Meer dan 3 miljoen Belgen doen aan pensioensparen. Iets meer dan 1,6 miljoen pensioenspaarders kopen deelbewijzen van een van de pensioenspaarfondsen en ongeveer 1,5 miljoen spaarders storten geld in een levensverzekering, volgens de laatst beschikbare cijfers. Onder pensioensparen verstaan we geld opzijzetten voor de oude dag en daarbij gebruikmaken van de door de Belgische overheid voorziene belastingvermindering voor pensioensparen.
...

Meer dan 3 miljoen Belgen doen aan pensioensparen. Iets meer dan 1,6 miljoen pensioenspaarders kopen deelbewijzen van een van de pensioenspaarfondsen en ongeveer 1,5 miljoen spaarders storten geld in een levensverzekering, volgens de laatst beschikbare cijfers. Onder pensioensparen verstaan we geld opzijzetten voor de oude dag en daarbij gebruikmaken van de door de Belgische overheid voorziene belastingvermindering voor pensioensparen. Heel wat pensioenspaarders wachten tot het einde van het jaar om hun jaarlijkse storting te doen. Dat is jammer, want in januari storten levert doorgaans meer op. Bij pensioenspaarverzekeringen geldt - net zoals bij spaarrekeningen - dat de rente begint aan te tikken vanaf het moment dat het geld bij de verzekeraar is aangekomen. Vanaf dat moment gaat de fameuze rentesneeuwbal aan het rollen, die rente op rente geeft en die ervoor zorgt dat mensen aan het einde van de rit een mooi kapitaal bijeen kunnen sprokkelen. Enkel wie een glazen bol heeft, die voorspelt waar het met de beurzen naartoe gaat, kan de stortingen in zijn pensioenspaarfonds perfect timen en deelbewijzen van het fonds kopen op het moment dat ze goedkoop zijn. Omdat de meeste mensen niet beschikken over zo'n glazen bol, is het ook voor pensioenspaarfondsen beter in januari het volle pond te storten of de stortingen te spreiden over het jaar. Bij KBC bijvoorbeeld heeft 90 procent van de klanten een automatische opdracht, waarvan de meeste met een maandelijkse uitvoering. Dat is een goede zaak. Zo'n methode verhindert dat pensioenspaarders geld overmaken na een hausse, nadat het ene na het andere record op Wall Street het nieuws heeft gehaald. Methodisch en regelmatig storten zorgt ervoor dat emoties worden uitgeschakeld. Volgens de sectorfederatie Assuralia kiezen de spaarders met een pensioenspaarverzekering doorgaans voor een formule met een vaste rente of een tak21-levensverzekering. Daarbij waarborgen de verzekeraars de inleg en een rente, door het geld van de spaarders in veilige beleggingen te stoppen, zoals overheidsobligaties. Die gewaarborgde rente is in de loop der jaren stevig onderuitgehaald door de daling van de rente op veilige staatsobligaties. Boven op de rente kan nog wel een deelname in de winst van de verzekeraar komen. "Het gemiddelde rendement van pensioenspaarverzekeringen over de periode 2009-2018 bedroeg 3,4 procent per jaar", liet Assuralia onlangs in een persbericht weten. Bij AG Insurance, de grootste verzekeraar van België, bedroeg het gemiddelde jaarrendement over die periode 3,2 procent. Wie sinds de start van het pensioensparen in 1987 het fiscale maximum stortte in zijn pensioenspaarverzekering, kan terugkijken op een gemiddeld rendement van 4,26 procent per jaar, laat AG Insurance weten. In 2018 moesten de pensioenspaarders tevreden zijn met 2,1 procent rendement. Het globale rendement voor 2019 maakt AG Insurance eind januari bekend. De huidige gegarandeerde rentevoet is amper 0,75 procent. Ook AG Insurance beaamt dat slechts een kleine minderheid kiest voor pensioensparen met een tak23-verzekering, waarbij het rendement afhankelijk is van de onderliggende beleggingsfondsen. Combinaties van tak21 en tak23 - soms ook tak44 genoemd - zijn niet mogelijk bij AG Insurance, maar wel bij Allianz bijvoorbeeld. Zo'n contract kan voordelig zijn voor pensioenspaarders die gedurende de looptijd af en toe meer of minder risico willen nemen, afhankelijk van het beursklimaat of afhankelijk van hun leeftijd. Let op: alle vermelde rendementen houden geen rekening met instapkosten. Het werkelijke rendement zal dus nog iets lager liggen. Eenmalige instapkosten wegen wel minder zwaar op het rendement naarmate het geld langer blijft staan. Toch is het ontzettend belangrijk goed te onderhandelen over de kosten, om de achterstand waarmee u begint te sparen zo klein mogelijk te houden. Doorgaans liggen de instapkosten bij fondsen lager dan bij verzekeringen. Voor enkele pensioenspaarfondsen gelden geen instapkosten: de pensioenspaarfondsen van Argenta, bij Belfius Pension Fund Balanced Plus en Interbeurs Hermes, het pensioenspaarfonds van de Antwerpse private bank Dierickx Leys. Behalve instapkosten zijn er ook nog beheerskosten, maar die zitten in het rendement verrekend. Metropolitan-Rentastro Growth is een van de eerste pensioenspaarfondsen die in ons land werden opgericht. Op 2 februari 1987 kostte een deelbewijs van het fonds omgerekend 18,2 euro. Nu is dat deelbewijs ruim 277 euro waard. Dat levert de pensioenspaarders van het eerste uur een gemiddeld rendement van ongeveer 9 procent op jaarbasis op. Dat is dubbel zoveel als het rendement dat AG Insurance aan de pensioenspaarders kon leveren. Het fonds werd aanvankelijk verdeeld door Metropolitan Bank, dat in 1996 werd overgenomen door Krediet aan de Nijverheid. Die bank is in 2005 omgedoopt tot Fintro en is een dochter van BNP Paribas Fortis. Van alle Belgische pensioenspaarfondsen scoorde Metropolitan-Rentastro Growth de voorbije tien jaar het beste. In 2019 moest het fonds enkel het Argenta Pensioenspaarfonds van Degroof Petercam Asset Management en VDK Pension Fund laten voorgaan. Crelan Pension Growth Classic is een doorslagje van Metropolitan-Rentastro Growth, dat enkele jaren geleden werd gecreëerd. Er zit wat vertraging op de investering van het geld van de klanten, omdat het om een feeder gaat. Dat is een fonds dat een ander fonds voedt: Crelan Pension Growth Classic voedt Metropolitan-Rentastro Growth. Het geld van de klanten van Crelan komt met enige vertraging in hetzelfde fonds terecht als dat van de klanten van Fintro. Het Metropolitan-Rentastro Growth-fonds wordt beheerd door de vermogensbeheerder BNP Paribas Asset Management, samen met de drie fondsen van BNP Paribas Fortis: BNP Paribas B Pension Growth, Balanced en Stability. Het eerste fonds belegt meer in aandelen dan in obligaties, het tweede verdeelt het geld fiftyfifty over de activaklassen en het derde houdt meer obligaties dan aandelen aan. BNP Paribas B Pension Stability is een defensief pensioenspaarfonds, dat boven de doopvont werd gehouden om wat oudere pensioenspaarders meer houvast te bieden. In 2008 vaagde de beurscrash een kwart van de waarde in de pensioenspaarfondsen weg. Voor oudere mensen die erop rekenen hun geld op te vragen in het jaar dat ze 65 worden, is dat een drama. Daarom raden sommige adviseurs hun klanten boven 55 jaar de overstap naar een defensief pensioenspaarfonds aan.