Er is een principeakkoord in de regering over het halftijds pensioen. Als de minister van Pensioenen zijn zin krijgt, dan zouden mensen die aan de voorwaarden van vervroegd pensioen voldoen, vanaf 2020 halftijds kunnen werken, in combinatie met een halftijds pensioen. Ze zouden dus een gedeeltelijke pensioenuitkering krijgen en gedeeltelijk voort pensioenrechten opbouwen.

Wirwar aanpakken

Marjan Maes, docent aan de KU Leuven en pensioenadviseur van minister van Binnenlandse Zaken, Jan Jambon (N-VA), zegt dat het halftijds pensioen een antwoord biedt op "een groeiende behoefte van gepensioneerden die niet bruusk maar gradueel willen stoppen met werken".

"Het deeltijds pensioen vanaf 60 à 63 jaar is een vooruitgang als het zou samengaan met een vervanging van de wirwar van stelsels van vervroegde uittrede in België", voegt Maes eraan toe. "In de private sector zijn stappen ondernomen, met het optrekken van de leeftijd om op SWT te gaan. SWT is het systeem dat het vroegere brugpensioen vervangt. In de publieke sector bestaan nog meer dan vijftig vervroegde-uittredestelsels, zoals systemen van halftijds werken vanaf 55 of 50 jaar en landingsbanen op 55 jaar, die meetellen voor de opbouw van pensioenrechten alsof mensen voltijds gewerkt hebben."

Bonus-malus

Jean Hindriks, lid van de Academische Raad van Pensioenen, waarschuwt dat de bedoeling wel goed is, maar dat de juiste volgorde niet gerespecteerd wordt. "De regering moet eerst een bonus-malussysteem herinvoeren, dat langer werken beloont met een hoger pensioen en korter werken bestraft." Dat kan door een zogenoemde actuariële correctie toe te passen. Het komt erop neer dat wie geen volledige loopbaan heeft gewerkt, een negatieve correctie krijgt op zijn pensioen. Wie meer dan een volledige loopbaan heeft gewerkt, krijgt een positieve correctie. De regering heeft de pensioenbonus afgeschaft, die mensen vanaf hun 62ste konden opbouwen per jaar dat ze langer aan het werk bleven. Dat was het laatste restant van zo'n bonus-malussysteem in ons land.

'Het halftijds pensioen mag er niet toe leiden dat mensen minder lang werken'

Hindriks: "Als het deeltijds pensioen té interessant is, wil iedereen het doen. Het uiteindelijke doel is responsabilisering, de mensen aanmoedigen langer te werken. Het halftijds pensioen mag er niet toe leiden dat mensen minder lang werken. De minister van Pensioenen heeft het idee min of meer opgegeven dat het pensioen met punten nog deze legislatuur kan worden gerealiseerd. Het overleg over de lijst met de zware beroepen is spaak gelopen. De structurele hervorming van het pensioen komt er dus niet meer voor de volgende verkiezingen. De minister zal in het deeltijds pensioen een kleine overwinning zien, die hij nog kan behalen. Het ligt minder gevoelig. Hij denkt dat de vakbonden ermee akkoord zullen gaan. Alleen moeten we opletten dat snel handelen niet resulteert in overhaast handelen. Zonder actuariële correctie zal het deeltijdse pensioen het omgekeerde effect hebben. Het zal de loopbaan verkorten in plaats van ze te verlengen. Dat is wat in Zweden is gebeurd, waar ze het deeltijds pensioen hebben moeten bijsturen."

Ook Maes vindt het belangrijk te vermijden dat mensen vroeger hun pensioen opnemen dan nu. "Het moet gebeuren op een manier die budgettair neutraal is voor de overheid en sociale zekerheid", voegt Maes toe. "Door actuariële correcties toe te passen bij een vervroegde of latere opname van het pensioen, zorg je daar automatisch voor."

Maes vervolgt dat wetenschappelijk onderzoek al heeft aangetoond dat mensen met landingsbanen door de verkeerde financiële prikkels ook sneller met rustpensioen gaan. "Bij het deeltijdse pensioen daarentegen zullen mensen alleen pensioenrechten opbouwen voor de periode dat ze nog werken, wat beter aansluit bij het verzekeringsprincipe van het pensioen."

Pensioen met punten

In het rapport van de Commissie Pensioenhervorming 2020-2040, waarbij Hindriks betrokken was, kwam het deeltijds pensioen ook al ter sprake. Waarom staat hij dan op de rem? "De mogelijkheid van een deeltijds pensioen is al sinds het einde van de jaren negentig ingeschreven in de pensioenregeling voor werknemers en zelfstandigen", zegt Hindriks. "Het kwam er tot nu toe niet van, omdat onduidelijk was of en hoe de gewerkte periodes zouden bijdragen aan een verdere pensioenopbouw. Het idee was dat het deeltijdse pensioen er pas zou komen na het pensioen met punten. Bij het pensioen met punten levert elk gewerkt jaar een punt op, of meer dan een punt voor wie een zwaar beroep uitoefent, en is in een actuariële correctie voorzien."

'Je kan het deeltijdse pensioen perfect onafhankelijk van het zogenaamde puntenstelsel invoeren'

Voor Maes is het niet nodig eerst een pensioen met punten in te voeren. "Je kan het deeltijdse pensioen perfect onafhankelijk van het zogenaamde puntenstelsel invoeren. Laten we niet vergeten dat België altijd een actuariële correctie heeft gekend van 5 procent per jaar van pensionering voor de leeftijd van 65 jaar. De regering heeft dat verzekeringsprincipe helaas in 1991 afgeschaft, een bijzonder betreurenswaardige beslissing. Want sinds 1991 is België het enige land ter wereld zonder actuariële correcties en meteen ook het land met zowat de laagste effectieve pensioenleeftijd van alle OESO-landen."

Maes vindt Noorwegen een mooi voorbeeld. "Daar heeft men sinds 2011 een flexibele pensioenleeftijd ingevoerd tussen 62 en 75 jaar. Het pensioen wordt er actuarieel fair berekend. In dat geval hoeven er ook geen restricties te zijn voor bijverdienen. Ook in Zweden en Finland is een deeltijdse pensionering mogelijk. Het is mogelijk een deeltijds pensioen te ontwerpen, zonder dat het per se alle kenmerken van het puntenstelsel omvat. Het is uiteraard cruciaal dat het deeltijdse pensioen er niet toe leidt dat mensen minder lang gaan werken. Volgens het Planbureau zijn de vergrijzingskosten door recente pensioenhervormingen gehalveerd. Het kan niet de bedoeling zijn die weer te laten stijgen."

Consistent

Frank Vandenbroucke, professor aan de Universiteit van Amsterdam, wil zich voorlopig niet uitspreken over het deeltijds pensioen omdat hij niet weet wat de minister van Pensioenen precies voor ogen heeft. Hij verwijst naar het rapport dat de Academische Raad van Pensioenen in april 2015 publiceerde over de zware beroepen.

"Wij hebben met de Commissie Pensioenhervorming 2020-2040 uitdrukkelijk gepleit voor een formule van 'deeltijds pensioen', maar wel heel sterk beklemtoond dat zo'n hervorming consistent en samenhangend moet zijn, wil ze duurzaam zijn." Hier vindt u de link naar dat rapport, vanaf pagina 26 gaat het over het deeltijds pensioen en de samenhang met het puntenstelsel.