Met het einde van maart bijna in zicht heeft de grote meerderheid van de beursgenoteerde bedrijven zijn resultaten bekendgemaakt. Er wachten ons nog een aantal interessante rapporten, maar de meeste grote jongens zijn de revue al gepasseerd. Van alle Bel-20'ers weten we ondertussen hoe ze het er in 2009 vanaf gebracht hebben. Zijn we tevreden met wat we gezien hebben? Mogen de bedrijven met hun late nieuwjaarsbrief op applaus rekenen? Een volmondig ja is misschien wat te veel eer, maar echte tegenvallers hebben we toch ook (nog) niet gezien. De meeste bedrijven zijn er in geslaagd minstens aan de verwachtingen te voldoen. De omzet is in heel wat gevallen gedaald, maar de rendabiliteit is gestegen. Ze haalden dus meer geld uit minder inkomsten: het resultaat van de herstructureringsrondes die zo tekenend waren voor 2009. Ook bij de schaarse vooruitzichten was er bij momenten sprake van een vleugje optimisme. Maar misschien klampen we ons wel vast aan een strohalm. Extrapoleren we de schaarse positieve prognoses en maken we daarbij een statistische fout omdat de groep eigenlijk wat te klein is om representatief te zijn.

Het was moeilijk om vat te krijgen op de reactie van de beleggers op de jaarcijfers. Resultaten die bij een eerste lezing de verwachting klopten en ook bij een tweede en derde lezing overeind bleven, werden soms niet of nauwelijks beloond. Omega Pharma bijvoorbeeld pakte uit met een mooi verslag met voor elk wat wils. Lagere operationele kosten om de druk op de marges op te vangen, groeivooruitzichten en een hoger dividend voor de aandeelhouders. Een mooie cocktail. Toch woog het koersverlies van Omega Pharma een dag na de publicatie van de cijfers het zwaarst door binnen de Bel-20. Delhaize was in hetzelfde bedje ziek en beloofde meer dan 10% groei en hield de aandeelhouders een extraatje voor de neus. Een klassiek geval van 'buy on the rumour, sell on the news'? Of is er meer aan de hand?

Misschien krijgen beleggers inderdaad wel hoogtevrees en vrezen ze dat de brug naar de volgende top te wankel wordt. Delhaize stond de morgen na de publicatie van de jaarcijfers even op het hoogste niveau sinds december 2007, toen de crisis voor de financiële markten nog iets was wat ze alleen in de verte hoorden rommelen. Een vloedgolf die nooit het strand zou bereiken. Intussen weten we wel beter. Het tsunami-alarm is ondertussen al enkele keren afgegaan en blijkbaar zijn heel wat beleggers er toch nog niet helemaal gerust in. Bij de kleinste schok vluchten ze snel naar de uitgang. Van paniek is geen sprake, wel van een uitgesproken voorzichtigheid. Iedereen wil wel op de winsttrein van de aandelenmarkten zitten, maar evengoed in de buurt van de uitgang blijven, om bij onraad als eerste terug buiten te staan met een naar ons inziens te bescheiden winst.

The big picture zou er inmiddels toch voor moeten zorgen dat er met iets meer overtuiging positie wordt ingenomen. Griekenland was voor velen een belangrijk knipperlicht, maar dat lijkt niet langer op rood te staan. Romano Prodi liet zich in het voorbije weekend in een interview op Bloomberg TV zelfs ontvallen dat het ergste van de Griekse crisis achter de rug is. En Dubai? Weet u nog dat beleggers zich in hun koffie verslikten toen duidelijk werd dat de financiële crisis ook daar slachtoffers eiste? Wel, daar is het inmiddels weer business as usual en boeken de aandelenmarkten weer stevige winstcijfers.

Maar er zijn ook nog andere zekerheden in het leven. Notoir doemdenker Marc Faber ziet nog weinig opwaarts potentieel voor de S&P500. "Ik ben er niet zo zeker van dat de S&P500 een nieuw hoogtepunt zal bereiken, maar als dat gebeurt, dan verwacht ik een neerwaartse correctie van minstens 20%", liet hij vorige week optekenen. Van die S&P500 hebben ondertussen nagenoeg alle 500 bedrijven hun cijfers voor 2009 bekendgemaakt. En binnenkort krijgen we al nieuwe resultaten voorgeschoteld. Begin april pakken de eerste Amerikaanse grote jongens uit met de eerste resultaten voor 2010. Benieuwd of we meteen al de smaak te pakken krijgen.

Steven Vandenbroeke

Met het einde van maart bijna in zicht heeft de grote meerderheid van de beursgenoteerde bedrijven zijn resultaten bekendgemaakt. Er wachten ons nog een aantal interessante rapporten, maar de meeste grote jongens zijn de revue al gepasseerd. Van alle Bel-20'ers weten we ondertussen hoe ze het er in 2009 vanaf gebracht hebben. Zijn we tevreden met wat we gezien hebben? Mogen de bedrijven met hun late nieuwjaarsbrief op applaus rekenen? Een volmondig ja is misschien wat te veel eer, maar echte tegenvallers hebben we toch ook (nog) niet gezien. De meeste bedrijven zijn er in geslaagd minstens aan de verwachtingen te voldoen. De omzet is in heel wat gevallen gedaald, maar de rendabiliteit is gestegen. Ze haalden dus meer geld uit minder inkomsten: het resultaat van de herstructureringsrondes die zo tekenend waren voor 2009. Ook bij de schaarse vooruitzichten was er bij momenten sprake van een vleugje optimisme. Maar misschien klampen we ons wel vast aan een strohalm. Extrapoleren we de schaarse positieve prognoses en maken we daarbij een statistische fout omdat de groep eigenlijk wat te klein is om representatief te zijn. Het was moeilijk om vat te krijgen op de reactie van de beleggers op de jaarcijfers. Resultaten die bij een eerste lezing de verwachting klopten en ook bij een tweede en derde lezing overeind bleven, werden soms niet of nauwelijks beloond. Omega Pharma bijvoorbeeld pakte uit met een mooi verslag met voor elk wat wils. Lagere operationele kosten om de druk op de marges op te vangen, groeivooruitzichten en een hoger dividend voor de aandeelhouders. Een mooie cocktail. Toch woog het koersverlies van Omega Pharma een dag na de publicatie van de cijfers het zwaarst door binnen de Bel-20. Delhaize was in hetzelfde bedje ziek en beloofde meer dan 10% groei en hield de aandeelhouders een extraatje voor de neus. Een klassiek geval van 'buy on the rumour, sell on the news'? Of is er meer aan de hand? Misschien krijgen beleggers inderdaad wel hoogtevrees en vrezen ze dat de brug naar de volgende top te wankel wordt. Delhaize stond de morgen na de publicatie van de jaarcijfers even op het hoogste niveau sinds december 2007, toen de crisis voor de financiële markten nog iets was wat ze alleen in de verte hoorden rommelen. Een vloedgolf die nooit het strand zou bereiken. Intussen weten we wel beter. Het tsunami-alarm is ondertussen al enkele keren afgegaan en blijkbaar zijn heel wat beleggers er toch nog niet helemaal gerust in. Bij de kleinste schok vluchten ze snel naar de uitgang. Van paniek is geen sprake, wel van een uitgesproken voorzichtigheid. Iedereen wil wel op de winsttrein van de aandelenmarkten zitten, maar evengoed in de buurt van de uitgang blijven, om bij onraad als eerste terug buiten te staan met een naar ons inziens te bescheiden winst. The big picture zou er inmiddels toch voor moeten zorgen dat er met iets meer overtuiging positie wordt ingenomen. Griekenland was voor velen een belangrijk knipperlicht, maar dat lijkt niet langer op rood te staan. Romano Prodi liet zich in het voorbije weekend in een interview op Bloomberg TV zelfs ontvallen dat het ergste van de Griekse crisis achter de rug is. En Dubai? Weet u nog dat beleggers zich in hun koffie verslikten toen duidelijk werd dat de financiële crisis ook daar slachtoffers eiste? Wel, daar is het inmiddels weer business as usual en boeken de aandelenmarkten weer stevige winstcijfers. Maar er zijn ook nog andere zekerheden in het leven. Notoir doemdenker Marc Faber ziet nog weinig opwaarts potentieel voor de S&P500. "Ik ben er niet zo zeker van dat de S&P500 een nieuw hoogtepunt zal bereiken, maar als dat gebeurt, dan verwacht ik een neerwaartse correctie van minstens 20%", liet hij vorige week optekenen. Van die S&P500 hebben ondertussen nagenoeg alle 500 bedrijven hun cijfers voor 2009 bekendgemaakt. En binnenkort krijgen we al nieuwe resultaten voorgeschoteld. Begin april pakken de eerste Amerikaanse grote jongens uit met de eerste resultaten voor 2010. Benieuwd of we meteen al de smaak te pakken krijgen. Steven Vandenbroeke