N-VA-parlementslid Veerle Wouters vroeg minister van Financiën Koen Geens om meer informatie. Het Europees Hof van Justitie had in 2013 namelijk geoordeeld dat van zodra een fotovoltaïsche installatie elektriciteit produceert die aan het elektriciteitsnet wordt geleverd in ruil voor een duurzame opbrengst er voldaan is aan de voorwaarden om als economische activiteit te worden bestempeld. En dus zou er btw aangerekend moeten worden, waarna die moet worden afgedragen aan de overheid. Hetzelfde geldt bij de verkoop van de ontvangen groenestroomcertificaten. Volgens Geens maken de meeste particulieren met zonnepanelen gebruik van een terugdraaiende teller als ze de opgewekte energie die ze niet meteen zelf gebruiken op het net plaatsen. Die hoeveelheid wordt dan in mindering gebracht van het totale energieverbruik. Bij gebrek aan aparte contractuele verbintenissen gaat men er in de praktijk vanuit dat er geen btw op de levering aan het net moet worden aangerekend, aldus de minister. Wanneer er gebruik wordt gemaakt van een dubbele teller, is er in principe wel sprake van een belastbare levering van elektriciteit op grond van een afgesloten overeenkomst tussen de eindklant en de energieleverancier. Die levering is uiteraard beperkt tot de door hem opgewekte maar niet onmiddellijk verbruikte stroom. Voor de verkoop van groenestroomcertificaten moet eveneens een onderscheid worden gemaakt. Als de betrokkene geen andere activiteit uitoefent waarvoor hij btw-plichtig is, zal de verkoop niet aan de btw worden onderworpen. Is dat wel het geval - bijvoorbeeld bij een zelfstandige - dan zal er wel btw moeten worden aangerekend en doorgestort. Eventueel kunnen de betrokkenen terugvallen op de vrijstelling van de btw-plicht indien de omzet onder de 15.000 euro blijft. Financiën werkt volgens Geens aan een publicatie om een en ander te verduidelijken. Daarin zullen de normen worden opgenomen waaronder de hoeveelheid stroom moet vallen om niet als economische activiteit te worden aanzien. (Belga)

N-VA-parlementslid Veerle Wouters vroeg minister van Financiën Koen Geens om meer informatie. Het Europees Hof van Justitie had in 2013 namelijk geoordeeld dat van zodra een fotovoltaïsche installatie elektriciteit produceert die aan het elektriciteitsnet wordt geleverd in ruil voor een duurzame opbrengst er voldaan is aan de voorwaarden om als economische activiteit te worden bestempeld. En dus zou er btw aangerekend moeten worden, waarna die moet worden afgedragen aan de overheid. Hetzelfde geldt bij de verkoop van de ontvangen groenestroomcertificaten. Volgens Geens maken de meeste particulieren met zonnepanelen gebruik van een terugdraaiende teller als ze de opgewekte energie die ze niet meteen zelf gebruiken op het net plaatsen. Die hoeveelheid wordt dan in mindering gebracht van het totale energieverbruik. Bij gebrek aan aparte contractuele verbintenissen gaat men er in de praktijk vanuit dat er geen btw op de levering aan het net moet worden aangerekend, aldus de minister. Wanneer er gebruik wordt gemaakt van een dubbele teller, is er in principe wel sprake van een belastbare levering van elektriciteit op grond van een afgesloten overeenkomst tussen de eindklant en de energieleverancier. Die levering is uiteraard beperkt tot de door hem opgewekte maar niet onmiddellijk verbruikte stroom. Voor de verkoop van groenestroomcertificaten moet eveneens een onderscheid worden gemaakt. Als de betrokkene geen andere activiteit uitoefent waarvoor hij btw-plichtig is, zal de verkoop niet aan de btw worden onderworpen. Is dat wel het geval - bijvoorbeeld bij een zelfstandige - dan zal er wel btw moeten worden aangerekend en doorgestort. Eventueel kunnen de betrokkenen terugvallen op de vrijstelling van de btw-plicht indien de omzet onder de 15.000 euro blijft. Financiën werkt volgens Geens aan een publicatie om een en ander te verduidelijken. Daarin zullen de normen worden opgenomen waaronder de hoeveelheid stroom moet vallen om niet als economische activiteit te worden aanzien. (Belga)