41 procent van de jongeren en jongvolwassenen tussen 15 en 30 jaar ligt wakker van hun financiële situatie. 36 procent is geregeld bang dat hun bankkaart geweigerd wordt. 36 procent van de jongvolwassenen met kinderen maakt zich zorgen dat ze niet voldoende geld overhouden voor een basisbehoefte als voedsel. Dat zijn de belangrijkste resultaten van een enquête van Indiville, dat in opdracht van Febelfin 2000 jongeren tussen 15 en 30 jaar ondervroeg over geldzaken.
...

41 procent van de jongeren en jongvolwassenen tussen 15 en 30 jaar ligt wakker van hun financiële situatie. 36 procent is geregeld bang dat hun bankkaart geweigerd wordt. 36 procent van de jongvolwassenen met kinderen maakt zich zorgen dat ze niet voldoende geld overhouden voor een basisbehoefte als voedsel. Dat zijn de belangrijkste resultaten van een enquête van Indiville, dat in opdracht van Febelfin 2000 jongeren tussen 15 en 30 jaar ondervroeg over geldzaken.Slechts één op de vier ondervraagde jongeren vindt van zichzelf dat ze goed op de hoogte zijn van geldzaken. Maar liefst zeven op de tien verklaarden dat ze in eerste instantie naar hun ouders stappen met vragen over geld. Tegelijk leeft bij veel gezinnen nog altijd een taboe over lonen en uitgaven.In combinatie met het onderzoek organiseert Febelfin een campagne waar Belgische influencers boodschappen delen over financiële zaken en zo de geldkwesties bespreekbaar maken. Daarnaast lanceert Febelfin de website mijngeldenik.be, waar iedereen neutrale informatie over financiële zaken kan vinden.In het onderzoek wordt nog eens benadrukt hoe belangrijk financiële kennis is: jongeren gaan daardoor niet alleen op een bewustere manier om met geld, ze maken zich ook minder zorgen over geldzaken.Maar hoe worden de jongeren in onze samenleving ingelicht over die onderwerpen? Worden geldzaken wel voldoende besproken in de scholen? En hoe wek je de interesse van jongeren voor financiële thema's? We vroegen het aan dr. Kenneth De Beckker, die onderzoek doet naar financiële geletterdheid aan de KU Leuven, onder begeleiding van professor Kristof De Witte.Hoe is het gesteld met de financiële kennis van jongvolwassenen?KENNETH DE BECKKER. "We zien zeker een positieve evolutie. In vergelijking met jongeren in andere OESO-landen zijn Vlaamse jongeren over het algemeen nog vrij goed op de hoogte. Maar we zien wel een almaar groter wordende kloof tussen jongeren die over veel financiële kennis beschikken en actief op zoek gaan naar informatie, en jongeren die niet veel over het onderwerp afweten en moeilijker aan informatie komen."Hoe worden jongeren doorgaans over geldzaken geïnformeerd?DE BECKKER. "De meeste jongeren halen de belangrijkste lessen uit hun thuissituatie. Daar leer je de belangrijkste gewoontes aan om met geld om te gaan. Daarnaast is het heel belangrijk dat ook scholen de basis leggen van een goede financiële educatie."En gebeurt dat ook? Maakt financiële geletterdheid bijvoorbeeld deel uit van het leerplan?DE BECKKER. "Vlaanderen heeft sinds 1 september 2019 nieuwe eindtermen voor de eerste graad, waarin ook aandacht gaat naar basiscompetenties van financiële geletterdheid. In de toekomst volgen er nog voor de tweede en de derde graad. Dat is positief, aangezien jongeren bij het ouder worden ook met andere, meer complexe financiële beslissingen worden geconfronteerd. Terwijl een twaalfjarige bijvoorbeeld moet leren om met zijn eerste zakgeld om te gaan, zal een zestienjarige misschien zijn eerste vakantiejob hebben en moet een achttienjarige plannen hoe hij of zij een studiebudget moet beheren."Welke zijn de belangrijkste lessen voor jongeren?DE BECKKER. "Het is heel belangrijk de relevante onderwerpen op de juiste momenten aan de betrokken doelgroep aan te reiken. Zo ligt de vijftienjarige scholier nog niet wakker van hypothecaire leningen en heeft het weinig zin hem daarover te onderwijzen. Het is vooral belangrijk om te focussen op de onderwerpen die passen bij een bepaalde levensfase."Daarnaast moeten we proberen goede gewoontes aan te brengen vanaf een heel jonge leeftijd. Het concept van een spaarpot is iets wat een kind begrijpt en kan meenemen naar de toekomst. Nadien kan de financiële kennis worden opgebouwd, en kunnen naast sparen ook thema's zoals beleggen of schulden aan bod komen."De basiskennis zou je dus moeten meekrijgen op school. Maar ook op latere leeftijd moet de juiste informatie vlot toegankelijk blijven. Het gaat dan om just-in-time-initiatieven, gericht op specifieke financiële beslissingen."Zijn geldzaken voldoende bespreekbaar?DE BECKKER. "We zien wel dat er, onder meer door het aanpassen van de leerplannen, meer aandacht gaat naar kennis over financiële situaties van jongvolwassenen en het bijbrengen van goede kennis over geldzaken. Het onderwerp wordt ook meer en meer belicht door de media."Ook initiatieven zoals de onafhankelijke website Wikifin, het financiële geletterdheidsprogramma van de financiëletoezichthouder FSMA, spelen daarbij een rol. De heel uitgebreide website van Wikifin bevat veel neutrale informatie en is een uitstekende bron van lesmateriaal voor leerkrachten."Tot slot denk ik dat we moeten inzetten op sociale media. Aangezien jongeren voor veel informatie sociale media raadplegen, is het van belang dat ze ook daar neutrale info terugvinden."