Vier jaar geleden heeft het Belgische parlement de wet over de rechtsvordering tot collectief herstel aangenomen, zeg maar de collectieve schadeclaim of classaction op zijn Belgisch. "Sinds 1 september 2014 kun je een procedure starten voor een gedefinieerde groep particulieren, waarvan je aanvankelijk niet zeker weet hoe groot ze is en wie er precies in zit", zegt Stan Brijs, partner van het advocatenkantoor NautaDutilh en gespecialiseerd in procesrecht en massaschade.
...

Vier jaar geleden heeft het Belgische parlement de wet over de rechtsvordering tot collectief herstel aangenomen, zeg maar de collectieve schadeclaim of classaction op zijn Belgisch. "Sinds 1 september 2014 kun je een procedure starten voor een gedefinieerde groep particulieren, waarvan je aanvankelijk niet zeker weet hoe groot ze is en wie er precies in zit", zegt Stan Brijs, partner van het advocatenkantoor NautaDutilh en gespecialiseerd in procesrecht en massaschade."Pas bij de schadeafwikkeling, aan het einde van die procedure, moeten alle gedupeerde consumenten worden geïdentificeerd. Voor 1 september 2014 moesten alle gedupeerden vanaf het begin één voor één worden geïdentificeerd als eiser." Het voordeel is dat de berg papierwerk die daarbij komt kijken, dankzij de collectieve schadeclaim, pas moet worden afgehandeld op het moment dat er zekerheid is over een schadevergoeding. Er is wel nog altijd een groot verschil tussen de collectieve schadeclaims in België en classactions in de Verenigde Staten . In de Verenigde Staten is er een hele business rond gebouwd. Heeft iemand zich verbrand aan een beker hete koffie? Dan dienen advocaten een schadeclaim in tegen de keten van koffiebars. Ze vinden wel andere slachtoffers. "In de Verenigde Staten start bij wijze van spreken elke dag wel ergens een classaction waarvan je een potentiële begunstigde bent. Er zijn mensen die daar goed hun brood mee verdienen", zegt Brijs. In België wilde de wetgever dat soort uitwassen vermijden. Daarom kunnen in ons land enkel verenigingen die voldoen aan strikte voorwaarden optreden als vertegenwoordiger van een groep gedupeerden. Het komt er eigenlijk op neer dat ze geen winst mogen maken door classactions te voeren. De enige organisatie die onder die voorwaarden kan en wil werken, is de consumentenorganisatie Test-Aankoop."Collectieve claims zullen in ons land nooit een winstgevende activiteit worden", voorspelt Brijs. "De vertegenwoordiger van de groep mag enkel de kosten aanrekenen die hij werkelijk maakt. Maar gaat het enkel om de kosten voor de advocaten? Of mogen organisaties ook vaste kosten in rekening brengen? Dat is nog niet duidelijk." In Nederland zijn er verschillende claimorganisaties, die werken volgens het no cure, nopay-principe. Als ze een schadevergoeding uit de brand slepen, nemen ze daar een commissie op. Dat mag niet in België."In Nederland worden bij massaschade vaak ad hoc organisaties of stichtingen opgestart, maar ook dat kan bij ons niet", weet Brijs. In België moeten zulke verenigingen minstens drie jaar bestaan vooraleer ze een procedure kunnen inspannen en moeten ze erkend zijn door de minister van Economie. Die collectieve procedure kan veel sneller starten, maar ze neemt nog altijd veel tijd in beslag. "We hebben nog geen enkele uitspraak ten gronde", zegt Simon November, de woordvoerder van Test-Aankoop. Sinds 1 september 2014 heeft de organisatie zes rechtsvorderingen gestart. Daarvan hebben er twee - tegen de vervoersmaatschappij NMBS en de touroperator Thomas Cook - geleid tot een minnelijke schikking. De andere zaken lopen nog. De consumentenorganisatie vindt het spijtig dat ze niet geraadpleegd werd in het kader van een evaluatie van de wet betreffende de rechtsvordering tot collectief herstel. Op 22 maart is een nieuwe wet aangenomen, die binnenkort in werking treedt mét retroactieve werking. België erkent voortaan ook groepsvertegenwoordigers die een erkenning hebben in een andere lidstaat van de Europese Unie. Daarnaast is in die wet ook een groepsvertegenwoordiger voor kmo's opgenomen. De uitbreiding van de collectieve schadeclaims naar kmo's komt er deels door de fipronilcrisis. Doordat een schoonmaakbedrijf het niet al te nauw nam met de regels, kwam de schadelijke stof fipronil terecht in kippenstallen. Door ook kmo's de kans te geven hun krachten te bundelen, staan ze sterker. Kmo's kunnen retro-actief teruggaan tot 1 september 2014 om schade die ze hebben geleden via een groepsvordering collectief te verhalen. Test-Aankoop eist bijvoorbeeld ook nog een schadevergoeding van Volkswagen en D'Ieteren voor het gesjoemel met dieselwagens. "De consumenten die hun wagen hebben gekocht nadat de wet in werking is getreden, kunnen zich gratis aansluiten bij de groepsvordering", zegt November. "We mogen daarvoor niets aanrekenen. Er zijn geen kosten bij een verlies, en we vragen geen commissie bij een overwinning. Voor de klanten die hun wagen voor 1 september 2014 hebben gekocht, moeten we individuele procedures starten en kunnen we wel vragen lid te worden. De financiering van de classactions is volgens mij de grootste valkuil van deze wet. Wij draaien op ledenbijdragen, we hebben geen reclame-inkomsten en we krijgen ook geen subsidies." Test-Aankoop vindt het zijn plicht zaken aanhangig te maken bij de rechter, maar de organisatie moet tegelijk selectief zijn. Ze kan niet alle klachten van consumenten voor de rechter brengen. November: "We doen een aantal zaken, omdat we als consumentenorganisatie onze verantwoordelijkheid moeten opnemen en we hopen dat het goede pr oplevert. Maar we lijden daar verlies op en dat kan onze werking inzake collectieve rechtsvorderingen op termijn uithollen." Ook in de richtlijn die de Europese Commissie onlangs aan de lidstaten heeft voorgesteld, mogen enkel erkende verenigingen zonder winstoogmerk een groepsvordering instellen. Het Dieselgate-schandaal heeft ook op Europees niveau zaken in beweging gebracht. Commissie-voorzitter Jean-Claude Juncker had het in zijn State of the Union in september over een "New Deal voor consumenten". De Europese consument heeft evenveel rechten als de Amerikaanse, maar niet evenveel wapens om die rechten af te dwingen. Tot nu sleepten consumentenorganisaties uit twee lidstaten van de Europese Unie na het dieselschandaal 5,5 miljoen euro uit de brand voor gedupeerde consumenten. In de Verenigde Staten moest Volkswagen 25 miljard dollar, of meer dan vier keer zoveel, uitkeren om de schade te vergoeden. Volgens de Europese consumentenorganisatie BEUC is België een voorbeeld voor andere lidstaten. Ons land staat samen met Italië, Portugal, Spanje en Zweden op haar groene lijst met EU-landen die een goed werkend systeem voor groepsvorderingen hebben. Een woordvoerder van BEUC legt uit dat het vooral belangrijk is dat de Belgische rechters kunnen beslissen dat een opt-out voor alle Belgische consumenten het beste systeem is voor een procedure."Dat betekent dat die consumenten niets meer hoeven te doen om recht te hebben op een schadevergoeding. Ze kunnen wel nog van de collectieve schaderegeling afzien. Dat is een voordeel, want op die manier ontvangt een grotere groep mensen een vergoeding dan bij een opt-in. Bij een opt-in moeten de consumenten er expliciet voor kiezen zich aan te sluiten." Buitenlanders zijn hoe dan ook opt-in. Brijs vindt dat de Belgische rechters tot nu de juiste keuzes hebben gemaakt. "Ze bekijken zaak per zaak hoe de belangen van de consument het beste worden verdedigd. Is de zaak bekend of niet bekend? Is er veel media-aandacht aan besteed? Zijn consumenten er zich bewust van dat ze een keuze moeten maken? Ik vind dat de rechters daar verstandig mee omspringen." Er is volgens November niets mis mee dat de keuze bij de rechter ligt. "Maar in de praktijk is een opt-in moeilijk werkbaar, zoals we bij de procedure tegen Proximus hebben gezien", vindt hij. "Alle klanten die tussen 2008 en 2013 een decoder hadden gekocht, moesten worden aangeschreven. De griffie van het hof van beroep heeft 2000 brieven moeten verwerken en klasseren. Bij een opt-out treed je op voor alle klanten die betrokken zijn. Beslist de rechter een compensatie uit te keren, dan moet Proximus aan zijn klantenbestand een vergoeding betalen. Dat is makkelijker, met veel minder administratieve last."