Dat ons land zo slecht scoort, heeft volgens de mobiliteitsorganisatie Touring twee redenen. Ten eerste het drukke verkeer op de vaak slecht onderhouden wegen. En ten tweede het wisselvallige weer, waardoor omstandigheden snel kunnen omslaan en de motorrijder zich telkens moet aanpassen. In België is de motorrijder alvast wettelijk verplicht om voor zijn motor een verzekering burgerlijke aansprakelijkheid af te sluiten, zodra hij deze laat inschrijven. Die dekt de materiële en lichamelijke schade die een motorrijder kan berokkenen aan een derde. Wie tevens een auto heeft, contacteert daarvoor best ook de maatschappij waar hij zijn autoverzekering heeft genomen. Heel wat verzekeraars geven immers een korting indien men beide zaken bij hen plaatst. Daarnaast kan de motorrijder ook overwegen om een omniumverzekering te nemen. Die dekt de eigen schade bij een ongeval in fout. In sommige polissen geldt dat alleen indien er een ander voertuig bij betrokken is, in andere polissen ook bij een eenvoudige schuiver. Het aantal verzekeraars dat een omnium biedt voor de motor is evenwel beperkt. Door het grote risico op schade haken de meeste af. Wie toch een omnium voor de motor onderschrijft, kijkt best de waarborgen na. Denk daarbij niet alleen aan de schade aan de motor, maar ook aan de schade aan de specifieke motorkledij of aan de beschikbaarheid van een vervangvoertuig, de lichamelijke schade voor de bestuurder en aan een verzekering tegen diefstal. (Belga)

Dat ons land zo slecht scoort, heeft volgens de mobiliteitsorganisatie Touring twee redenen. Ten eerste het drukke verkeer op de vaak slecht onderhouden wegen. En ten tweede het wisselvallige weer, waardoor omstandigheden snel kunnen omslaan en de motorrijder zich telkens moet aanpassen. In België is de motorrijder alvast wettelijk verplicht om voor zijn motor een verzekering burgerlijke aansprakelijkheid af te sluiten, zodra hij deze laat inschrijven. Die dekt de materiële en lichamelijke schade die een motorrijder kan berokkenen aan een derde. Wie tevens een auto heeft, contacteert daarvoor best ook de maatschappij waar hij zijn autoverzekering heeft genomen. Heel wat verzekeraars geven immers een korting indien men beide zaken bij hen plaatst. Daarnaast kan de motorrijder ook overwegen om een omniumverzekering te nemen. Die dekt de eigen schade bij een ongeval in fout. In sommige polissen geldt dat alleen indien er een ander voertuig bij betrokken is, in andere polissen ook bij een eenvoudige schuiver. Het aantal verzekeraars dat een omnium biedt voor de motor is evenwel beperkt. Door het grote risico op schade haken de meeste af. Wie toch een omnium voor de motor onderschrijft, kijkt best de waarborgen na. Denk daarbij niet alleen aan de schade aan de motor, maar ook aan de schade aan de specifieke motorkledij of aan de beschikbaarheid van een vervangvoertuig, de lichamelijke schade voor de bestuurder en aan een verzekering tegen diefstal. (Belga)