De economische inspectie controleert elk jaar in een aantal sectoren op de naleving van de basisregels, zoals de inschrijving in de kruispuntbank van ondernemingen of de correcte prijsaanduiding. Vorig jaar was dat het geval in voedingszaken, apothekers, opticiens, drogisterijen, doe-het-zelfzaken, stomerij- en strijkwinkels en krantenwinkels.

Uit de resultaten blijkt dat nogal wat zaken inbreuken pleegden op de basiswetgeving, blijkt uit cijfers van staatssecretaris De Bleeker. In 1.168 van de 2.350 gecontroleerde winkels, bijna de helft dus, werden inbreuken vastgesteld. Daar werden 1.320 waarschuwingen en 151 processen-verbaal voor uitgedeeld.

Bij 36,5 procent van de handelszaken ging het om inbreuken tegen de wetgeving rond de prijsaanduiding. Dat wil zeggen dat ze de prijzen niet of slecht zichtbaar aanbrachten, of prijzen afficheerden waar nog taksen en kosten op moesten worden betaald. Die cijfers liggen hoger dan vorig jaar, toen net geen 30 procent van de gecontroleerde winkels tegen de lamp liep voor foute prijsaanduidingen. Toen ging het echter om andere sectoren, wat vergelijken moeilijk maakt. Bovendien pleegde slechts 3,5 procent van de handelszaken zware inbreuken, zegt De Bleeker.

Desalniettemin benadrukt de staatssecretaris dat de cijfers naar beneden moeten. 'De consument moet altijd de correcte prijs van een product of dienst kunnen zien. Een correcte prijsaanduiding is immers essentieel voor de transparantie van de markt en laat de consumenten toe de prijzen objectief te vergelijken', zegt ze. De Bleeker spoort consumenten die mogelijke inbreuken zien tijdens het winkelen aan om dat te melden bij het meldpunt van de economische inspectie.

De economische inspectie controleert elk jaar in een aantal sectoren op de naleving van de basisregels, zoals de inschrijving in de kruispuntbank van ondernemingen of de correcte prijsaanduiding. Vorig jaar was dat het geval in voedingszaken, apothekers, opticiens, drogisterijen, doe-het-zelfzaken, stomerij- en strijkwinkels en krantenwinkels.Uit de resultaten blijkt dat nogal wat zaken inbreuken pleegden op de basiswetgeving, blijkt uit cijfers van staatssecretaris De Bleeker. In 1.168 van de 2.350 gecontroleerde winkels, bijna de helft dus, werden inbreuken vastgesteld. Daar werden 1.320 waarschuwingen en 151 processen-verbaal voor uitgedeeld.Bij 36,5 procent van de handelszaken ging het om inbreuken tegen de wetgeving rond de prijsaanduiding. Dat wil zeggen dat ze de prijzen niet of slecht zichtbaar aanbrachten, of prijzen afficheerden waar nog taksen en kosten op moesten worden betaald. Die cijfers liggen hoger dan vorig jaar, toen net geen 30 procent van de gecontroleerde winkels tegen de lamp liep voor foute prijsaanduidingen. Toen ging het echter om andere sectoren, wat vergelijken moeilijk maakt. Bovendien pleegde slechts 3,5 procent van de handelszaken zware inbreuken, zegt De Bleeker.Desalniettemin benadrukt de staatssecretaris dat de cijfers naar beneden moeten. 'De consument moet altijd de correcte prijs van een product of dienst kunnen zien. Een correcte prijsaanduiding is immers essentieel voor de transparantie van de markt en laat de consumenten toe de prijzen objectief te vergelijken', zegt ze. De Bleeker spoort consumenten die mogelijke inbreuken zien tijdens het winkelen aan om dat te melden bij het meldpunt van de economische inspectie.