De gemeentebesturen zijn verplicht om de bedienaars van de erediensten een woonst te verschaffen. Die verplichting is via de Code Napoléon in de Belgische wetgeving opgenomen. Volgens de fiscus genieten ze hierdoor echter een voordeel in natura. Om dat te bepalen, baseren de ambtenaren van Financiën zich op het kadastraal inkomen van het betrokken pand. Door de daling van het aantal pastoors zijn de betrokken panden vaak te groot voor de persoonlijke behoeften van de geestelijken. En dus nemen ze er vaak maar een gedeelte van in gebruik. "Wanneer iemand beroepsmatig verplicht is om een onroerend goed te bewonen, waarvan de omvang duidelijk zijn persoonlijke behoeften overtreft, moet men voor de bepaling van het belastbaar voordeel enkel rekening houden met het kadastraal inkomen van een onroerend goed dat overeenstemt met de reële behoeften van de bewoner. De delen van het onroerend goed die niet worden gebruikt voor persoonlijke doeleinden (vergaderzalen of wachtzalen, enzovoort) vallen daar buiten", liet minister van Financiën Koen Geens (CD&V) verstaan op een parlementaire vraag van Bruno Van Grootenbrulle (PS). Daarbij zei Geens ook dat de fiscale administratie werkt aan een circulaire om de fiscale behandeling van voordelen van alle aard voortkomend uit de terbeschikkingstelling van onroerende goederen te uniformiseren. (Belga)

De gemeentebesturen zijn verplicht om de bedienaars van de erediensten een woonst te verschaffen. Die verplichting is via de Code Napoléon in de Belgische wetgeving opgenomen. Volgens de fiscus genieten ze hierdoor echter een voordeel in natura. Om dat te bepalen, baseren de ambtenaren van Financiën zich op het kadastraal inkomen van het betrokken pand. Door de daling van het aantal pastoors zijn de betrokken panden vaak te groot voor de persoonlijke behoeften van de geestelijken. En dus nemen ze er vaak maar een gedeelte van in gebruik. "Wanneer iemand beroepsmatig verplicht is om een onroerend goed te bewonen, waarvan de omvang duidelijk zijn persoonlijke behoeften overtreft, moet men voor de bepaling van het belastbaar voordeel enkel rekening houden met het kadastraal inkomen van een onroerend goed dat overeenstemt met de reële behoeften van de bewoner. De delen van het onroerend goed die niet worden gebruikt voor persoonlijke doeleinden (vergaderzalen of wachtzalen, enzovoort) vallen daar buiten", liet minister van Financiën Koen Geens (CD&V) verstaan op een parlementaire vraag van Bruno Van Grootenbrulle (PS). Daarbij zei Geens ook dat de fiscale administratie werkt aan een circulaire om de fiscale behandeling van voordelen van alle aard voortkomend uit de terbeschikkingstelling van onroerende goederen te uniformiseren. (Belga)