Eerder deze maand heeft de minister van Justitie, Koen Geens (CD&V), een diepgaande vernieuwing van de basiswetgeving voorgesteld. Vandaag bekijken wij nog eens wat de opvallendste veranderingen zijn. Centraal staat meer vrijheid en flexibiliteit voor de erflaters.

De minister gaat met oog op de nieuwe gezinssamenstellingen en de hogere levensverwachtingen ook het erfrecht opfrissen.Zo wil hij, op vraag van Carina Van Cauter (Open Vld), de erflater meer vrijheid geven om te bepalen wie wat erft van hem. De kinderen hebben sowieso recht op een vast deel van de erfenis. Wie één kind heeft, moet momenteel de helft van zijn erfenis afstaan aan zijn nageslacht. Bij twee kinderen loopt dat op tot twee derde en bij drie kinderen of meer tot drie vierde. /Para

De minister wil de wettelijke reserve voor de kinderen - ongeacht de gezinsgrootte - inperken tot de helft van het nalatenschap. Wie de kinderen verder wil onterven, kan dat, maar moet daar met hen bindende afspraken over maken. "Op die manier kan de erflater een passende regeling bedenken op maat van zijn gezinssituatie, die bijvoorbeeld rekening houdt met een zorgkind of stiefkinderen", aldus Geens. Dat wetsontwerp wordt de komende weken aan de regering voorgelegd.

Betere bescherming huismoeder of -vaders

De minister wil ook de huismoeder of -vaders beter beschermen bij een echtscheiding. Zij hebben geen vangnet wanneer zij een scheiding van goederen hebben opgenomen in hun huwelijkscontract. Rechters reageren bovendien zeer verschillend op dat probleem, waardoor veel rechtsonzekerheid ontstaat.

Daar moet een hervorming van het familiaal vermogensrecht verandering in brengen. "De aanpassingen moeten de maatschappelijke realiteit beter reflecteren", klinkt het in een nota. "We willen een grotere nadruk leggen op de solidariteit tussen de echtgenoten ongeacht het gekozen huwelijksvermogensstelsel."

Daarom roept minister Geens een nieuw huwelijksstelsel in het leven, met verrekening van de aanwinsten, de goederen en de inkomsten die het koppel tijdens het huwelijk heeft verworven. Een getrouwd koppel zal dan kunnen kiezen voor een stelsel dat de autonomie van de echtgenoten centraal stelt, maar ook rekening houdt met een zekere solidariteit als het huwelijk wordt beëindigd.

Daarnaast gaat de minister onderzoeken of ook bij een zuivere scheiding van goederen een bijkomend correctiemechanisme kan worden ingevoerd zodat de rechter de mogelijkheid krijgt om in uitzonderlijke gevallen onredelijkheden te verhelpen. Het nieuwe stelsel komt boven op de drie bestaande stelsels: het stelsel van de zuivere scheiding van goederen, het stelsel van de algehele gemeenschap en het stelsel van de gemeenschap van aanwinsten.

Wettelijke en feitelijke samenwonenden

Voorts gaat Geens onderzoeken of hij het vermogensrechtelijke regime voor wettelijke en feitelijke samenwonenden verder kan uitbreiden. Die laatsten genieten momenteel geen wettelijke bescherming. Een wettelijke samenwoning verplicht beide partners onder meer naargelang hun draagkracht bij te dragen in de lasten van de samenwoning. Daarenboven kan een van de partners niet op eigen houtje beslissen de gezinswoning te verkopen. Aan feitelijk samenwonen zijn geen soortgelijke verplichtingen en rechten tegenover elkaar verbonden.

Volgens Geens is het rechtelijke kader van de beide samenlevingsvormen aan een update toe. "Het aantal mensen die feitelijk of wettelijk samenwoont, neemt toe. Daarom willen we onderzoeken of we ongehuwde koppels beter kunnen beschermen", klinkt het in de nota.

Geens gaat de wettelijke samenleving bovendien beperken tot affectieve relaties. Dat betekent dat enkel nog koppels onder dat stelsel kunnen samenwonen. Een wettelijke samenleving tussen bijvoorbeeld een vader en zijn zoon zal dus niet meer mogelijk zijn.

Voorschot erfenis

Tot slot wijzigen de nieuwe regels ook voor wie al tijdens zijn leven een voorschot op zijn erfenis wil schenken aan een erfgenaam of een derde. Na het overlijden moet die schenking uiteraard in rekening gebracht worden bij de totale verdeling van de nalatenschap.

In het huidige erfrecht geeft dat soms nog nare verrassingen. Denk bijvoorbeeld aan twee kinderen, waarvan de ene 300.000 euro cash krijgt en de andere een onroerend goed ter waarde van 300.000 euro. Is dat laatste op het moment van overlijden in waarde gestegen, dan zal die nieuwe waarde meegenomen worden in de berekening. Daardoor zal het tweede kind een kleiner deel krijgen van het resterende deel van de erfenis.

Net daarom komt er nu een uniforme regel. Zowel voor roerende als onroerende goederen zal de schenking voortaan gebeuren in waarde en niet meer in natura, volgens de waarde op de dag van de schenking. De nieuwe eengemaakte regel maakt het mogelijk dat de begunstigden van de schenking het geschonken goed - zoals een huis - voortaan kunnen behouden, mits een vergoeding van de waarde aan de andere erfgenamen.