De Amerikaanse centrale bank, de Federal Reserve, is er met haar renteverlaging niet in geslaagd Wall Street nieuwe records te laten optekenen voor de indices, op de eerste plaats de breed gevolgde Standard&Poor's500-index. Door de anticipatie op een tweede renteverlaging dit jaar werden wel de piekniveaus uit juli bereikt, maar een doorbraak van de referentie-index voor de beurs van New York wist een verdeelde Fed niet tot stand te brengen. De economische indicatoren vallen nog altijd tegen. De Amerikaanse president Donald Trump komt politiek meer en meer in de problemen en wil een volledige handelsdeal met China, desnoods na de presidentsverkiezingen in november 2020.

Ons oog viel op een rapport van de Amerikaanse aandelenstrateeg Mike Wilson van Morgan Stanley. Hij wees erop dat de S&P500-index er niet in slaagde een nieuwe piek te bereiken, en dat dat al bijna een jaar niet meer is gelukt ten aanzien van de goudprijs. Die piek dateert van 27 september 2018. De verhouding tussen de S&P500-index tegenover de goudprijs per troy ounce in dollar bedroeg toen bijna 2,5. In 2011 was dat nog ongeveer 0,7. Op de opflakkering in de eerste helft van 2016 na - in volle twijfel over de Chinese groei - heeft de Amerikaanse beurs het haast continu en systematisch beter gedaan dan het gele metaal sinds 2011. Tot de afgelopen twaalf maanden. Met een S&P500 in de buurt van 3000 punten en een goudprijs die cirkelt rond 1500 dollar per troy ounce zitten we rond een verhouding van 2.

Negatief signaal

Eerder dit decennium ging een recordpeil voor de S&P500-index bijna altijd gepaard met een piek in de onderlinge verhouding. Dat de belangrijkste Amerikaanse beursindex onlangs opnieuw klom naar zijn historische piek op het moment dat de ratio tussen de S&P500 en goudprijs haast 20 procent onder de top noteert, beschouwt Wilson als een 'bearish' of negatief signaal. En we volgen hem daarin.

In die context stellen we dat de zomerklim er is gekomen zonder glitter en glamour. Het was een rally zonder veel kwaliteit en diepgang. Dat geeft, in combinatie met de forse stijging van andere alternatieven zoals cryptomunten dit jaar, aan dat beleggers er niet meer het volste vertrouwen in hebben. Niet in de slaagkansen van Trump in de handelsoorlog met China. Niet in de effectiviteit van het monetair beleid. Niet in de kwaliteit van de stijging van de bedrijfsresultaten.

We houden er nog wel rekening mee dat de aandelenmarkten op kortere termijn - weken of maanden - weer naar beneden kunnen alvorens hun opwaartse tendens te hernemen. Dat betekent dat we de opbouw van aandelenposities niet mogen overhaasten. Aan de andere kant moeten we de posities in edelmetalen niet overdrijven. Geleidelijkheid is het kernwoord.