Wie achterstallig is, heeft diverse opties. Een ervan is de verlenging van de afbetalingstermijn, waarbij de terugbetaling over een langere periode kan worden gespreid. Een tweede optie is een gedeeltelijke kwijtschelding van de schulden. Dit kan tussen kredietgever en kredietnemer worden onderhandeld, maar ze kan ook worden opgelegd door de rechtbank. Die kan tot deze ingreep beslissen als het de enige weg is om de kredietnemer toch enig perspectief te bieden. De laatste optie is de meest drastische. Hier kan de rechtbank de totale schuld kwijtschelden. Dat gebeurt slechts indien de toestand van de kredietnemer totaal uitzichtloos is. Bijvoorbeeld indien iemand invalide wordt en geen inkomsten meer haalt. Deze kwijtschelding kan echter maar worden toegekend nadat alle goederen die voor beslag vatbaar zijn, werden verkocht om de schuldeiser terug te betalen. Bovendien kan de rechter voor maximaal vijf jaar begeleidingsmaatregelen zoals een ontwenningskuur aan verslaafden opleggen. En mocht de schuldenaar binnen de vijf jaar alsnog "terugkeren tot beter fortuin", bijvoorbeeld door een erfenis of een schenking, dan moet hij zijn schulden alsnog afbetalen. De kwijtschelding van schulden is bijgevolg slechts definitief verworven na vijf jaar. (Belga)