De zorgen over de situatie in het Midden-Oosten, de gevolgen van de aardbeving in Japan en de Europese schuldcrisis werden dus heel snel afgeschud. In China steeg de index die de activiteit van de verwerkende industrie meet in maart tegenover een maand eerder maar de toename lag wel iets onder de prognoses.

In de Verenigde Staten en Europa kwamen de meeste macro-economische cijfers in lijn met de verwachtingen uit. Het Amerikaanse arbeidsmarktrapport was wel een meevaller.

Er werden meer banen gecreëerd dan verwacht en het werkloosheidspercentage (8,8) was in twee jaar niet meer zo laag.

Op de grondstofmarkten waren de prijsverschillen op weekbasis eerder klein. Energie werd opnieuw duurder maar de grootste klim was weggelegd voor de granen.