Door de coronamaatregelen is het sport- en ontspanningsaanbod voor zowel jongeren als volwassenen gevoelig verminderd. Een actueel overzicht van de gevolgen voor muziekscholen en kunstacademies vindt u hier. De huidige regels voor sportclubs worden op de website Sport Vlaanderen beantwoord.
...

Door de coronamaatregelen is het sport- en ontspanningsaanbod voor zowel jongeren als volwassenen gevoelig verminderd. Een actueel overzicht van de gevolgen voor muziekscholen en kunstacademies vindt u hier. De huidige regels voor sportclubs worden op de website Sport Vlaanderen beantwoord. Vorige week boog de Vlaamse Sportfederatie (VSF) zich openlijk over de vraag: zijn sportclubs verplicht om een deel van het lidgeld terug te betalen? "Die bijdrage geeft recht op een tegenprestatie, zoals de toegang tot de infrastructuur of trainingen", stelt ze. "Is er geen tegenprestatie, dan kunnen de leden dat lidgeld in normale omstandigheden terugvragen of aandringen op een compensatie. Maar in deze tijden van coronamaatregelen is er sprake van overmacht. De verplichtingen van de partijen kunnen hierdoor vervallen." De VSF geeft aan dat er verschillende mogelijkheden zijn om hier mee om te gaan, waaronder een volledige of een gedeeltelijke terugbetaling. "Dat hoeft niet altijd in geld te gebeuren", adviseert de federatie. "Sportclubs kunnen gerust creatief zijn. Ze kunnen bijvoorbeeld een verlenging van de periode van het lidmaatschap, een korting op het lidgeld voor het volgende seizoen, een terugbetaling in waardebonnen voor lokale handelaren of een compensatie in natura zoals sportkledij voorzien." 'Zoeken naar alternatieven' Die voorstellen werden eind januari al aangereikt door staatssecretaris voor Consumentenbescherming Eva De Bleeker (Open Vld). Zij riep toen sportclubs en hun leden op om los van de juridische mogelijkheden vooral te zoeken naar redelijke alternatieven die alle partijen ten goede komen. "Het is nu niet het moment om elkaar in de kou te laten staan", schrijft ze. "Het is wél het moment om redelijk te zijn en samen te zoeken naar alternatieven die zowel club als lid ten goede komen." De VSF vermeldt op haar website dat die club ook voor kan kiezen om het reeds betaalde lidgeld niet terug te betalen. "Ze kan zich hiervoor beroepen op overmacht", argumenteert de federatie. Ook Eva De Bleeker is van mening dat de gezondheidscrisis als een geval van overmacht kan gezien worden, waardoor de verplichtingen van beide partijen vervallen. "De club moet in deze omstandigheden geen tegenprestatie bieden als er al lidgeld zou betaald zijn", meent ze. "Anderzijds hoeven leden geen lidgeld te betalen als ze dat nog niet gedaan hebben." 'Kijk naar het contract' Maar klopt dat wel allemaal? We legden deze vraag voor aan het onderzoeksteam van Ilse Samoy, hoogleraar privaatrecht aan KU Leuven en UHasselt. "Als er een contract is, dan moet de eerste reflex sowieso zijn om de inhoud daarvan te bekijken", adviseert zij. 'Wordt hierin specifiek vermeld wat omstandigheden zoals Covid-19 voor de wederzijdse verhouding betekenen en wat er in zo'n situatie moet gebeuren? Zolang het contract geldig is opgesteld, volgen de partijen dan gewoon de regeling die hierin opgenomen is." "Een contract tussen consumenten en ondernemingen is weliswaar enkel geldig indien het voldoende in evenwicht is. Het is dus bijvoorbeeld niet toegestaan dat enkel de fitnessclub of de muziekschool in zulke omstandigheden aan haar verplichtingen kan ontsnappen, terwijl de consument dat niet kan." Wat is overmacht precies? Om te weten of er sprake is van overmacht, moeten er volgens Ilse Samoy en haar team twee belangrijke vragen uitgeklaard worden. "De eerste vraag luidt: was het voor de partijen in het contract voorzienbaar dat één van hen haar verplichtingen niet zou kunnen nakomen? Kon men op voorhand voorzien dat Covid-19 het normale verloop van het cursusjaar zou kunnen verstoren? Voor lessen die bijvoorbeeld in september 2020 zijn opgestart, was het virus alvast niet meer onvoorzienbaar." "De tweede vraag is of een contractspartij door Covid-19 onmogelijk haar verplichtingen nog zal kunnen nakomen. Is die nakoming effectief onmogelijk of alleen maar moeilijker geworden? Is er bijvoorbeeld een alternatieve uitvoering van het contract denkbaar, zoals onlinelessen of buitenactiviteiten?" De antwoorden op die twee vragen laten toe om te bepalen of er effectief sprake is van overmacht. Overmacht is namelijk een onvoorziene omstandigheid die ervoor zorgt dat een partij binnen het contract haar verplichtingen onmogelijk nog kan nakomen. In dat geval kan die partij daar niet aansprakelijk voor gesteld worden. 'Zoek een redelijke oplossing' "Bij een eventueel geschil zal een rechter op basis van het algemene verbintenissenrecht evenwel niet noodzakelijk meteen naar overmacht refereren", merkt Ilse Samoy op. "Partijen moeten hun contracten namelijk te goeder trouw uitvoeren. De rechter zal daarom in eerste instantie zoeken naar een redelijke oplossing waarbij geen van beide partijen er bekaaid vanaf komt." "De ideale oplossing is uiteraard dat die partijen zelf die denkoefening maken. Kunnen ze samen een regeling treffen over de betaalde cursusgelden en de prestatie die daar tegenover staat? Vinden ze samen een alternatief in de vorm van een onlineactiviteit, een vermindering van het cursusgeld voor onlinelessen, een overdracht van het reeds betaalde abonnementsgeld naar een volgende periode of nog een andere oplossing? In deze bijzondere tijden is enige solidariteit zeker op haar plaats." "Enkel als zo'n redelijke oplossing niet kan worden gevonden, zal overmacht ertoe leiden dat het contract ofwel wordt opgeschort (bij tijdelijke onmogelijkheid) ofwel eindigt (bij definitieve onmogelijkheid)." Kunt u een terugbetaling eisen? Het antwoord op deze vraag moet volgens Ilse Samoy een redelijke oplossing zijn voor alle betrokken partijen. "Het is alvast van belang om te weten of de sportclub of kunstacademie een nuttig alternatief aanbiedt", stelt ze. "Als die alle activiteiten stopt en bijvoorbeeld geen onlinelessen organiseert, dan lijkt het redelijk om het deel van het abonnements- of cursusgeld voor de resterende periode terug te vragen. De partijen kunnen dan zelf uitrekenen welk deel gepast is." "Wordt er wél een alternatief aangereikt, dan ligt een terugbetaling eisen niet voor de hand. Het is in dat geval namelijk sterk de vraag of er werkelijk sprake is van overmacht, aangezien de fitnessclub of muziekschool goedschiks zijn verplichtingen probeert na te komen. Een nuance is er evenwel wanneer het alternatief binnen de beperkende maatregelen nog altijd fysiek contact inhoudt: binnen dat scenario kan het toch redelijk zijn om ouders van kinderen die om gezondheidsredenen niet langer deelnemen, de kans te bieden toch een deel van het cursusgeld terug te vragen." Mag u de betalingsopdracht stopzetten? Betaalt u maandelijks lid- of cursusgeld via een doorlopende betalingsopdracht? Ook hier geldt: als er alternatieven aangeboden worden, dan ligt het niet voor de hand om de betaling zomaar stop te zetten. Worden er geen alternatieve activiteiten of lessen georganiseerd, dan kan het redelijk zijn om dat wél te doen. Meer informatie over de gevolgen van de coronamaatregelen voor contracten vindt u deze nota van het Instituut voor Verbintenissenrecht van de KU Leuven.