Als u een werknemer bent, dan kan u veelal via uw werkgever een aanvullend pensioen opbouwen. De werkgever kan de organisatie van dat pensioenplan uitbesteden aan een verzekeraar (groepsverzekering) of op eigen houtje of in samenwerking met sectorgenoten een eigen pensioeninstelling oprichten (bedrijfs- of sectorpensioenfonds).
...

Als u een werknemer bent, dan kan u veelal via uw werkgever een aanvullend pensioen opbouwen. De werkgever kan de organisatie van dat pensioenplan uitbesteden aan een verzekeraar (groepsverzekering) of op eigen houtje of in samenwerking met sectorgenoten een eigen pensioeninstelling oprichten (bedrijfs- of sectorpensioenfonds). De meeste werkgevers kozen in het verleden voor een groepsverzekering, omdat we een land van kmo's zijn. Voor kleine bedrijven met weinig werknemers is een pensioenfonds geen optie. De jongste jaren zijn er wel een aantal grote sectorpensioenfondsen bijgekomen, zoals het geval is voor de zorg-, de metaal- en de bouwsector. De meeste groepsverzekeringen bestaan uit twee luiken: een uitkering bij leven en een uitkering bij overlijden. De meeste pensioeninstellingen hebben voor hun werknemers een overlijdensdekking afgesloten bij een verzekeraar. Dat betekent in mensentaal dat u een uitkering krijgt als u de pensioenleeftijd bereikt en dat uw erfgenamen een uitkering krijgen als u die leeftijd niet bereikt. Hoe hoog en of er een uitkering voor de overlevenden is, hangt af van het individuele contract. Bovendien vervalt die overlijdensdekking mogelijk wanneer u vertrekt bij uw werkgever.Als u komt te overlijden voor uw 65ste, en u geniet geen overlijdensdekking, dan komt uw pensioenpot in de grote pot van de verzekeraar. Dat is ook vaak het geval bij de bedrijfs- en sectorpensioenfondsen. Volgens Philip Neyt, de voorzitter van de Belgische Vereniging van Pensioeninstellingen (BVPI) communiceren de meeste pensioenfondsen hierover zeer duidelijk, omdat de werkgevers en werknemers samen rond tafel zitten bij een pensioenfonds. Ze hebben er ook alle belang bij goed te communiceren naar hun leden-aangesloten werknemers. Volgens sommigen wringt het schoentje bij de communicatie van sommige verzekeraars.Het is bij een ontslag altijd zaak om navraag te doen bij uw personeelsdienst of verzekeraar. Bij een autoverzekering kan het ook best zijn dat u uw hele leven premies betaalt en nooit een ongeluk krijgt. De hoogte van verzekeringspremies is berekend op historische statistieken, op kansberekening. Voor de groepsverzekering en het aanvullend pensioen ligt dat echter gevoeliger, omdat werknemers die reserves beschouwen als uitgesteld loon.Neyt legt uit wat u moet doen, afhankelijk van uw situatie. Neyt: "Als u ontslagen bent, en u heeft niet onmiddellijk ander werk dan kan u ofwel de reserves overdragen naar een onthaalstructuur bij een verzekeraar mét een overlijdensdekking, maar dan verliest u in de huidige omstandigheden veel toekomstig rendement. Of u kan de reserves bij het pensioenplan van uw ex-werkgever laten staan en op eigen houtje een extra verzekering afsluiten bij een verzekeraar. Het kost uiteraard meer voor één individu om een overlijdensdekking te krijgen, dan voor een volledige populatie van werknemers. En vaak moet u een medisch onderzoek ondergaan. Toch is het nog bijna altijd voordeliger om uw reserves te laten staan. Uw overlijdenskapitaal kan u op die manier gelijkmatig laten evolueren met de evolutie van uw reserves in het pensioenfonds."Voor werknemers die overstappen van de ene naar de andere werkgever is het belangrijk om na te vragen of er bij de nieuwe werkgever een overlijdensdekking is en wat de voorwaarden daarvoor zijn. Hier geldt ook dat het soms voordeliger kan zijn om de reserves bij de vorige werkgever te laten staan en een bijkomende levensverzekering af te sluiten die ervoor zorgt dat uw nabestaanden niet in de kou blijven staan. Volgens Neyt krijgen werknemers zes maanden de tijd om hierover te beslissen. "Op zo'n moment krijgen werknemers een heleboel paperassen en staat hun hoofd daar niet naar. Het is dan ook cruciaal om op zo'n moment duidelijk te communiceren over de keuzemogelijkheden en de gevolgen van elke keuze. Daarom vind ik persoonlijk die zes maanden te kort."Neyt voegt eraan toe dat er nog andere risico's zijn waaraan te weinig aandacht wordt besteed door werknemers en werkgevers. "Ik vind het persoonlijk heel belangrijk te weten dat mijn gezin beschermd is. Een verzekering gewaarborgd inkomen bijvoorbeeld is ook belangrijk. Dan weet ik dat ik bij arbeidsongeschiktheid na een ongeval of ziekte een regelmatige uitkering krijg bovenop de uitkering van het ziekenfonds. Werknemers en ex-werknemers moeten goed ingelicht worden over die risico's. Ongeval, invaliditeit, langdurige ziekte en overlijden zijn risico's die iedereen kunnen overkomen en die vaak dramatische gevolgen kunnen hebben voor het ganse gezin."