Het resultatenseizoen in de VS is immers traditioneel van start gegaan met de aankondiging van aluminiumbedrijf Alcoa, dat met beter dan verwachte cijfers uitpakte. Een combinatie van hogere aluminiumprijzen en kostenbesparingen waren voldoende om de markt positief te verrassen. We zijn ervan overtuigd dat slechts enkele lezers van dit voorwoord aandelen Alcoa bezitten, maar die resultaten zijn wel belangrijk voor de evolutie van de beurzen in de komende maanden en kwartalen.

Om te beginnen is er de perceptie rond de resultaten. Het feit dat de markt unaniem gerekend had op verliescijfers en Alcoa toch nog met winstcijfers kon uitpakken, wijst erop dat er nog veel te veel pessimisten rondlopen. Het betekent dat veel analisten hun verwachtingen na de publicatie van de kwartaalresultaten zullen moeten optrekken. Met de resultaten van Alcoa zien we ook andere terugkerende elementen. Heel wat analisten lijken te vergeten dat de economie uitgebodemd en aan de beterhand is. Tegelijkertijd hebben de bedrijven tijdens de recessie hard aan hun kostenstructuur gewerkt. Zodra de volumes (zelfs marginaal) herstellen, ontstaat er een hefboom op de winstontwikkeling. De resultaten van Alcoa leren ons ook dat het nog steeds een goede keuze is om vandaag belegd te zijn in cyclische aandelen.

Vooreerst presteren ze niet alleen beter dan verwacht, hun waardering blijft ook aantrekkelijk. Ondanks hun mooie koersstijgingen van de afgelopen maanden noteren aandelen als Lafarge, Arcelor en Tessenderlo tegen boekwaarde. Die aandelen zouden in de huidige markten gerust tegen 1,2 keer hun boekwaarde mogen noteren. Het betekent dan ook dat ze op deze niveaus nog een opwaarts potentieel van 20% hebben. Wie cyclisch beleggen te riskant vindt, vond in het voorwoord van Danny Reweghs vorige week een defensievere manier om te profiteren van het opwaartse potentieel van de beurs, met name via holdings.

De bekendste holding is GBL, met participaties in Lafarge (dat zal profiteren van de infrastructuur in de groeilanden), Total (energie), Suez (eveneens energie) en Pernod Ricard (luxe en groeilandenplayer). Het interessante aan GBL (en alle holdings overigens) is dat de onderwaardering tegenover de intrinsieke waarde in stijgende markten op termijn de neiging heeft om te dalen. Die daling is er bij GBL nog niet. Vorige week noteerde het met een onderwaardering van 30%, terwijl historisch de korting slechts 22% bedraagt. Ook wie defensief belegt, maakt de komende maanden dus kans om heel mooie rendementen te behalen.

Alain Deneef
Hoofdredacteur

Het resultatenseizoen in de VS is immers traditioneel van start gegaan met de aankondiging van aluminiumbedrijf Alcoa, dat met beter dan verwachte cijfers uitpakte. Een combinatie van hogere aluminiumprijzen en kostenbesparingen waren voldoende om de markt positief te verrassen. We zijn ervan overtuigd dat slechts enkele lezers van dit voorwoord aandelen Alcoa bezitten, maar die resultaten zijn wel belangrijk voor de evolutie van de beurzen in de komende maanden en kwartalen. Om te beginnen is er de perceptie rond de resultaten. Het feit dat de markt unaniem gerekend had op verliescijfers en Alcoa toch nog met winstcijfers kon uitpakken, wijst erop dat er nog veel te veel pessimisten rondlopen. Het betekent dat veel analisten hun verwachtingen na de publicatie van de kwartaalresultaten zullen moeten optrekken. Met de resultaten van Alcoa zien we ook andere terugkerende elementen. Heel wat analisten lijken te vergeten dat de economie uitgebodemd en aan de beterhand is. Tegelijkertijd hebben de bedrijven tijdens de recessie hard aan hun kostenstructuur gewerkt. Zodra de volumes (zelfs marginaal) herstellen, ontstaat er een hefboom op de winstontwikkeling. De resultaten van Alcoa leren ons ook dat het nog steeds een goede keuze is om vandaag belegd te zijn in cyclische aandelen. Vooreerst presteren ze niet alleen beter dan verwacht, hun waardering blijft ook aantrekkelijk. Ondanks hun mooie koersstijgingen van de afgelopen maanden noteren aandelen als Lafarge, Arcelor en Tessenderlo tegen boekwaarde. Die aandelen zouden in de huidige markten gerust tegen 1,2 keer hun boekwaarde mogen noteren. Het betekent dan ook dat ze op deze niveaus nog een opwaarts potentieel van 20% hebben. Wie cyclisch beleggen te riskant vindt, vond in het voorwoord van Danny Reweghs vorige week een defensievere manier om te profiteren van het opwaartse potentieel van de beurs, met name via holdings. De bekendste holding is GBL, met participaties in Lafarge (dat zal profiteren van de infrastructuur in de groeilanden), Total (energie), Suez (eveneens energie) en Pernod Ricard (luxe en groeilandenplayer). Het interessante aan GBL (en alle holdings overigens) is dat de onderwaardering tegenover de intrinsieke waarde in stijgende markten op termijn de neiging heeft om te dalen. Die daling is er bij GBL nog niet. Vorige week noteerde het met een onderwaardering van 30%, terwijl historisch de korting slechts 22% bedraagt. Ook wie defensief belegt, maakt de komende maanden dus kans om heel mooie rendementen te behalen. Alain Deneef Hoofdredacteur