Het jaar-op-jaar veranderingspercentage van de kredietverstrekking door ingezeten banken aan niet-financiële ondernemingen liep in maart 2014 opnieuw licht terug. Het is sedert oktober 2013 negatief en kwam op -1,1 % uit (tegen -1,0 % in de voorgaande maand). De vermindering van de kredieten wordt zowel verklaard door het verloop van de langetermijnkredieten als door dat van de leningen op korte termijn. De jaar-op-jaar groei van de langetermijnkredieten bevindt zich net iets onder nul, namelijk op -0,1 % (tegen 0,3 % in februari). Het groeipercentage van de kortetermijnkredieten bleef negatief op -3,5 % (tegen -4,1 %). Op basis van seizoengezuiverde gegevens was het volume van de in maart verstrekte nieuwe kredieten nauwelijks groter dan dat van de afgeloste kredieten, namelijk € 0,3 miljard. De gemiddelde rente op de nieuwe bedrijfskredieten steeg in maart 2014 met 10 basispunten tot 2,93 %, tegen 2,83 % in februari. De rentes zijn in alle categorieën gestegen. Die op de kortetermijnkredieten (met variabele rente en met een initiële rentevaste periode van ten hoogste een jaar) zijn opgelopen met 3 en 5 basispunten naargelang ze betrekking hadden op een bedrag van minder of meer dan 1 miljoen, namelijk tot respectievelijk 2,28 % en 1,94 %. De rente op langetermijnkredieten (met een initiële rentevaste periode van meer dan 5 jaar) bedroeg 3,43 %, wat neerkomt op een stijging met 6 basispunten ten opzichte van de maand voordien. De rente, ten slotte, op de kredieten met een initiële rentevaste periode tussen 1 en 5 jaar is met 31 basispunten gestegen tot 3,18 % (Belga)

Het jaar-op-jaar veranderingspercentage van de kredietverstrekking door ingezeten banken aan niet-financiële ondernemingen liep in maart 2014 opnieuw licht terug. Het is sedert oktober 2013 negatief en kwam op -1,1 % uit (tegen -1,0 % in de voorgaande maand). De vermindering van de kredieten wordt zowel verklaard door het verloop van de langetermijnkredieten als door dat van de leningen op korte termijn. De jaar-op-jaar groei van de langetermijnkredieten bevindt zich net iets onder nul, namelijk op -0,1 % (tegen 0,3 % in februari). Het groeipercentage van de kortetermijnkredieten bleef negatief op -3,5 % (tegen -4,1 %). Op basis van seizoengezuiverde gegevens was het volume van de in maart verstrekte nieuwe kredieten nauwelijks groter dan dat van de afgeloste kredieten, namelijk € 0,3 miljard. De gemiddelde rente op de nieuwe bedrijfskredieten steeg in maart 2014 met 10 basispunten tot 2,93 %, tegen 2,83 % in februari. De rentes zijn in alle categorieën gestegen. Die op de kortetermijnkredieten (met variabele rente en met een initiële rentevaste periode van ten hoogste een jaar) zijn opgelopen met 3 en 5 basispunten naargelang ze betrekking hadden op een bedrag van minder of meer dan 1 miljoen, namelijk tot respectievelijk 2,28 % en 1,94 %. De rente op langetermijnkredieten (met een initiële rentevaste periode van meer dan 5 jaar) bedroeg 3,43 %, wat neerkomt op een stijging met 6 basispunten ten opzichte van de maand voordien. De rente, ten slotte, op de kredieten met een initiële rentevaste periode tussen 1 en 5 jaar is met 31 basispunten gestegen tot 3,18 % (Belga)