Het mag duidelijk zijn dat het een zware rit is geweest. Vooral onder druk van Duitsland. Het moet niet altijd een Zwitser zijn, natuurlijk. Ander belangrijk verschil met de wielerklassieker is dat met Herman Van Rompuy wél een flandrien meereed in de finale, de laatste flandrien misschien.

Dat het akkoord er kwam, was voor de markten een belangrijk signaal. Vorige week stond immers opnieuw in het teken van de onzekerheid. En dat is, zoals bekend, iets wat de financiële markten kunnen missen als kiespijn. Toen vrijdag al bleek dat de Europese politici het Griekse reddingsplan verder zouden verfijnen, haalden de beurzen opgelucht adem en kon de eerste volledige beursweek van een nieuw kwartaal met mooie winstcijfers worden afgesloten.

Toch missen we nog iets. De beurzen verzamelen wel winsten, maar doen dat met onvoldoende overtuiging. Het bericht dat zo'n 200.000.000.000 (lees: tweehonderd miljard) euro op de Belgische spaarboekjes staat, bevestigt een en ander. Gemiddeld komt dat overeen met zo'n 20.000 euro per Belg. Een flink bedrag dat geparkeerd staat en slechts weinig opbrengt. Het betekent natuurlijk ook dat er momenteel nog heel wat potentieel aan de zijlijn geparkeerd staat. En zodra die centen hun weg naar de aandelenmarkten hebben gevonden, komt er vanzelfsprekend nog een pak energie vrij.

Op de wisselmarkten zijn de ogen op de euro gericht. De Europese eenheidsmunt is al enkele maanden de speelbal van speculanten die in de onduidelijkheid over het reddingsplan voor de Griekse schuldproblematiek een vruchtbare bodem vonden. George Soros, een van de bekendste speculanten aller tijden, waarschuwde vorig weekend in een interview met de Financial Times voor het uiteenvallen van de eurozone als de verschillende lidstaten niet snel water bij de wijn zouden doen om tot een akkoord te komen. Soros was de man die begin jaren negentig speculeerde tegen het ondergewaardeerde pond en de Britse regering uiteindelijk tot een devaluatie dwong.

Dat er nu meer details over het reddingsplan zijn bekendgemaakt, is goed nieuws voor de euro. De concrete cijfers en procenten vormen voor de financiële markten het bewijs dat er wel degelijk geld achter het plan staat. Dat de Europese regeringsleiders een consensus hebben gevonden over de rente die Griekenland moet betalen, is misschien vooral voer voor politieke analisten. Geen 7,5% maar 5%. Voor de financiële markten is het feitelijke bestaan van een plan al voldoende. Bewijs daarvan is dat Griekenland er maandag vlot in slaagde om 1,2 miljard dollar kortlopend papier op te halen.

Een vals gevoel van veiligheid? Misschien wel, want met het reddingsplan mag Griekenland op korte termijn dan wel over een financiële buffer beschikken, zodra die is opgebruikt, wacht het Zuid-Europese land ongetwijfeld een nieuwe bedeltocht. Want als er de voorbije maanden één ding duidelijk is geworden, dan wel dat de Grieken een totaal eigen invulling geven aan financiële transparantie. En dus blijven beleggers met een pak vragen en een groot gevoel van onzekerheid achter.

Waar trekken ze met die gevoelens naartoe? Naar veilige havens. En die vinden ze onder meer in overheidsobligaties van de beste leerlingen uit de euroklas: Duitsland, Frankrijk en Nederland. Maar ook goud blijft voor veel investeerders met koudwatervrees een aantrekkelijke plaats om een deel van hun centen veilig te parkeren. En daarin kunnen we ze geen ongelijk geven.

Het mag duidelijk zijn dat het een zware rit is geweest. Vooral onder druk van Duitsland. Het moet niet altijd een Zwitser zijn, natuurlijk. Ander belangrijk verschil met de wielerklassieker is dat met Herman Van Rompuy wél een flandrien meereed in de finale, de laatste flandrien misschien. Dat het akkoord er kwam, was voor de markten een belangrijk signaal. Vorige week stond immers opnieuw in het teken van de onzekerheid. En dat is, zoals bekend, iets wat de financiële markten kunnen missen als kiespijn. Toen vrijdag al bleek dat de Europese politici het Griekse reddingsplan verder zouden verfijnen, haalden de beurzen opgelucht adem en kon de eerste volledige beursweek van een nieuw kwartaal met mooie winstcijfers worden afgesloten. Toch missen we nog iets. De beurzen verzamelen wel winsten, maar doen dat met onvoldoende overtuiging. Het bericht dat zo'n 200.000.000.000 (lees: tweehonderd miljard) euro op de Belgische spaarboekjes staat, bevestigt een en ander. Gemiddeld komt dat overeen met zo'n 20.000 euro per Belg. Een flink bedrag dat geparkeerd staat en slechts weinig opbrengt. Het betekent natuurlijk ook dat er momenteel nog heel wat potentieel aan de zijlijn geparkeerd staat. En zodra die centen hun weg naar de aandelenmarkten hebben gevonden, komt er vanzelfsprekend nog een pak energie vrij. Op de wisselmarkten zijn de ogen op de euro gericht. De Europese eenheidsmunt is al enkele maanden de speelbal van speculanten die in de onduidelijkheid over het reddingsplan voor de Griekse schuldproblematiek een vruchtbare bodem vonden. George Soros, een van de bekendste speculanten aller tijden, waarschuwde vorig weekend in een interview met de Financial Times voor het uiteenvallen van de eurozone als de verschillende lidstaten niet snel water bij de wijn zouden doen om tot een akkoord te komen. Soros was de man die begin jaren negentig speculeerde tegen het ondergewaardeerde pond en de Britse regering uiteindelijk tot een devaluatie dwong. Dat er nu meer details over het reddingsplan zijn bekendgemaakt, is goed nieuws voor de euro. De concrete cijfers en procenten vormen voor de financiële markten het bewijs dat er wel degelijk geld achter het plan staat. Dat de Europese regeringsleiders een consensus hebben gevonden over de rente die Griekenland moet betalen, is misschien vooral voer voor politieke analisten. Geen 7,5% maar 5%. Voor de financiële markten is het feitelijke bestaan van een plan al voldoende. Bewijs daarvan is dat Griekenland er maandag vlot in slaagde om 1,2 miljard dollar kortlopend papier op te halen. Een vals gevoel van veiligheid? Misschien wel, want met het reddingsplan mag Griekenland op korte termijn dan wel over een financiële buffer beschikken, zodra die is opgebruikt, wacht het Zuid-Europese land ongetwijfeld een nieuwe bedeltocht. Want als er de voorbije maanden één ding duidelijk is geworden, dan wel dat de Grieken een totaal eigen invulling geven aan financiële transparantie. En dus blijven beleggers met een pak vragen en een groot gevoel van onzekerheid achter. Waar trekken ze met die gevoelens naartoe? Naar veilige havens. En die vinden ze onder meer in overheidsobligaties van de beste leerlingen uit de euroklas: Duitsland, Frankrijk en Nederland. Maar ook goud blijft voor veel investeerders met koudwatervrees een aantrekkelijke plaats om een deel van hun centen veilig te parkeren. En daarin kunnen we ze geen ongelijk geven.