Vorige week interviewde de Financial Times Bolton waarbij de volgende observaties interessant waren:

In dertig jaar fondsbeheer heeft Anthony Bolton misschien maar een half dozijn keer een echt overtuigde marktvisie gehad. Maart 2009 was daar één van. Dhr Bolton houdt drie indicatoren in de gaten om in te schatten of markten dichtbij een belangrijke top dan wel een bodem staan. Een eerste is de historiek van beren- en stierenmarkten. In maart 2009 was de baissemarkt in sommige aspecten uitgegroeid tot een van de ergste in honderd jaar. De gecumuleerde aandelenreturn op tien jaar was negatief, wat uiterst zeldzaam is.

Ten tweede is er het beleggerssentiment. Dat was sinds de jaren 70 niet meer zo slecht geweest, met een enorme hoeveelheid cash die aan de zijlijn geparkeerd stond.

Ten derde is er de waardering, vooral dan de beurskoers tegenover de boekwaarde en de kasstroom. En ook die had Bolton nog nooit zo belachelijk laag gezien.

Alle drie indicatoren wezen op een prachtige koopopportuniteit. Nu de beurzen in zes maanden 50% gestegen zijn, is die overtuiging een stuk minder bij dhr Bolton. Maar hij is er nog steeds van overtuigd dat we in een fundamenteel stijgende markt zitten. Dit is geen 'bear market rally'.

Volgens Bolton stevent het Westen af op een lange periode met lage groei. Dat is niet per se slecht voor aandelen, maar het contrast met de opkomende markten zal groot zijn. Het Westen heeft een hypotheek op de toekomst genomen om de crisis op te lossen. Volgens Bolton is het mogelijks tijd om een meerderheid van de beleggingsportefeuille te stofferen met aandelen uit opkomende markten.

Vorige week interviewde de Financial Times Bolton waarbij de volgende observaties interessant waren: In dertig jaar fondsbeheer heeft Anthony Bolton misschien maar een half dozijn keer een echt overtuigde marktvisie gehad. Maart 2009 was daar één van. Dhr Bolton houdt drie indicatoren in de gaten om in te schatten of markten dichtbij een belangrijke top dan wel een bodem staan. Een eerste is de historiek van beren- en stierenmarkten. In maart 2009 was de baissemarkt in sommige aspecten uitgegroeid tot een van de ergste in honderd jaar. De gecumuleerde aandelenreturn op tien jaar was negatief, wat uiterst zeldzaam is. Ten tweede is er het beleggerssentiment. Dat was sinds de jaren 70 niet meer zo slecht geweest, met een enorme hoeveelheid cash die aan de zijlijn geparkeerd stond. Ten derde is er de waardering, vooral dan de beurskoers tegenover de boekwaarde en de kasstroom. En ook die had Bolton nog nooit zo belachelijk laag gezien. Alle drie indicatoren wezen op een prachtige koopopportuniteit. Nu de beurzen in zes maanden 50% gestegen zijn, is die overtuiging een stuk minder bij dhr Bolton. Maar hij is er nog steeds van overtuigd dat we in een fundamenteel stijgende markt zitten. Dit is geen 'bear market rally'. Volgens Bolton stevent het Westen af op een lange periode met lage groei. Dat is niet per se slecht voor aandelen, maar het contrast met de opkomende markten zal groot zijn. Het Westen heeft een hypotheek op de toekomst genomen om de crisis op te lossen. Volgens Bolton is het mogelijks tijd om een meerderheid van de beleggingsportefeuille te stofferen met aandelen uit opkomende markten.