Een huurder die zonnepanelen wil plaatsen op het dak van de woning die hij huurt, heeft hiervoor de toelating van de eigenaar nodig. Vraagt hij die niet, dan kan de eigenaar eisen om ze te verwijderen en de toestand in zijn oorspronkelijke staat te herstellen. Of: hij kan de panelen op het einde van de huur gratis opeisen. Hierop bestaat een uitzondering. Plaatst de huurder zonnepanelen die niet worden verankerd, dan blijven die zijn eigendom. In dat geval gaat het immers om roerende goederen. Hij kan ze dan na afloop van het huurcontract dan ook meenemen. Het meest aangewezen is afspraken te maken. Huurder en eigenaar kunnen overeenkomen dat deze laatste bij een voortijdige verbreking van het huurcontract de panelen overneemt tegen betaling van een vergoeding. De huurder die de zonnepanelen plaatst, heeft recht op de inkomsten van de groenestroomcertificaten. Eventueel komt hij ook in aanmerking voor lokale steun voor het plaatsen van de panelen, al zal hij in sommige gevallen hiervoor wel aan de eigenaar moeten vragen dat die zijn recht op de subsidies afstaat. Sommige reglementen voorzien alleen in steun aan de eigenaar van de woning. (Belga)