Uit het onderzoek blijkt dat de Belg, in vergelijking met 5 jaar terug, een ongeveer 6% zwaardere lening over heeft voor het verwerven van zijn eigen woning. De gemiddelde leenduur blijft nagenoeg ongewijzigd (24,6 jaar in 2011 tegenover 24,8 jaar in 2007). Ondanks zijn zwaardere lening betaalt de Belg maandelijks gemiddeld hetzelfde bedrag terug dan 5 jaar geleden. Dit komt onder meer omdat hij meer eigen middelen in zijn woonproject inbrengt en de gemiddelde startrentevoet daalde van 4,60% naar 3,82%.

In 2011 investeerde de Belg 84.467 euro aan eigen middelen in de financiering van zijn woningproject tegenover 69.850 euro in 2007 of een toename van 21%. Een andere trend is de stijgende populariteit van de langere woonkredieten. Met de financiële crisis in 2008 kwam er steeds meer vraag naar woonkredieten op 30 jaar. In dat jaar was 35% van de Immotheker-leningen goed voor deze langetermijnformule. Dit percentage hield ook stand in 2009 en 2010, toen het economisch weer iets beter ging. Sinds 2011 wint de woonlening op 30 jaar opnieuw aan populariteit en stijgt het aandeel ervan in het totale leenaanbod tot 40%.

Uit het onderzoek blijkt verder dat het bedrag van de maandelijkse aflossing een plafond heeft bereikt. In 2011 betaalde de Belg gemiddeld 926 euro per maand af voor zijn woonkrediet. Dit bedrag is amper 4 euro meer dan 5 jaar geleden. Een van de redenen is waarschijnlijk de beperkte stijging van de gemiddelde reële lonen tussen 2007 en 2011 (namelijk van 2877 euro naar 2961 euro).

Tenslotte leert het onderzoek van Immotheker ons dat steeds minder Belgen meer lenen dan het bedrag dat nodig is voor de aankoop van hun woning. Terwijl in 2007 bijna 1 op 4 Belgen een extra bedrag leende voor de aankoopkosten, zakte dit percentage in 2011 naar 8%. Daaruit blijkt dat de belg bijna altijd de aankoopkosten met eigen middelen financiert.

Johan Steenackers

Uit het onderzoek blijkt dat de Belg, in vergelijking met 5 jaar terug, een ongeveer 6% zwaardere lening over heeft voor het verwerven van zijn eigen woning. De gemiddelde leenduur blijft nagenoeg ongewijzigd (24,6 jaar in 2011 tegenover 24,8 jaar in 2007). Ondanks zijn zwaardere lening betaalt de Belg maandelijks gemiddeld hetzelfde bedrag terug dan 5 jaar geleden. Dit komt onder meer omdat hij meer eigen middelen in zijn woonproject inbrengt en de gemiddelde startrentevoet daalde van 4,60% naar 3,82%. In 2011 investeerde de Belg 84.467 euro aan eigen middelen in de financiering van zijn woningproject tegenover 69.850 euro in 2007 of een toename van 21%. Een andere trend is de stijgende populariteit van de langere woonkredieten. Met de financiële crisis in 2008 kwam er steeds meer vraag naar woonkredieten op 30 jaar. In dat jaar was 35% van de Immotheker-leningen goed voor deze langetermijnformule. Dit percentage hield ook stand in 2009 en 2010, toen het economisch weer iets beter ging. Sinds 2011 wint de woonlening op 30 jaar opnieuw aan populariteit en stijgt het aandeel ervan in het totale leenaanbod tot 40%. Uit het onderzoek blijkt verder dat het bedrag van de maandelijkse aflossing een plafond heeft bereikt. In 2011 betaalde de Belg gemiddeld 926 euro per maand af voor zijn woonkrediet. Dit bedrag is amper 4 euro meer dan 5 jaar geleden. Een van de redenen is waarschijnlijk de beperkte stijging van de gemiddelde reële lonen tussen 2007 en 2011 (namelijk van 2877 euro naar 2961 euro). Tenslotte leert het onderzoek van Immotheker ons dat steeds minder Belgen meer lenen dan het bedrag dat nodig is voor de aankoop van hun woning. Terwijl in 2007 bijna 1 op 4 Belgen een extra bedrag leende voor de aankoopkosten, zakte dit percentage in 2011 naar 8%. Daaruit blijkt dat de belg bijna altijd de aankoopkosten met eigen middelen financiert.Johan Steenackers