beurs of op de vastgoedmarkt dan aan de dalende prijzen van goederen en diensten. Die zijn minder bepalend voor de economische groei", concluderen de onderzoekers. (NS)

Veel economen en politici zijn ervan overtuigd dat deflatie altijd gepaard gaat met een economische crisis. Dat klopt niet, schrijft De Standaard. De krant baseert zich op een onderzoek van de Bank voor Internationale Betalingen (BIB). Daaruit blijkt dat deflatie en economische groei hand in hand kunnen gaan. De onderzoekers hebben groei- en deflatiecijfers sinds 1870 verzameld over 38 economieën. Opvallend: voor de start van de tweede oorlog was deflatie geen uitzondering. Integendeel: in totaal vonden ze 534 gevallen waar de prijzen in één land één jaar lang daalden tussen 1870 en 1938. Vooral tussen 1920 en 1940 kregen veel landen te kampen met deflatie. Onder andere Nederland, Zwitserland en Zweden kregen veel met prijsdalingen te maken. Sinds WO II komt deflatie minder vaak voor. In België vierde deflatie hoogtij tussen 1930 en 1940. De onderzoekers kwamen tot de conclusie dat deflatie niet altijd gepaard ging met een zwakke economische groei. "Deflatie kan zowel in combinatie met een negatieve als een positieve groei voorkomen", zeggen de onderzoekers. Bovendien onderstrepen ze dat de groei niet veel groter is in een periode met prijsstijgingen dan in een periode met prijsdalingen. In de naoorlogse periode kenden de landen met deflatie zelfs een sterkere economische groei (3,2%) dan die met een inflatie (2,7%). De negatieve emotie die veel economische experts koppelen aan deflatie is te wijten aan de 'de Grote Depressie' van de jaren '30. De werkloosheid piekte, bedrijven gingen over de kop en de economische groei viel volledig stil. Dat alles viel samen met prijsdalingen. Toch mogen we geen verband leggen tussen beide gebeurtenissen, oordelen de onderzoekers. "Andere factoren hebben daarbij een rol gespeeld." Daarbij verwijzen ze naar de vastgoedmarkt- en de beurscrash die het gevolg waren van de zeepbellen die in de jaren 20 waren opgebouwd. "Politici moeten meer aandacht geven aan het opblazen en uiteenspatten van zeepbellen op de beurs of op de vastgoedmarkt dan aan de dalende prijzen van goederen en diensten. Die zijn minder bepalend voor de economische groei", concluderen de onderzoekers. (NS)