Zowat de helft van de mensen die aan astma lijden inhaleren hun geneesmiddel niet zoals het zou moeten. Ze gebruiken een verkeerde methode of volgen het voorgeschreven patroon niet nauwgezet. Daardoor verliest de behandeling heel wat van haar efficiëntie. Het gaat dan ook niet om een marginaal verschijnsel. 8 à 10 procent van de kinderen en 6 à 7 procent van de volwassenen lijden aan astma. Om dat op te vangen, krijgt de apotheker een centrale rol toebedeeld. Hij moet nu twee gesprekken voeren met zijn klanten. Het eerste gebeurt bij de aflevering van de puffer. Daarin moet hij het hebben over het goede gebruik van het apparaat, over het belang van een goede therapietrouw en over de kenmerken van astma. Het tweede gesprek volgt 3 à 6 weken later en moet handelen over de ervaringen van de gebruiker. Bedoeling is de patiënten door een betere opvolging van de therapie uit het ziekenhuis te houden. De inspanning van de apotheker wordt sinds 1 oktober 2013 door de ziekteverzekering betaald. (Belga)