De nieuwe kaarten hebben de grootte van een bankkaart en niet langer die van een A4-formaat. Ze bevatten een QR-code die via een smartphone kan worden gescand en zo toegang geeft tot de gegevens van de handelaar. Op die manier moet fraude met de klassieke kaart, die zich makkelijk liet vervalsen, worden tegengegaan. Zowat 42.000 à 43.000 mensen bezitten een leurkaart. Ze hebben die nodig omdat ze goederen en diensten verkopen buiten de klassieke handelsvestiging. Bij een huis-aan-huisverkoop mag de waarde van de producten of de diensten niet hoger liggen dan 250 euro. Er geldt een uitzondering voor huishoudapparaten en materiaal voor tuinaanleg en huisinrichting, de levering energie of de aansluiting van internet en de toegang tot tv-distributie. Hier ligt het maximum op 700 euro. Het bezit van een leurkaart is echter niet nodig voor iemand die occasioneel iets verkoopt op de rommelmarkt en evenmin voor de verkoop van goederen met een filantropisch oogmerk. Het omruilen van een papieren naar een leurkaart op bankkaartformaat kost 13 euro. Voor het aanvragen van een eerste kaart liggen de kosten hoger. Een starter betaalt 150 euro voor een hoofdleurkaart (werkgever) en 100 euro voor een hulpleurkaart (aangestelde voor onbepaalde duur). (Belga)