De Dow Jones-index, de bekendste beursindex ter wereld, was de eerste om een nieuwe jaarpiek te bereiken. Ondertussen is ook de veel bredere en dus meer representatieve Standard&Poor's500-index (S&P500, index met de 500 belangrijkste Amerikaanse beursgenoteerde ondernemingen) al gevolgd. De Europese beursindices blijven (wat) achter, maar dat zal ook wel te maken hebben met de dollarzwakte van de jongste maanden, die een aantal (grote) Amerikaanse beurskapitalisaties bevoordeelt en een aantal (grote) Europese bedrijven benadeelt.

Het is ons opgevallen dat er telkens veel meer lawaai wordt gemaakt als er zich zo'n tussentijdse terugval manifesteert, dan wanneer dat er een nieuwe (jaar)top wordt bereikt. Dat voedt bijkomend de onderliggende angst die telkens opduikt dat de aandelenmarkten weer voor een zware terugval staan. De tweede enorme dreun (zomer 2007 tot voorjaar 2009) sinds 2000 heeft minder aandelenbeleggers uit de markt gejaagd dan de eerste (voorjaar 2000- voorjaar 2003), maar weerhoudt de meeste er nog altijd van om de aandelenposities terug aan te vullen. De vrees voor een nieuwe dreun is immers té groot. We komen eigenlijk zelden of nooit beleggers tegen die wel voor 100 % in het huidige beursherstel geloven.

Het zal wel weer een uitspraak zijn die wenkbrauwen doet fronsen, maar de recente kortstondige correctie en vooral de reacties erop heeft ons gerust gesteld. Er waren meer beleggers die er een 'excuus' in zagen om winsten van de jongste maanden veilig te stellen dan een opportuniteit om (bij) te kopen.

Anderzijds is het velen opgevallen dat de herstelbeweging totnogtoe tot stand komt aan de hand van beperkte volumes. Technische analisten zien liever dat de stijging wordt gedragen door forse omzetten en vrezen dan ook voor het voortbestaan van de herstelbeweging. Correcties zullen er blijven zijn, maar catastrofes verwachten we de komende tijd nog niet. Lage volumes kan men immers ook positief interpreteren. Zo zien wij het. Dat er nog zoveel geld langs de zijlijn staat, betekent dat er nog heel wat geld naar de aandelenmarkten kan terugkeren. De rendementen op vastrentende alternatieven zijn en blijven immers laag. Geen risico is ook onvoldoende rendement. Dat moet toch bij steeds meer mensen beginnen knagen. Dat knagend gevoel zal naarmate de voorgaande crash achter ons zal liggen en de beurzen telkens hun opwaartse trend hernemen, nog vermeerderen. In de jaren 2003-2004 lagen de volumes trouwens ook gemiddeld een pak lager dan in 2001-2002 of 2005-2007.

Danny Reweghs
Directeur strategie

De Dow Jones-index, de bekendste beursindex ter wereld, was de eerste om een nieuwe jaarpiek te bereiken. Ondertussen is ook de veel bredere en dus meer representatieve Standard&Poor's500-index (S&P500, index met de 500 belangrijkste Amerikaanse beursgenoteerde ondernemingen) al gevolgd. De Europese beursindices blijven (wat) achter, maar dat zal ook wel te maken hebben met de dollarzwakte van de jongste maanden, die een aantal (grote) Amerikaanse beurskapitalisaties bevoordeelt en een aantal (grote) Europese bedrijven benadeelt. Het is ons opgevallen dat er telkens veel meer lawaai wordt gemaakt als er zich zo'n tussentijdse terugval manifesteert, dan wanneer dat er een nieuwe (jaar)top wordt bereikt. Dat voedt bijkomend de onderliggende angst die telkens opduikt dat de aandelenmarkten weer voor een zware terugval staan. De tweede enorme dreun (zomer 2007 tot voorjaar 2009) sinds 2000 heeft minder aandelenbeleggers uit de markt gejaagd dan de eerste (voorjaar 2000- voorjaar 2003), maar weerhoudt de meeste er nog altijd van om de aandelenposities terug aan te vullen. De vrees voor een nieuwe dreun is immers té groot. We komen eigenlijk zelden of nooit beleggers tegen die wel voor 100 % in het huidige beursherstel geloven. Het zal wel weer een uitspraak zijn die wenkbrauwen doet fronsen, maar de recente kortstondige correctie en vooral de reacties erop heeft ons gerust gesteld. Er waren meer beleggers die er een 'excuus' in zagen om winsten van de jongste maanden veilig te stellen dan een opportuniteit om (bij) te kopen. Anderzijds is het velen opgevallen dat de herstelbeweging totnogtoe tot stand komt aan de hand van beperkte volumes. Technische analisten zien liever dat de stijging wordt gedragen door forse omzetten en vrezen dan ook voor het voortbestaan van de herstelbeweging. Correcties zullen er blijven zijn, maar catastrofes verwachten we de komende tijd nog niet. Lage volumes kan men immers ook positief interpreteren. Zo zien wij het. Dat er nog zoveel geld langs de zijlijn staat, betekent dat er nog heel wat geld naar de aandelenmarkten kan terugkeren. De rendementen op vastrentende alternatieven zijn en blijven immers laag. Geen risico is ook onvoldoende rendement. Dat moet toch bij steeds meer mensen beginnen knagen. Dat knagend gevoel zal naarmate de voorgaande crash achter ons zal liggen en de beurzen telkens hun opwaartse trend hernemen, nog vermeerderen. In de jaren 2003-2004 lagen de volumes trouwens ook gemiddeld een pak lager dan in 2001-2002 of 2005-2007. Danny Reweghs Directeur strategie