De Europese MiFID-richtlijn verplicht de Belgische banken om hun klanten uit te nodigen voor een gesprek rond hun beleggingen. Banken stellen echter ook vragen over andere dingen zoals de omvang van hun patrimonium, hoeveel ze verdienen, hoeveel ze sparen of ze wel eens op de beurs beleggen, enzovoort. Dat alles gebeurt aan de hand van vragenlijsten met als uiteindelijk doel het zogenaamde beleggersprofiel van de klant te kunnen vaststellen.

Alhoewel de MiFID-richtlijn geen fiscale richtlijn is, kan deze wel belangrijke fiscale gevolgen hebben voor de klant die vertrouwelijke financiële informatie toevertrouwt aan zijn bankier. Thierry Afschrift, advocaat en professor fiscaal recht aan de Franstalige Brusselse universiteit ULB, was de eerste die er op gewezen heeft dat de fiscus inzage kan krijgen in de MiFID-vragenlijst die een klant heeft ingevuld. Dat zal, volgens Thierry Afschrift, meer bepaald het geval zijn wanneer de fiscus vermoedt dat er successierechten zijn ontdoken door de erfgenamen en daarom een onderzoek voert bij de bank naar bankverrichtingen die de overledene heeft gedaan gedurende drie jaar vóór zijn overlijden. De bank is dan verplicht om die info te geven (het bankgeheim speelt dan niet), met inbegrip van de MiFID-vragenlijst als die binnen drie jaar vóór overlijden is opgesteld.

Dit standpunt van Thierry Afschrift is bevestigd door onze Minister van financiën. De Minister heeft verklaard dat 'de fiscale ambtenaren, belast met de invordering van de belastingen, in voorkomend geval de banken kunnen verplichten tot bekendmaking van de vragenlijst voorgelegd aan hun klanten in uitvoering van de MiFID-richtlijn en tot het verstrekken van aldus bij de klanten ingewonnen inlichtingen over de omvang van hun vermogen'.

Johan Steenackers

De Europese MiFID-richtlijn verplicht de Belgische banken om hun klanten uit te nodigen voor een gesprek rond hun beleggingen. Banken stellen echter ook vragen over andere dingen zoals de omvang van hun patrimonium, hoeveel ze verdienen, hoeveel ze sparen of ze wel eens op de beurs beleggen, enzovoort. Dat alles gebeurt aan de hand van vragenlijsten met als uiteindelijk doel het zogenaamde beleggersprofiel van de klant te kunnen vaststellen.Alhoewel de MiFID-richtlijn geen fiscale richtlijn is, kan deze wel belangrijke fiscale gevolgen hebben voor de klant die vertrouwelijke financiële informatie toevertrouwt aan zijn bankier. Thierry Afschrift, advocaat en professor fiscaal recht aan de Franstalige Brusselse universiteit ULB, was de eerste die er op gewezen heeft dat de fiscus inzage kan krijgen in de MiFID-vragenlijst die een klant heeft ingevuld. Dat zal, volgens Thierry Afschrift, meer bepaald het geval zijn wanneer de fiscus vermoedt dat er successierechten zijn ontdoken door de erfgenamen en daarom een onderzoek voert bij de bank naar bankverrichtingen die de overledene heeft gedaan gedurende drie jaar vóór zijn overlijden. De bank is dan verplicht om die info te geven (het bankgeheim speelt dan niet), met inbegrip van de MiFID-vragenlijst als die binnen drie jaar vóór overlijden is opgesteld. Dit standpunt van Thierry Afschrift is bevestigd door onze Minister van financiën. De Minister heeft verklaard dat 'de fiscale ambtenaren, belast met de invordering van de belastingen, in voorkomend geval de banken kunnen verplichten tot bekendmaking van de vragenlijst voorgelegd aan hun klanten in uitvoering van de MiFID-richtlijn en tot het verstrekken van aldus bij de klanten ingewonnen inlichtingen over de omvang van hun vermogen'.Johan Steenackers