We kunnen niet genoeg beklemtonen hoe belangrijk de gesynchroniseerde heropleving van de wereldeconomie - en die van de Europese economie in het bijzonder - wel zijn. Met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid - de meeste cijfers over het vierde kwartaal ontbreken nog - is de economie van de 45 landen die de OESO volgt, gegroeid in 2017. Dat gebeurt voor het eerst sinds de Grote Recessie van 2008 en 2009.

De jarenlange ongebreidelde liquiditeitsinjecties van de centrale banken hebben hun effect uiteindelijk toch niet gemist. Al blijft de vaststelling dat de groei van de wereldeconomie aan het begin van 2018 nog altijd een stuk onder het niveau ligt van voor de bankencrisis.

Tot nu was dat een rooskleurige tijd voor de aandelenmarkten. De economische groei biedt vooruitzichten op gemiddeld uitstekende bedrijfsresultaten, met een fraaie winstgroei. Bovendien liepen economen en strategen de voorbije twaalf maanden voortdurend achter op de opgeklaarde economische werkelijkheid. Door de vele jaren van teleurstelling over de groei bleven de meesten voorzichtig in hun analyses en vooruitzichten. Maar de afgelopen maanden zijn de groeiprognoses vrij fors opgetrokken. De tijd dat die automatisch door de realiteit werden verslagen, is wellicht voorbij.

Toenemende rentedruk

Vandaar dat we sinds begin dit jaar hebben gesteld dat het economische plaatje er in 2018 beter uitziet dan het beursplaatje. Geleidelijk aan zal bij alle marktpartijen het besef groeien dat het herstel reëel en stevig is, en dat het dus wellicht nog enige tijd meegaat. Dat kan bijna niet anders dan betekenen dat de rente naar omhooggaat. Steeds meer strategen durven hardop te zeggen dat de westerse obligatiemarkten voor de zwaarste berenmarkt (dalende trend voor de obligatiekoersen, met opgaande rentetarieven) in veertig jaar staan. De neerwaartse druk op de obligatiekoersen neemt toe.

Dat hoeft de beurzen nog niet meteen onderuit te halen, maar op Wall Street verminderen dan snel een aantal koopargumenten. Door de forse opstoot is de tweejarige rente op Amerikaans overheidspapier gestegen tot boven het gemiddelde dividendrendement van de Standard&Poor's500-aandelen. Dat klassieke koopargument van de voorbije jaren valt weg.

Daarnaast is de sterke stijging op Wall Street de voorbije twee jaar slechts voor een derde een gevolg van hogere bedrijfswinsten en voor twee derde van oplopende waarderingen. De Shiller-koers-winstverhouding, die de winsten over een lange termijn in ogenschouw neemt, is opgelopen tot 31,3, het op één na hoogste cijfer in de geschiedenis. Enkel in 2000 lag het nog hoger. De factoren voor een zwaardere terugval later dit jaar zijn dus aanwezig. Vandaar dat wie nog aandelen wil kopen, daar het beste meteen werk van maakt.